De Opvoedpoli (deel 11): “Ik denk dat ik hem niet genoeg vertrouw”

opvoedpoli
Femke en haar man Reinier lopen sinds een paar maanden bij de Opvoedpoli. Hun zoon Max (2 jaar en 11 maanden) is naar hun mening wel heel erg opvliegend en baldadig. Als hij zijn zin niet krijgt begint hij furieus te bijten, slaan en schoppen. En dat al sinds hij 18 maanden is. Het stel heeft hulp nodig om hiermee om te gaan. Dit keer deel 11: een hele positieve sessie. Totdat…de sfeer COMPLEET omslaat.

Soms voelt het alsof we al in de afrondende fase van onze bezoeken aan de Opvoedpoli zitten. Maar goed, op het moment dat we dat alleen maar denken, gaat er meestal weer iets zo ontzettend mis dat ik vrees dat we ons hele leven in therapie zitten om te leren hoe je omgaat met een pittige peuter. Man, ik voel me vaak zo’n sufferd. De tips die we krijgen zijn bijna te simpel voor woorden. Waarom kunnen andere mensen dit blijkbaar wel verzinnen en ik niet?

Deze sessie begin ik met het delen van een overwinningsmoment. Gisteren probeerde ik de was in de wasmachine te doen en toen kwam er een knoop van een kussensloop vast te zitten onder het zeepbakje. Ik ragde eraan, maar kreeg het niet los. Max heeft een feilloos gevoel voor dit soort penibele situaties en kwam er meteen aangestormd. Hij wilde zich in het kleine hoekje waar de wasmachine en ik stonden, ertussen wurmen en ik probeerde hem met zachte hand aan de kant te krijgen. “Max, ga even weg, schatje. Mamma is hier even bezig.” Hij begon te drammen en een huilerig stemmetje op te zetten. Ik zei nogmaals: “Nee, echt Max, mamma heeft hier een probleempje!” waarop hij gilde: “IKKE OOK POBEEMPJE!!!!” Het was duidelijk dat er een woedeaanval nabij was, maar tegelijkertijd moest ik er ook om lachen dat zo’n peuter alles wil wat jij wil. Van een koekje tot een probleempje. Wegduwen zou hier nooit gaan werken en ik besefte dat ik Max moest betrekken bij mijn kleine crisis met het kussensloop. “Kom we doen het samen”, zei ik en langzaam doch in grote harmonie kregen we de knoop los. Ik was serieus heel trots op het feit dat ik zeker weet dat ik een woedeaanval heb voorkomen.  De therapeut prijsde me de hemel in en ik voelde me een kind dat een sticker van de juf had gekregen.

Reinier vult me aan met een eigen ervaring. Hij heeft tegenwoordig De Truc om Max zijn luier aan te trekken. Ze gaan dan namelijk ‘spijkers uit de muur trekken’ (spijkers die muurvast zitten en waar tot voor kort schattige lijstjes met Jip en Janneke afbeeldingen hingen). Waar het eerst een grote worsteling was om Max te verschonen helpt het nu om te zeggen: “Max, we gaan spijkers uit de muur trekken, kijken wie het sterkst is.”

Voor we al onze glorie-hoogtepunten van deze week gaan doornemen, roept de therapeut ons een halt toe en verschuift ze het gesprek naar Grenzen Stellen. Reinier en ik zouden drie punten formuleren die we Echt Belangrijk vinden. Drie heikele punten die kunnen leiden tot strijd met Max. Mijn man en ik komen er echter niet goed uit. De afgelopen week hadden we nog een soort aanvaring met elkaar toen Max werd opgehaald door zijn opa en ik hem zijn fles diksap uit zijn handen trok. Ik schaam me überhaupt dood dat het kind nog steeds het allerliefst uit een fles drinkt en weet echt niet hoe ik hem eraf krijg, maar ik wil zeker niet dat hij ermee over straat loopt. Max begon (natuurlijk!) te gillen toen ik zei: “Nee, Max, geen flesjes mee naar buiten!” Reinier zei vervolgens: “Waarom niet? Laat hem! Hij heeft juist een flesje nodig nu hij in een overgangsmoment zit tussen ons en oma” en dus gaf ik Max zijn flesje terug. Lekker consequent. NOT.

Voor de therapeut is het duidelijk dat het voor Reinier en mij moeilijk is om tot een consensus te komen wat betreft dingen die Reinier en ik vinden over wat ons kind wel en niet mag. Ze draagt ons op om ieder een lijst te maken met onze eigen prioriteiten en die dan volgende week naast elkaar te leggen. Ondertussen kibbelen Reinier en ik liefdevol verder. De therapeut zegt: “Maar ik heb wel het idee, Femke, dat jij dingen van Reinier moet kunnen aannemen. En dat doe je volgens mij niet!” Ik zeg: “Nee, dat klopt. Ik weet niet waarom. Ik denk dat ik hem gewoon niet genoeg vertrouw.” Er valt een stilte. De therapeut vraagt op z’n therapeuts: “Reinier, hoe voel jij je als je dit hoort?” Reinier zucht en zegt teneergeslagen: “Dit is echt niet leuk om te horen.” Heel even verhard ik. Ik denk: “Tsja, het is toch zo? Ik bedenk meer dan jij, ik kijk vooruit, weet hoe dingen gaan uitpakken…” Maar dan zie ik mijn man sip kijken. En ik plotseling haat ik mezelf. In een vervelende sfeer ronden we de sessie af en Reinier en ik lopen naar buiten. Bij de fiets zeg ik: “Sorry, lieverd, ik ben soms gewoon echt veel te hard. En ik meen dit ook echt helemaal niet. Ik vind het soms zo moeilijk met Max dat ik het liefst alle schuld op jou wil schuiven, terwijl ik misschien wel juist voel dat ik schuldig ben aan hoe hij zich gedraagt.” Reinier strijkt over zijn hart en zegt: “Ik vergeef je, stomme trut. Maar denk in het vervolg iets langer na voordat je iets zegt.” Ik knik bedeesd en beloof vanavond extra lekker te koken. Wat een heftigheid maakt die Opvoedpoli toch los.

Het begin van de opvoedpoli gemist? Lees dan de vorige delen: 

De Opvoedpoli (deel 10): “Ik kneep hem in zijn kleine armpje…”

De Opvoedpoli (deel 9): “Hij krabde oma recht in haar gezicht!”

De Opvoedpoli (deel 8): “Ik heb zin om met je te high fiven”

De Opvoedpoli (deel 7): Een onverwachte sessie relatietherapie

De Opvoedpoli (deel 6): “Zit ik dus toch te janken”

De Opvoedpoli (deel 5): “Zien jullie dat jullie je zoon negeren?”

De Opvoedpoli (deel 4): “Jullie zoon heeft een regulatiestoornis”

De Opvoedpoli (deel 3): “En hoe was jouw jeugd, Femke?”

De Opvoedpoli deel 2: Femke en haar zoon worden thuis gefilmd

Als je met je peuter naar de opvoedpoli moet

Lees ook
Geschreven door
More from Femke Sterken

De heerlijkste uitspraken over het ouderschap!

Tsja, je denkt dus dat het ouderschap voor iedereen weer anders is....
Lees verder