Femke was dit weekend in Parijs: ‘Iedereen appte hetzelfde…Blijf binnen!’

Wat een gezellig weekend in Parijs moest worden voor Femke en haar gezin, werd rigoureus verstoord toen vrijdagavond terroristen aanslagen pleegden op verschillende plaatsen in de Franse lichtstad. Femke’s man vertrok richting het centrum om verslag te doen voor de krant waarvoor hij werkt. En toen kon ze hem twee uur lang niet bereiken…

Het is zondagochtend, half negen. Ik hoor mijn man en zoon lol hebben in de badkamer van onze hotelkamer. Hoe anders is dit weekend gelopen dan we ons konden voorstellen. Al weken keken we er naar uit. Even weg met zijn drietjes. Een fijn hotel met zwembad, een leuk Frans pretpark bezoeken, lekker eten en een middagje zwerven door Montmartre. Heen met het vliegtuig, terug met de Thalys. We bereidden Max er de afgelopen weken op voor en hij had het over niets anders. ‘Ikke Parijs? Ikke vliegtuig? Ikke draaimolen?’
Vrijdag was leuk, want vrijdag was er nog niks aan de hand. In het vliegtuig sprak ik nog met mensen over het feit dat de datum vrijdag de dertiende altijd zo beladen is voor veel mensen. Niet voor mij, ik vond het belachelijk. Ja ja…
Max heeft 1 rondje in de draaimolen gemaakt, we hebben onbezorgd in een heerlijk restaurantje gegeten en lekker vroeg kropen we onder de wol. Reinier fluisterde me nog toe dat hij al een strak plan had gemaakt voor de volgende dag. Wat we zouden zien, waar we zouden eten, je kent het wel. En toen vielen we in slaap. Om een uur later wakker gemaakt te worden door nieuwsalerts en appjes van vrienden. ‘Het is gekkenhuis daar’, appte mijn broertje, ‘blijven jullie binnen?’ En mijn beste vriendin stuurde een berichtje: ‘Er zijn aanslagen in heel Parijs en het is nog steeds gaande. Zitten jullie ok daar? Er geldt noodtoestand in het hele land nu en iedereen moet binnenblijven.’
Een uur lang lagen Reinier en ik wakker en checkten we alle nieuwssites. Wat een drama, wat een drama, mompelden we beurtelings. Toen besloten we toch maar te gaan slapen. Wij zaten in een hotel ver van de aanslagen, we waren veilig.

De volgende dag hoorden we dat alle toeristenattracties in Parijs gesloten waren, zelfs het zwembad van het hotel was niet open. Moesten we terug naar huis? Volgens onze vrienden en familie wel. Er kwam een bus naar het hotel die alle Nederlanders zo snel mogelijk naar huis kon brengen. Reinier en ik zagen dat niet zitten. Zeven uur in een bus met een dreinerige peuter, echt geen goed idee. Bovendien begon ons journalistenbloed te stromen.

Dit artikel gaat door onder de afbeelding

Reinier belde de krant waarvoor hij werkt en ze vroegen hem om Parijs in te gaan, langs de toeristische attracties, om de sfeer op te tekenen. Ik wilde mee. We zouden de metro nemen en met zijn drieën op pad gaan. Maar toen bereikten ons geruchten dat er nog een terrorist vrij rondliep…en moest ik besluiten dat Max’ veiligheid het allerbelangrijkste was. Reinier ging alleen en wij bleven in het hotel. Een Nederlandse vrouw in de ontbijtzaal vroeg me of ik het niet vreselijk eng vond dat Reinier het gevaar opzocht. Ik schudde van nee en vertelde haar dat ik het nogal sterk zou vinden als de zorgvuldig geplande aanslagen vandaag doorgang zouden vinden.

Ik weet niet wat het is; ik ben een enorme stresskip en snel paniekerig, maar als het echt spannend wordt, neemt mijn ratio het over. Ik zag mensen huilen in het hotel. Niet alleen Fransen, maar ook Duitsers en Nederlanders. ‘Het is nu echt oorlog’, zeiden ze tegen elkaar. Ze hadden een punt, maar ik kon niet mee in hun emoties. Op Twitter zag Geert Wilders zijn kans schoon om Rutte op te roepen de grenzen te sluiten voor vluchtelingen. Toen duidelijk werd dat een van de terroristen waarschijnlijk uit Syrië kwam, besefte ik dat het voor Nederland steeds moeilijker wordt om een open houding te hebben richting alle mensen die van buiten ons land willen betreden. Ik blijf ervoor om vluchtelingen op te vangen, wat de risico’s ook zijn: een paar rotte appels mogen het niet verpesten voor de rest van de hulpbehoevenden. Maar ik snap dat er mensen zijn die anders denken.

Na twee uurtjes in de speelzaal van het hotel, waar vrijwilligers ballonnen voor de kinderen vouwden in dierenfiguren, kreeg ik te horen dat er weer schoten gehoord waren in Parijs. Ik schrok en belde Reinier meteen. Hij nam niet op en het uur daarna ook niet. Ik vloekte: ‘godverdegodver’ en Max herhaalde mijn woorden zonder te weten wat er aan de hand was. De leiding van het hotel probeerde me gerust te stellen en dat lukte redelijk. Het kon echt niet, het kon echt niet…maar heimelijk had ik toch ineens beelden op mijn netvlies die ik nooit eerder had.
Twee uur later belde Reinier. Zijn telefoon was leeg en hij had zijn artikel heel snel naar de krant moeten sturen en daardoor niet op zijn telefoon gelet. Terwijl ik normaliter boos zou worden om zoveel onachtzaamheid, was ik nu godsgruwelijk blij om zijn stem te horen. ‘Kom alsjeblieft snel terug’, zei ik. Een uur later stond hij voor onze hotelkamerdeur en omhelsden Max en ik hem. Terwijl ik soms enorm kan zeuren over de perikelen die het gezinsleven met zich meebrengt, was ik op dat moment intens gelukkig.

Al die mensen die dit weekend het leven lieten… ze begonnen waarschijnlijk allemaal met hetzelfde onbezorgde gevoel aan hun vrijdagavond. Zin in een tof concert, een drankje of een hapje bij de buurtpizzeria. Nu zijn zij er niet meer. Hun leven werd abrupt weggenomen door mensen die ziek zijn van een geloof dat ze in staat stelt zichzelf en anderen te doden. Het lijkt bij voorbaat een verloren race om de strijd met ze aan te gaan.
Laten we toch proberen ons niet bang te laten maken. Om het leven wat we hebben ten volle te leven. Te genieten. Lief te hebben. Reinier sprak onder de Eiffeltoren een zwaarverliefd stel van midden vijftig. Ze zeiden: ‘Het doel van de aanslagplegers is angst zaaien en dat laten we niet gebeuren. We hebben de Eiffeltoren nog nooit gezien en daarom zijn we toch hier naartoe gekomen. We laten ons niet gekmaken.’ Ik wens ons allemaal deze instelling toe.

Het is zondagochtend, negen uur. Mijn man en mijn zoon komen met natte haren de badkamer uitgelopen. We gaan zo ontbijten en daarna richting Gare de Nord, waar we de Thalys terug naar Amsterdam nemen. Dit weekend liep anders dan verwacht, maar gelukkig kreeg onze zoon er weinig van mee. Hij is verknocht aan de knuffel die we voor hem gekocht hebben in de hotelshop en laat het ding aan iedereen zien. Ik hou mijn hart vast voor hoe de wereld eruit ziet als hij straks volwassen is. Dit is niet hoe het hoort te zijn. Hoe ik het wil voor hem. Maar ik ben machteloos.

Geschreven door
More from Femke Sterken

Dingen die je niet moet zeggen tegen een vrouw die aan het bevallen is

 Wat blijkt: er zijn heel veel mannen die niet weten hoe ze...
Lees verder