Waarom ik nog steeds niet zeker weet of mijn gezin ‘compleet’ is

Waarom ik nog steeds niet zeker weet of mijn gezin ‘compleet’ is
Sommige mensen schijnen het op een dag te weten: na het eerste/tweede/zesde kind is hun gezin ‘compleet’. Maar… hoe weet je zoiets nou? 

Laatst hoorde ik het weer eens iemand zeggen: een vriendin van een vriendin had haar tweede kind gekregen en toen wist ze het heel zeker: haar gezin was compleet. Twee kinderen – het waren ook nog eens een jongen en een meisje – dat was alles wat ze altijd had gewenst. En nu had ze het. Geen haar op haar hoofd leek nog te overwegen ooit weer zwanger te worden.

Lees ook: Een derde kind? Je gevoel zegt ja, je verstand zegt nee.

Ik vind dat dus zó knap. Die zekerheid. Die stelligheid. Dat gevoel van ‘compleetheid’. Mij is dat hele gevoel tot nu nog niet bekropen. Althans, ik voel me best compleet, maar toen ik nog single was voelde ik me ook al redelijk compleet. Nu zijn daar een man en twee kinderen bij gekomen en voel ik me niet meer en niet minder compleet, wél een stuk rijker. Mijn leven is ook verrassender geworden sinds het moederschap (op sommige fronten trouwens ook weer voorspelbaarder), ik ben bij vlagen volkomen de controle kwijt, ik ben kanten van mezelf tegengekomen waarvan ik niet wist dat ik ze in me had (al dan niet positief), en ik ben al met al doodmoe en intens gelukkig. Toch blijf ik af en toe dat stemmetje horen in mijn hoofd dat zegt: ‘Er kan nog meer bij’. En: ‘Hoe meer zielen, hoe meer vreugd.’ En: ‘Awww, nog één keer die babytijd meemaken.’ Of het nu komt doordat ik dat jongetje nog niet heb gebaard, of doordat ik als tweelingmoeder alle fasen in één keer heb doorlopen, of gewoon doordat ik een aartstwijfelaar ben – ik weet het niet. Maar dat stemmetje blijft.

Daartegenover staat mijn ratio die vindt dat ons leven nu al druk genoeg is, dat ik echt niet nog eens anderhalf jaar slaapgebrek overleef, dat het huis te klein is, dat een derde kind te duur is, dat het maar de vraag is of het überhaupt nog allemaal lukt en/of gezond zal zijn (over een half jaar word ik alweer veertig), dat het me dus nooit gaat lukken om zwanger en al twee peuters rond te sjouwen, en vooral: dat dat derde kind ook zomaar weer een tweeling zou kunnen zijn. Maar ja, in mijn hart is dus nog wél genoeg ruimte. En geld speelt ook helemaal geen rol bij dat stemmetje in mijn hoofd. Dat verrekte stemmetje zegt ook de hele tijd dat het allemaal wel losloopt. Mijn vriend staat er ongeveer hetzelfde in qua gevoel versus ratio, dus er is bij ons ook niet één iemand die de knoop voor de ander kan doorhakken. En heel erg lang hebben we niet meer om de hele kwestie in overweging te nemen. Het is toch een beetje nu of nooit. Met een steeds groter wordende kans op ‘nooit’.

Voor de zekerheid trouwens even een disclaimer voor iedereen die graag nóg een kind had gewild, maar bij wie het niet is gelukt: ik weet dat het overwegen of je nog een kind wilt, een luxeprobleem is, als je al gezegend bent met twee gezonde kinderen. Eigenlijk is het niet eens een probleem, het is meer een oprechte vraag: hoe weet je in vredesnaam wanneer je gezin compleet is? Zijn er voortekenen? Symptomen? Bepaalde emoties die ik over het hoofd zie? Of hoort een existentiële twijfel gewoon bij het leven? Ik ken mensen die op hun vijftigste of zestigste nog stééds fantaseerden over nog een kind krijgen. Tegen die tijd hoop ik er persoonlijk toch wel uit te zijn.

Ik zag een keer een aflevering van Supernanny, die langsging bij een gezin met maar liefst elf kinderen. Vader was inmiddels aan de drank geraakt, de oudste kinderen zorgden vrijwel fulltime voor de jongste kinderen, en toch wilde de moeder van het gezin graag nog een twaalfde kind. Want een dozijn kinderen, daar had ze altijd al van gedroomd. Destijds vond ik die moeder nogal van lotje getikt, maar inmiddels begrijp ik haar een stuk beter. Want wanneer is een gezin nou compleet? Als je je ratio niet te serieus neemt, is er altijd plek voor nog eentje erbij. Bovendien: het blijft leuk om te fantaseren wat er allemaal nog mogelijk is in je leven; met het besluit dat ‘dit het is’ gaan er immers weer een paar deuren dicht en er zijn in de loop van je leven al zoveel andere deuren dichtgegaan, nietwaar? Aan de andere kant: die ratio heb je ook niet voor niets. Uiteindelijk draait het – denk ik – allemaal om een goede balans in je gezin, en niet alleen binnen je gezin: het is ook prettig als je relatie, werk en privéleven in balans zijn. Het lastige is alleen: je kunt van tevoren nooit precies inschatten wat de impact is van nog een kind in je gezin. Bij elk kind spring je weer in het diepe en pas achteraf kun je zeggen of het wel of geen goed idee was. Ik tast dus nog steeds in het duister. Hoe doen die ouders dat die er gewoon toch weer blijmoedig voor gaan? Kunnen die soms met eenzelfde stelligheid als de ouders die hun gezin als ‘compleet’ beschouwen, beweren dat hun gezin nog NIET compleet is? Wat lijkt het me heerlijk om zo zeker te zijn van je zaak.

Lees ook: Dit zijn mijn 33 redenen om een derde kind te willen.

Lees ook