Hoe Vala een doorslaapbaby kreeg en zelf wakker lag

Je leest het altijd in de boekjes: na drie maanden slapen ze door. Vala geloofde daar al lang niet meer in, want haar twee oudste Terroristen waren jarenlang notoire slaapweigeraars. Nu heeft ze een derde kind gekregen. En opeens blijft het ‘s nachts wel heel erg stil…

Het is 02.00 uur ‘s nachts. Met een schok schiet ik overeind in bed. Even weet ik niet waar ik ben. Als mijn ogen aan het duister zijn gewend, zie ik aan mijn linkerkant Mario in diepe slaap naast me liggen en aan mijn rechterkant het wiegje van mijn twee maanden oude babydochter. Die ook ligt te slapen. Dames en heren, neem even de tijd om deze laatste zin in u op te nemen. Ik heb een baby naast me die niet wakker is. Het is nacht en mijn baby is niet wakker. Níet dus. Bel de krant. Want dit is dus wereldnieuws. Maar écht.

Lees ook: 41 Dingen die je denkt als je baby voor het eerst doorslaapt.

Voorzichtig gluur ik over de rieten rand van het wiegje. Een straal maanlicht schijnt over het gezichtje van mijn baby. Het is onbeweeglijk, helemaal stil, als een perfecte porseleinen pop. En de schrik slaat me om het hart. Ze is dood. Dat moet wel, want hoe moet ik het anders verklaren dat een kind van mij gewoon sláápt? Het kan namelijk niet waar zijn. Ik produceer geen kinderen die slapen en al helemaal niet ‘s nachts. Jarenlang heb ik tot in de late (of vroege, het is maar hoe je het bekijkt) uurtjes met dikke ogen naast wiegjes en ledikantjes gelegen, waarin baby’s oorverdovend lagen te krijsen. Sussend, zingend, smekend tot het ochtendgloren door de gordijnen kroop en ik uitgeput en wiegend in de foetushouding op de koude parketvloer weg gleed in een soort half-coma, terwijl mijn kinderen dan maar eigenhandig hun ochtendfles gingen maken. Een utopie is het, een gore leugen, die zogenaamde luttele drie maanden gebroken nachten. De afgelopen jaren heb ik me hard gemaakt om de waarheid aan het licht te brengen. Ouders, behold: the greatest cover-up in human history, want doorslapende baby’s, die bestaan niet. Toch?

Paniekerig schud ik Mario dan ook door elkaar: “Ze is niet wakker!” sis ik in zijn oor. Verward staart hij me aan en vraagt waar ik het in vredesnaam over heb. Nerveus wijs ik naar het wiegje en jammer: “Ze huilt niet…!” Hoewel het behoorlijk donker is, kan ik het vraagteken in Mario’s hoofd bijna licht zien geven. “Er is iets mis!” leg ik ongeduldig uit, “Het kan niet dat ze slaapt. Ze slaapt al vanaf acht uur gisteravond!” Om mijn case kracht bij te zetten spring ik uit bed en maak ik wilde handgebaren boven de wieg, want jemig, hoe lang duurt het voor het kwartje valt? Ons kind is dood, of op z’n minst in coma en haar vader doet alsof er niets aan de hand is. Je moet als moeder ook altijd alles helemaal zelf regelen, want aan die kerels heb je niks. Zeker niet ‘s nachts.

“Schatje,” sust mijn echtgenoot, “kom nou maar lekker liggen. Er is niets aan de hand.” Net als ik hem woest van repliek wil dienen, terwijl ik mijn mobiel pak om 112 te bellen, komt er een gelukzalige zucht uit de wieg. Verwilderd duik ik met mijn hoofd tussen het hemeltje en voel de warme adem van mijn dochter tegen mijn wang. Ik leg mijn hand zachtjes op haar borstkas en voel die gelijkmatig op en neer gaan. Terwijl ik in opperste verbazing oprijs uit de wieg, kan ik maar één plausibele conclusie trekken. Mijn baby is niet dood. Mijn baby slaapt. Het is een wonder. Blijkbaar zijn die echt de wereld nog niet uit.

Mijn baby is twee maanden oud en slaapt nu al twee weken door. Ik heb een baby en ik ben niet moe. Ik heb geen wallen en ik kan normaal functioneren op slechts twee kopjes koffie per dag, in plaats van dat ik ‘s ochtends voor negen uur al een hele thermoskan heb moeten atten om coherent uit mijn woorden te komen. Als ik ‘s nachts wakker word, is dat omdat Mario weer eens ligt te snurken (overigens doen de decibellen daarvan weinig onder voor die van een gillende baby, maar dat is weer een ander verhaal), niet omdat mijn dochter de nachtelijke polonaise heeft ingezet. Dat mythische wezen uit de overlevering blijkt dus geen urban legend te zijn. De doorslaapbaby bestaat.

Kortom, ouders: de truc is gewoon net zo lang door te fokken totdat je er ook eentje krijgt. Geloof me: het is het waard, je wilt het meemaken. Al was het alleen maar om te weten dat het kan. Echt, die bevrediging is goud waard, al moet je er een heel elftal aan nachtbrakers voor overleven. Neem het van me aan. Welterusten.

Disclaimer: zoals iedere ouder weet, is openlijk verhalen over een doorslapende baby dé manier om het ongeluk over jezelf af te roepen en je te verzekeren van een kind dat de komende vijf jaar nooit meer slaapt. Indien u dus nooit meer van mij hoort, kunt er ervan uitgaan dat ik tragisch ten onder ben gegaan aan een slaapdelirium.

Lees ook: Slapeloze nachten; voor altijd of verleden tijd?

Lees ook
Geschreven door
More from Vala van den Boomen

45 Gedachten in het het hoofd van een peuter (voor 08.00 uur ’s ochtends)

Een peuter staat altijd ‘aan’. Waar jij eerst drie koppen koffie nodig...
Lees verder