Waarom ik de babyperiode eigenlijk niet zo leuk vind

Nu haar kinderen 6 en 3 zijn, moet Franke bekennen: die babyfase, dat was haar ding niet. Gelukkig maar dat er heel veel andere momenten zijn waarvan ze wél geniet.

Ik weet nog goed dat onze dochter een paar maanden oud was. We stonden te kletsen met vrienden die net als wij een baby van een paar maanden oud hadden. We vroegen hoe het ging – het was hun derde – waarop zij antwoordden: ‘Ach ja, hopelijk is dit weer snel voorbij. We zijn erachter gekomen dat we eigenlijk niet zo van die babymensen zijn.’ Pardon?!? Wij stonden te klapperen met onze oren. Seriously?? Meenden ze dit nou echt?! Geen babymensen? Wat verschrikkelijk voor die kinderen, voor die baby, voor die ouders. Wat érg! What’s not to like aan zo’n schattig pollewopje, in zachte, lieve kleertjes, pruttelend in de kar/wagen/MaxiCosi/box? Ja, we waren ernstig van slag van die opmerking. Dat dat mogelijk was. En dat ze dat ook nog tussen neus en lippen door hadden gezegd, met een flesje bier in de handen. We vonden het vrij bizar. Maar nu, een paar jaar nadat mijn jongste is geboren, moet ik bekennen: een babymoeder, ik ben het zelf ook helemaal niet. Die babyperiode was allesbehalve mijn moment suprême.

LEES OOK: Renée vindt er niks aan met een baby

Ik kon er ongelovig naar kijken; vrouwen die lekker rustig op de bank met zo’n prutteltje zaten te stralen, gelukzalig knuffelend, alsof ze nooit iets anders hadden gedaan. Van nature bleek ik helemaal niet zo’n moeder te zijn. Ik moest wennen aan het slaapgebrek, aan het kwetsbare hummeltje dat er opeens 24/7 was, aan het feit dat ik het feit dat ik verantwoordelijk was voor dat kleine, tere meisje, voor de rest van mijn leven. Dat besef sloeg in als een bom. Je kunt daar van te voren over nadenken, maar ik had geen idee hoe heftig het zou zijn. Bovendien wilde ik het goed doen. Perfect eigenlijk meer. Alles precies volgens de regeltjes en het boekje. Maar dat leverde alleen maar gedoe op en ik zat er mezelf voortdurend mee in de weg. Ik was rationeel, luisterde amper naar mijn gevoel. Dat bijna verlammende verantwoordelijkheidsgevoel resulteerde naast die vermoeiend perfectionisme in een heel scala aan gevoelens waar ik tot dan toe in mijn leven niet zoveel last van had gehad. Met de geboorte van mijn kind werd de zorgeloosheid eruit gebeukt. Ik was ongerust over van alles en nog wat. Voelde me zo hulpeloos als ze ziek was. Kwetsbaar en rete-onzeker, dat was ik. Niet echt de sterke, stoere versie van mijn mezelf die ik ook kan zijn.

Gelukkig ging het stukken beter toen Olle, mijn zoon werd geboren. Vanaf begin af aan zat ik beter in mijn vel. Stukken relaxter ook, omdat ik beter wist hoe het moest. Omdat ik inmiddels veel meer had geleerd naar mijn (moeder)gevoel te luisteren. Omdat ik niet vijf keer per nacht naast het bedje stond, dus ook veel sneller doorsliep en minder last van chronische vermoeidheid had. Bovendien liet ik dingen veel sneller los. Had ik bij mijn dochter drie, vier maanden tevergeefs met knallers van borstontstekingen en kloven en pijn en ellende proberen borstvoeding te geven, omdat borstvoeding nou eenmaal het beste voor mijn baby was, bij mijn tweede hield ik er meteen na het ontstaan van een nieuwe ontsteking mee op. Het scheelde al met al veel gedoe.

Gelukkig bleven mijn lieve kinderen ook maar groeien, werden ze grote en sterker. Ik maak me niet meer zoveel zorgen als ze ziek zijn. Bovendien kunnen ze praten en me vertellen als iets aan de hand is. Wat ze fijn vinden en wat niet. Wat een verademing is dat!! Ik maak me minder zorgen, ben een stuk uitgeruster en fitter. Ben nog steeds een bééétje een perfectionist, maar laat dingen ook sneller los. Omdat ik weet dat situaties daarom kunnen vragen. Dat dat de dingen makkelijker maakt. Kortom, ik ben een relaxter mensch.

Daarnaast gaat voor mij het cliché dat het alleen maar leuker wordt, ook echt op. Persoonlijk vind ik het leuk om met een baby op de bank te zitten, en lekker te knuffelen, maar ik vind het stukken gaver om mijn zoontje in de maling te nemen, om grappen met hem te maken. Zijn schaterlach, er bestaat werkelijk niets mooiers in de wereld. Ik vind het fantastisch om samen met mijn dochter te tutten, winkelen, spelletjes te doen. Met haar te praten, te horen op wie ze verliefd is. Ik vind het gezellig om met mijn kinderen naar de speeltuin te gaan, lange stukken te fietsen door het bos, te vliegeren. Vervolgens de open haard aan te steken en te genieten van elkaars aanwezigheid voor een knapperend vuur. Ik ben hier geloof ik gewoon meer voor gemaakt. En ik kan er eindeloos over dagdromen: de leuke dingen die we nog allemaal gaan doen: zeilen, vissen, high tea drinken. Naar schatten zoeken met een metaaldetector, speurtochten houden, griezelverhalen vertellen met een zaklamp onder de deken. Blijkbaar ben ik meer een avontuurlijke moeder. Laat mij maar lekker rouwdouwen, grappen maken, dingen ondernemen. Dan ben ik op mijn best. En mocht jij nou om welke reden dan ook een bepaalde periode van het moederschap niet trekken –  of je kind nou een baby, dreumes, peuter of puber is – weet dan: het is een fase. En hierna komt er weer een fase waarop jij op je best bent. Geniet ervan!

LEES OOK: 7 Bijzonder irritante babydingen die je (gelukkig) heel snel weer vergeet

Franke schrijft, coördineert en redigeert voor verschillende (online) magazines. Ze heeft twee kinderen, Puk (6), en Olle (3). De Tropentijd vond ze heel heftig, want slapen is een grote hobby en daar ontbrak het nogal eens aan. Zit het liefst op het strand in haar vrije tijd.

Lees ook
Geschreven door
More from Franke van Hoeven

52 Dingen die Franke dacht tijdens de eerste zwemles van haar dochter

Niets zo spannend als de eerste keer. De eerste keer zoenen, de...
Lees verder