Waarom het onzin is dat ‘alle vrouwen borstvoeding kunnen geven’

De laatste jaren wordt er steeds meer gehamerd op het belang van borstvoeding voor baby’s. En inderdaad, het is goed voor je kind en hoe meer informatie en begeleiding, hoe beter. Maar wat er ook gezegd wordt is dat eigenlijk alle vrouwen hun kind zelf kunnen voeden. En dat is dus gewoon niet waar.

Ik heb op deze website al vaak geschreven over borstvoeding. En vooral over de waanzinnige druk die moeders tegenwoordig voelen om hun kind zelf te voeden. De schuldgevoelens die daarmee gepaard gaan als het niet lukt, of als ze ‘te vroeg’ stoppen omdat het teveel moeite kost. Het gevoel van falen dat ze daarvan krijgen, omdat ze het toch zouden moeten kunnen. Want alle vrouwen kunnen voeden, toch? Die borsten hebben we tenslotte niet voor niets. Dat is althans wat we ingeprent krijgen. Het is een theorie waar ik me al jarenlang tegen verzet en de reden dat ik kritische artikelen over borstvoeding blijf schrijven. Niet omdat ik tegen borstvoeding ben, zoals de moedermelkmaffia dan altijd weer stante pede begint te gillen, want dat is helemaal niet zo. Ik ben hartstikke voor borstvoeding. Waar ik tegen ben is het feit dat we structureel liegen tegen vrouwen die moeite hebben met dat voeden. Want het is gewoon niet zo dat alle vrouwen kunnen voeden. En daar moeten we eerlijk over zijn.

LEES OOK: Hoe ik een overdosis bolletjes nam op de parkeerplaats van de supermarkt

Maar liefst 12 tot 15 procent van de vrouwen is niet in staat genoeg melk te produceren om hun baby mee te voeden, of kan zelfs helemaal niet zelf voeden. De oorzaak is een kwaal die Insufficient Glandular Tissue (IGT) heet, wat betekent dat de melkklieren in de borsten van een vrouw verdrongen worden door vetweefsel. Er zijn verscheidene theorieën over waarom de borsten van sommige vrouwen zich in hun puberteit op deze manier ontwikkelen, maar op dit moment is daar nog geen consensus over. Een vrouw voordat ze een kind heeft diagnosticeren met IGT is lastig, aangezien je het niet met een (bloed)test kunt vaststellen, maar een goede indicatie voor de kans op voedingsproblemen kan wel gegeven worden door te kijken naar de borsten van een vrouw. Wat vrouwen met IGT met elkaar gemeen hebben is namelijk dat hun borsten een enigszins buisachtige vorm hebben, ipv de ronde vorm die kenmerkend is voor ‘normale’ borsten. Daarnaast zijn hun borsten meestal a-symmetrisch en de aureola’s erg groot. IGT-borsten groeien vaak niet of nauwelijks gedurende een zwangerschap, wat logisch is aangezien de melkklieren zich dus niet hebben ontwikkeld zoals zou hebben gemoeten. Verloskundigen, lactatiedeskundigen en andere professionals kunnen met deze kenmerken een redelijke inschatting maken of een vrouw al dan niet lijdt aan IGT en of borstvoeding geven voor haar dus wellicht onmogelijk is. Desondanks zijn vrouwen hiervan vrijwel nooit op de hoogte. En blijft menig vrouw achter met een levenslang en knagend schuldgevoel over haar falen als moeder. Want ipv de geruststelling dat het niet haar schuld is dat ze haar kind niet kon voeden, wordt haar vaak stilzwijgend verweten dat ze gewoon niet genoeg haar best heeft gedaan. Want, ‘alle vrouwen kunnen het’.

Zelf vond ik het ook vreemd dat mijn borsten geen millimeter groeiden tijdens mijn eerste zwangerschap. En ik had ook altijd al gevonden dat ze er, in vergelijking met de borsten van mijn vriendinnen en die van andere vrouwen die ik door de jaren heen had gezien, wel wat afwijkend uitzagen. Meerdere keren heb ik een reconstructie overwogen voor die vreemde, puntige, ongelijke, ver uit elkaar staande, hompjes vlees die in mijn geval voor borsten moesten doorgaan, maar ondanks dat er door de jaren heen menig medisch professional een blik op mijn borstpartij heeft geworpen, is er nooit iemand geweest die mijn vermoeden dat er iets niet klopte bevestigde. Zelfs de verschillende lactatiedeskundigen die ik na de geboorte van mijn oudste twee kinderen inschakelde toen het maar niet wilde lukken met de borstvoeding onderkenden niet dat mijn borsten gewoon niet gemaakt waren om te voeden. Wat ze wel deden was me twaalf keer per dag laten kolven, peperdure kruiden laten kopen, ranzige thee laten drinken en me keer op keer inwrijven dat ik ‘gewoon even moest doorzetten’. Alsof ik dat al niet deed. Alsof mijn dagen niet al alleen nog maar bestonden uit het met man en macht proberen te produceren van melk en het mezelf helemaal uitputten in dat proces. Zoals heel veel vrouwen dat doen. Omdat hen niet wordt verteld dat ze er niks aan kunnen doen dat het niet gaat, maar dat ze eigenlijk gewoon slechte, luie moeders zijn die zich niet genoeg inzetten voor hun kind. En dat gaat je als moeder niet in je koude kleren zitten.

Jaren later was er een gynaecoloog die na het aanhoren van mijn borstvoedingssaga een blik op de dames wierp en zei dat het haar logisch leek dat ik ‘met die dingen’ niet had kunnen voeden. Dat deed mijn borstencomplex op estethisch gebied geen goed, maar daar stond tegenover dat ik eindelijk mijn schuldgevoel van me af kon schudden, omdat het dus allemaal inderdaad mijn schuld helemaal niet bleek te zijn. Boos was ik wel, dat niemand eerder de moeite had genomen om mij gewoon even te vertellen dat het dus helemaal niet aan mij en mijn toewijding als moeder had gelegen. En ik denk dat meer vrouwen gebaat zouden zijn bij die informatie. Ook borstvoedingsorganisatie La Leche League onderkent het probleem van vrouwen met TGI en bevestigt dat er wel degelijk een aanzienlijk percentage vrouwen is dat gewoon fysiek niet in staat is om te voeden. Echter, “De berichtgeving hierover is een lastige kwestie”, aldus Linda Smith, lid van de Raad van Bestuur van La Leche League in de Verenigde Staten in een interview met The Cut, “We willen vrouwen zoveel mogelijk stimuleren om te borstvoeden en het risico is dat vrouwen snel opgeven terwijl er ook veel kwalen en moeilijkheden zijn die eenvoudig opgelost kunnen worden. Maar inderdaad, het aantal vrouwen dat echt niet kan voeden is waarschijnlijk groter dan veel vrouwen weten.”

Borstvoeding is goed voor je baby, dat is ontegenzeggelijk waar. Laten we het dus ook vooral promoten en moeders ermee helpen waar we kunnen. Maar laten we er ook vooral eerlijk over zijn. Vertellen dat het met een beetje toewijding en hulp vaak prima lukt, maar soms dus ook niet. Dat sommige vrouwen het gewoon niet kunnen. Dat hun lichaam het niet kan. Ook al zijn we ‘ervoor gemaakt’, in biologisch opzicht. In principe zijn de baarmoeders van vrouwen ook gemaakt om baby’s te dragen, maar toch kan er niet in ieder baarmoeder een kind groeien. Er is zoveel waar we theoretisch gezien voor gemaakt zijn, maar de praktijk pakt soms nou eenmaal anders uit. Dat hoort bij het leven, want de regels kunnen nou eenmaal alleen bestaan bij de gratie van de uitzonderingen, dus laten we dan niet doen alsof die uitzonderingen niet bestaan en mensen het gevoel geven dat ze slecht zijn omdat ze niet in een bepaald hokje passen.

Er wordt door de, vaak nogal militante, pro-borstvoedingsbeweging geroepen dat borstvoeding in het verdomhoekje zit en dat borstvoedende vrouwen aan de lopende band gediscrimineerd worden. Dat borstvoeding ‘genormaliseerd’ moet worden. Hoewel ik het absoluut eens ben met de stelling dat borstvoeding in de maatschappij als normaal gezien moet worden en dat geen enkele vrouw bekritiseerd zou mogen worden vanwege het voeden van haar kind, vergeet de melkbrigade helaas nogal eens dat er ook een andere kant van de medaille is: namelijk die van de flessendiscriminatie. De druk om borstvoeding te geven is de laatste jaren zo groot geworden dat vrouwen zichzelf letterlijk gek maken in hun pogingen zelf te voeden. De Amerikaanse organisatie Fed is Best luidt zelfs de noodklok, aangezien er baby’s doodgaan aan ondervoeding omdat hun moeders ze koste wat het kost borstvoeding willen geven terwijl dat niet lukt. En vrouwen verketteren omdat ze geen borstvoeding geven is precies dat waar de borstvoedingsbeweging zo tegen ageert: discriminatie van moeders. Want borstvoedende moeders mogen niet bekritiseerd worden, maar wie met de fles voedt mag wel het stempel krijgen van ontaarde moeder? Dat lijkt toch mij een geval van de pot die de ketel nogal onterechte verwijten maakt.

En dan is er nog dit: eigenlijk doet het er gewoon niet toe waarom een vrouw geen borstvoeding geeft. Het is goed om te weten dat het regelmatig niet lukt omdat het simpelweg niet kan, maar niet willen is ook een legitieme reden. Stoppen is prima en er helemaal niet eens aan beginnen ook. Niet kunnen betekent niet alleen dat je het fysiek niet voor elkaar krijgt, niet kunnen kan ook betekenen dat het je mentaal gewoon niet lukt. Om wat voor reden dan ook. Dus nee, niet alle vrouwen kunnen borstvoeding geven. Ook al zijn we ervoor gemaakt. En gelukkig is er flesvoeding. Want weet je waar dat voor is gemaakt? Voor baby’s. Komt dat even goed uit.

LEES OOK: Ja, het gaat heel snel voorbij – en waarom ik dat niet erg vind.

Vala (36) is journalist en tekstschrijver en heeft drie kinderen: een zoon van 7, die autisme heeft en twee dochters van 6 en 2 jaar. Vala heeft een chronische ziekte, maar probeert zich daar niks van aan te trekken (wat soms jammerlijk mislukt). Ze is getrouwd met Mario en samen runnen ze een nogal gemankeerd, maar heel erg leuk gezin. Want saai is het in ieder geval nooit.

Lees ook
Geschreven door
More from Vala van den Boomen

Toen Vala naar het Consultatiebureau ging en opeens een debiele baby had

Het Consultatiebureau. Het is goed dat ze er zijn, maar menig moeder...
Lees verder