De Opvoedpoli (deel 15): “Wat ons gezin typeert? Haast!” (Ai!)

Femke en haar man Reinier lopen sinds een paar maanden bij de Opvoedpoli. Hun zoon Max (3 jaar) is naar hun mening wel heel erg opvliegend en baldadig. Als hij zijn zin niet krijgt begint hij furieus te bijten, slaan en schoppen. En dat al sinds hij 18 maanden is. Het stel heeft hulp nodig om hiermee om te gaan. Dit keer deel 15: Een avondsessie over de gezinscultuur in huize Sterken (wat wederom neerkomt op…relatietherapie).

Het is al donker als ik richting de Opvoedpoli fiets. De komende tijd zullen onze sessies ’s avonds plaatsvinden, omdat het lastig werd met werk om de poli-afspraken overdag te plannen. Max heb ik achtergelaten bij twee nichtjes van me, beiden student, die met hem gaan pannenkoeken bakken en Reinier komt uit zijn werk naar de Opvoedpoli.

Het pand waar de gesprekken plaatsvinden ziet er leeg en verlaten uit. In slechts één spreekkamer brandt het licht. Daar zitten Reinier en de therapeut al op me te wachten. Gek hoe tijdstip van de dag de sfeer zou anders kan maken. Ik voel me lichter dan normaal, meer alsof ik boven de situatie kan hangen om één en ander te beschouwen. En toevallig is dat wat we vandaag gaan doen. Niet eens zozeer boven Max hangen, maar meer in z’n algemeenheid, boven ons gezin. Het was namelijk een opmerkelijke en goede vraag die ze vorige week stelde: “Wat is eigenlijk jullie gezinscultuur?” Reinier en ik moesten toegeven dat we die nog niet echt gevonden hebben, omdat we beiden teveel hangen aan hetgeen wat we van huis uit hebben meegekregen. En dat zijn voor ons nogal tegengestelde dingen: Reinier veel vrijheid, ik veel regels. We botsen dus nogal.

Dit artikel gaat door onder de afbeelding

Vandaag gaat het niet zozeer over die frictie tussen mij en mijn echtgenoot, maar over wat er nog meer tussen ons broeit. “Wat typeert jullie gezin momenteel?”, vraagt de therapeut. “Haast”, zeggen Reinier en ik tegelijkertijd. Nou, daar zijn we het tenminste over eens. Er is altijd te weinig tijd bij ons. We zijn constant druk met werk en als we vrij zijn, dan hebben we het nog druk, omdat we honderd afspraken hebben en altijd de hort op zijn. Reinier zegt: “Het lijkt me zo heerlijk om eens een zondagmiddag op de bank te zitten met een boek, terwijl Max een beetje aan het knutselen is of met zijn Duplo speelt. Wij zijn altijd maar bezig met activiteiten te bedenken.” De therapeut zegt met recht dat het erop lijkt dat je je bij ons thuis nooit mag vervelen. Reinier en ik kijken elkaar aan: “Vervelen? Dat hele woord staat al decennia niet meer in ons woordenboek.” Volgens de therapeut is het juist goed voor Max om te zien dat er niet altijd iets hoeft en dat het dan misschien weleens saai is thuis, maar dat dat oké is. Ik voel zelf ineens een soort rust over me heenkomen. Goh ja, het lijkt me echt fijn om niet zoveel te moeten en eens een saaie middag te hebben.

Vervolgens komen we op een confrontatie die Reinier en ik afgelopen week hadden over het feit dat ik twee keer achter elkaar een kater had en Reinier de boel draaiende moest houden, terwijl hij ook slecht had geslapen. In dit soort situaties zijn wij uitermate slecht. Er wordt gebekvecht, gezwegen en uiteindelijk wordt het met moeite uitgepraat. En om eerlijk te zijn kan het een paar dagen later gewoon nog een keertje voorkomen. We meten alles af aan elkaar. In feite leven we teveel met een soort kasboekje op zak. Ik doe dit, dan doe jij dat en als ik twee keer dit heb gedaan, dan moet jij wel even extra je best doen, want anders dan houd ik er ook mee op.

“Hoe zou je het nu kunnen doen als je allebei uit je humeur bent?” vraagt de therapeut. Ik haal mijn schouders op. Ze gaat verder: “Jullie vertellen dat jullie, terwijl de één brak en de ander moe was, nog de hort opgegaan met Max. Naar het strand. En dat werd logischerwijs geen succes. Misschien kun je op zo’n moment beter zeggen: we blijven even uit elkaars zone en wisselen de zorg voor Max om de twee uur af, zodat je ook tijd voor jezelf kunt nemen.” Niet gek bedacht, denk ik. Elkaar eens laten zijn, dat zouden we echt moeten leren, in plaats van meteen op elkaars nek te zitten als iemand niet vrolijk is. Dat doen we momenteel namelijk veel te snel. “Ik vind het echt irritant dat jij moe bent, want nu is het helemaal niet gezellig”, is zomaar een zin die ik kan uitkramen. Terwijl…láát iemand moe zijn, steun die ander, versterk hem, zorg voor rust in huis.

Ik stel een domme vraag: “Uhm, waarom hebben we het nu eigenlijk hier over? Dit heeft toch niet zoveel met Max te maken?” De therapeut (ze moet nu haast wel denken: ‘Moet ik deze mensen nu bij elke stap aan de hand nemen?’) zegt: “Max groeit op vanuit een basis. Jullie zijn die basis en als die basis vertroebelt wordt door allerlei onderlinge spanningen dan gedijt  jullie kind daar natuurlijk ook niet goed bij.”
Het uur is voorbij, Reinier en ik lopen naar buiten, ik rook buiten een stiekem sigaretje. “Was wel weer goed hè?”, zeg ik tegen mijn man. “Ja”, bromt die, “we moeten echt ophouden met dat vergelijken en op alle slakken zout strooien. Dat is niet goed voor ons en niet voor Max. We lijken wel een paar verwende pubers.” We geven elkaar een zoen en stappen op de fiets, de winterkou weer in.

Lees ook alle vorige delen van De Opvoedpoli:
Deel 1: Als je met peuter naar de Opvoedpoli moet.
Deel 2: Femke en haar zoon worden thuis gefilmd.
Deel 3: “En hoe was jouw jeugd, Femke?”
Deel 4: “Jullie zoon heeft een regulatiestoornis”
Deel 5: “Zien jullie dat jullie je zoon negeren?”
Deel 6: “Zit ik dus toch te janken.”
Deel 7: Een onverwachte sessie relatietherapie.
Deel 8:  “Ik heb zin om met je high fiven.”
Deel 9: “Hij krabde oma recht in haar gezicht!”
Deel 10: “Ik kneep hem in zijn klein armpje…”
Deel 11: “Ik denk dat ik hem niet genoeg vertrouw.”
Deel 12: “Hij zal toch geen autisme hebben?”
Deel 13: “Misschien moeten we er maar mee stoppen.”
Deel 14: “We zijn bang voor onze driejarige zoon.”

Geschreven door
More from Femke Sterken

21 uitspraken die je gewoon nooit doet als je een peuter hebt

Gij zult nooit iemand vertellen dat gij de krant uitheeft en de...
Lees verder