Wat je allemaal probeert om je baby aan het slapen te krijgen (ook als het onzin is)

Wat je allemaal probeert om je baby aan het slapen te krijgen (ook als het onzin is)
Baby’s en slapen, dat is vaak wel een eh…dingetje. En na de zoveelste gebroken nacht ben je bereid om je in allerlei bochten te wringen om je kind maar aan het slapen te krijgen. Gelukkig zijn er 1001 hacks die perfecte nachten beloven. Vala probeerde ze bij haar twee oudste kinderen állemaal. Zonder succes. Een greep uit de zogenaamde wondermiddeltjes:

Lees ook: Nee, inbakeren is niet zielig!

  • Een dikkere slaapzak. Want: misschien heeft de baby het koud. Dat was in mijn geval eigenlijk godsonmogelijk, want wij woonden destijds in Californië, waar het zelfs in januari nog 25 graden was. Gevolg was dat mijn beide kinderen zich rot lagen te zweten in hun door mij uit Nederland geïmporteerde winterse fleeceslaapzakken en daar bepaald niet beter van gingen slapen.
  • Een dunnere slaapzak. Want: misschien heeft de baby het warm. Wat ook godsonmogelijk was, aangezien het in Californië ‘s nachts afkoelt tot een zeer acceptabele 15 tot 18 graden en het in huis dus nooit kouder werd dan een graad of 21. Bovendien hadden we airco en kon de babykamer op écht subtropische dagen dus nog steeds tot op de perfecte temperatuur worden afgekoeld.
  • Geen slaapzak. Want: misschien heeft de baby vrijheid nodig. Wat de baby vooral nodig had was het groeien van de verbindingen in zijn hersenen, wat hem in staat zou stellen langere tijd achter elkaar te slapen. Iets dat in principe vanzelf gebeurt, helaas alleen niet binnen twee maanden na de geboorte.
  • Een papfles. Want: een stevige bodem van rijstebloem leggen om 23.00 uur ‘s avonds zorgt gegarandeerd voor een acht uur durend babycoma. In retrospect vreemd dat ik me dat heb laten aanpraten, aangezien rijstebloem weinig meer is dan vulmiddel, het biedt geen extra voedingsstoffen. Je kunt in principe dus net zo goed gesnipperd karton in dat flesje gooien, want daar heeft de baby net zoveel (of eigenlijk dus net zo weinig) aan.
  • Een mobile met dolby surround sound en lichtprojectie. Vooral af te raden bij een prikkelgevoelige baby, weet ik inmiddels uit ervaring. Ik denk dat we de gebroken nachten met minstens twee maanden hebben verlengd door de nachtmerries die mijn zoon kreeg van de voorbij zwiepende, dansende pinguïns die dat apparaat op het plafond projecteerde.
  • Een peperdure automatische schommelstoel met verschillende standen en draaiende schaapjesmobile. Een half maandsalaris heb ik stukgeslagen op dat ding, dat ons gegarandeerd zalige nachten beloofde. Niet alleen duurde het een week voor we het monster in elkaar hadden gemonteerd, hij bleek ook nog eens een angstaanjagend monotoon klikgeluid te maken, waar mijn baby iedere keer in paniek van wakker schrok.
  • Lavendelolie. Iedere avond voor het slapengaan je kind overgieten met dat spul en je zou niet weten wat een rust je ten deel zou vallen. Ik zat echter alleen maar met een baby die zo vettig werd dat ‘ie zowat tussen de spijltjes van het ledikant door glibberde en bovendien misselijk werd van de constante geur van die paarse bloemetjes.
  • Homeopathische druppeltjes. Wat precies de werking ervan moest zijn, geen idee, maar ik heb wekenlang mijn kind van die druppels gegeven omdat Dr. Vogel zei dat dat een goed idee was. Ik denk dat vooral Dr. Vogel zélf lekker slaapt door dat spul. Of door het geld dat ‘ie ervan opstrijkt in ieder geval.
  • Rust en regelmaat. Weken heb ik een soort totaal monotoon leven geleid om mijn kind het ritme te geven dat hij volgens de babybijbels nodig had. Achteraf gezien had ik misschien beter drie keer per dag met hem over de kop in achtbaan kunnen gaan. Misschien dat ‘ie daar wel van in slaap was gevallen.
  • Een dromenvanger. Want wie weet had de baby nachtmerries. Ik bedoel, je weet het niet. Voor hetzelfde geldt werd dat kind ‘s nachts achterna gezeten door reusachtige melkflessen met slagtanden. Dus repte ik me naar een winkeltje met zelfgefröbelde Tibetaanse snuisterijen en hing zo’n ding boven het wiegje. Hij ving inderdaad heel veel. Heel veel stof.
  • Stofzuigen (ja, ook midden in de nacht). Ik had namelijk gehoord over de wonderen van ‘white noise’, wat de baby het gevoel zou geven dat ‘ie terug was in de baarmoeder. Een slapende baby kreeg ik er niet van. Wel een burenruzie.
  • Verduisteren. Ik heb maandenlang met knijpers een gitzwart laken voor het raam van mijn babyzoon gehangen als hij ging slapen. Wij hadden geen babykamer, maar een batcave. Daardoor ziet mijn zoon in het donker wel beter dan de gemiddelde kat. Wat op zich wel handig is voor iemand die nooit slaapt.
  • Nachtlampjes. Je hebt ze in vele soorten en maten. Ik heb ze ALLEMAAL geprobeerd. Nijntjelampjes, wolkenlampjes, perenlampjes, schildpaddenlampjes. Lampjes in één kleur, lampjes in verschillende kleuren, lampjes met een timer, you name it, I’ve tried it. Inmiddels kan ik een hele stad verlichten. Wat een kind aan het slapen krijgen betreft tast ik echter nog steeds in het duister.
  • Baby slaap-theorieën. Je hebt er ongeveer 100.000. Tegen de tijd dat je kind 3 jaar is heb je ze allemaal wel geprobeerd (geloof me, ik kan het weten). En dan gaat je kind eindelijk doorslapen. Uit zichzelf dus. Tja. Iets met dat geduld een schone zaak is.

Gelukkig is er koffie.

Wat heb jij allemaal geprobeerd om je kind aan het slapen te krijgen? Vertel het op onze Facebookpagina!

Lees ook: Hoe wij eindelijk weer in de wereld der slapenden belandden.

Bekijk ook: Femke dacht Max blij te maken met een lekkere boterham. Dit bleek lastiger dan gedacht…