Relaxte mama, relaxte baby? Tja…

Heb jij een moeilijke baby? Eentje die veel huilt, onrustig is, niet slaapt? Dat ligt aan jezelf. Moet je maar relaxter zijn. Vindt men vaak. Want het is gewoon een mindset. Maar, hoe moet je in hemelsnaam relaxen met een huilbaby? Vala kreeg het in ieder geval niet voor elkaar.

Tijdens mijn derde zwangerschap kwam ik een moeder tegen die gezegend was met een makkelijke baby. Ze kon haar zoon overal mee naar toe nemen, want hij sliep toch wel in de wagen. Huilen deed ‘ie eigenlijk ook nooit en hij sliep al vanaf week drie door. Haar eigen verdienste, vond ze, want zij was gewoon een relaxte mama. En dus had ze ook een relaxte baby, want haar ontspannen modus operandi gaf ze aan hem door. Ik spatte bijna uit mijn vel van jaloezie, want wat had ik veel over gehad voor zo’n Zen-baby. Maar ik had mijn eerste twee baby’s ternauwernood overleefd. Die waren namelijk alles behalve Zen. En dat lag dus kennelijk aan mij. Ik was blijkbaar een neurotische hysterica en daarom kreeg ik horrorbaby’s. Nou, daar ben je dan mooi klaar mee.

Lees ook: Waarom een tweede zwangerschap zo anders is dan de eerste.

En deze moeder was niet de enige die een dergelijke mening is toegedaan. Veel vaker heb ik mensen horen zeggen dat het aan jezelf ligt hoe ontspannen je baby is. Dat makkelijke moeders makkelijke baby’s maken. Dat als je ‘gewoon een beetje relaxt’ bent, je baby een soort permanent doorslapende buddha wordt die de hele dag gelukzalig op een knisperboekje ligt te kauwen. Maar weet je wat: I call bullshit. Moeilijke baby’s worden niet gemáákt, die worden gewoon gebóren. En probeer met zo’n bewerkelijk exemplaar dan maar eens relaxt te blijven. Probeer maar eens niet gestresst te raken als je een baby hebt die ’s nachts tien keer wakker wordt. Of een baby die elke dag uren achter elkaar de longen uit z’n lijf krijst. Een baby met veel kramp, of met reflux, of die gewoon niet lekker in z’n vel zit omdat ‘ie moet wennen aan de wereld. Zie dan maar eens de relaxte mama uit te blijven hangen, terwijl je met je rood aangelopen krijsbaby in die hippe koffiebar zit met je enorm relaxte vriendinnen. Kalmte alleen kan je redden, ja. Maar sorry, mijn Zen is dan ver te zoeken.

Ik was enorm relaxt voor ik mijn eerste kind baarde en ja, ik dacht ook dat ik die houding over zou dragen op mijn baby. En ik heb het echt geprobeerd hoor, rustig te blijven tijdens al het huilen, niet te stressen over weer een gebroken nacht, mijn baby’s gewoon overal mee naartoe te nemen. En toch waren mijn eerste twee kinderen een stel neuroten op steroïden, waar gewoonweg niet tegenop te relaxen viel. Zo waren ze gewoon. Zíjn ze gewoon eigenlijk, want nog steeds zijn het pittige types die me soms tot het uiterste drijven. Maar dat heb ík niet gedaan, want moeilijke kinderen worden niet zo gemáákt, die komen gewoon zo uit de baarmoeder rollen. Zes jaar en twee terrorbaby’s later weet ik dat, omdat ik onlangs opnieuw een kind kreeg. En die wordt later ongetwijfeld yoga-instructrice, want de Zen spuit zowat uit haar oren.

Na twee lieve, maar ontzettend bewerkelijke baby’s, heb ik nu een derde waar een Tibetaanse monnik nog gestresst bij afsteekt. Zo’n dikke, ronde buddhababy waar je echt geen kind aan hebt. Ze ligt altijd maar te lachen onder haar speelboog en als je maar af en toe onder haar één van haar drie onderkinnen kietelt is ze zielsgelukkig. Ze kan rustig een uur met een knuffeltje liggen prutsen, of klaarwakker in haar bedje met een grote grijns op haar gezicht naar haar mobile liggen staren. Soms vergeet ik gewoon (heel even, rustig maar) dat ze er is. Na zes weken sliep ze door en dat doet ze meestentijds nog steeds. Zelfs als ze ziek is, pijn en koorts heeft, produceert ze nog de mooiste lachjes en is ze makkelijk te troosten. Mijn oudste twee hebben het meest relaxte zusje van de wereld. En ze hebben toch echt alledrie dezelfde mama.

Ik doe niks anders bij mijn derde kind, dan bij de eerste twee. Ik ben nog steeds dezelfde persoon, dezelfde moeder. Sterker nog, ik denk eigenlijk dat ik tegenwoordig een stuk minder relaxed ben, want ik heb het een stuk drukker. Ik moet veel harder werken, veel meer ballen in de lucht houden en daar raak ik soms best wel gestresst van. Maar mijn kind, dat blijft maar makkelijk. Omdat dat is wie ze ís. Een don’t worry be happy type, wat het leven over zich heen laat komen en alles neemt zoals het komt. Een kind komt niet ter wereld als een onbeschreven blad, een kind ís al iemand op het moment dat het geboren word. En ja, daar valt best nog wel wat aan te kneden, maar een groot deel ligt gewoon al vast. Een baby, hoe klein en onwetend ook, is een persoontje. Met een heel eigen karakter. En hoe ontspannen jij ook bent, van een piekeraar maak jij niet opeens een flierefluiter. Van een pessimist geen optimist. En van een stresskip ook geen Zenboeddhist. Al was je de Dalai Lama in hoogst eigen persoon.

Lees ook: Waarom moeders van temperamentvolle kinderen regelmatig Sjaak Afhaak zijn.

Lees ook