Excuses aan alle moeders van Nederland die ons voorgingen!

Hoe ziet je leven er écht uit als je kleine kinderen hebt? Dat kan niemand je vertellen. Toen wij nog geen kinderen hadden zagen we gewoon een vrouw met een Bugaboo lopen, zonder te weten dat ze al vijf weken nauwelijks geslapen had, vonden we een peuter met een woedeaanval maar een onaangepast kind – kortom, we hadden géén idee. Daarom willen we onze excuses aanbieden aan alle moeders die ons voorgingen!

Als je zelf nog geen kinderen hebt, is er niemand die je ervan kan doordringen hoe je leven op z’n kop komt te staan. Eerst zijn er al die obstakels van de eerste weken met een baby die je moet zien te overwinnen. De bevalling (auw!), de wanhoop van de eerste keren borstvoeding geven (auw!!), het slaapgebrek, het huilen, poepluiers op onhandige plaatsen, hechtingen, het eerste bezoek aan het consultatiebureau (hoe kom je in godsnaam op tijd?!). Aan de media heb je ook niks: al die mama-bladen en mommy blogs staan vol met beeldige witte kinderkamertjes. Daar ruikt het niet naar poep, heeft de moeder geen wallen tot aan haar kin en probeert er niemand een mail te beantwoorden met een gillend kind op de arm.

Natuurlijk, kleine kinderen zijn geweldig, lief en mooi. Maar ze zijn ook keihard werken. Over die dagelijkse struggle kom je heel weinig te weten. En dan zit je er opeens zelf midden in en denk je: waarom heb ik nooit gezien hoe heftig het is, het moederschap anno nu, waarin we werk en ons hele voorgaande leven proberen te combineren met kleine kinderen? Waarom zagen we niet hoe moe die ene vriendin was die al jaren geleden kinderen kreeg? Hoe haar leven op z’n kop was gezet? Hoe niets in haar leven meer hetzelfde was?
Daarom willen we onze excuses aanbieden aan alle jonge moeders die ons voorgingen.

Het spijt ons, we wisten niet dat…

…jullie lichaam tijdens de bevalling zo vreselijk veel te lijden had.
Want wie had gedacht dat het zoveel pijn zou doen, dat bevallen, terwijl iedereen je vertelde dat het ‘best meeviel’ en dat er pijnbestrijding is, maar niemand zei dat die pas komt als je echt niet meer kan en je de lieve heer al een paar keer gesmeekt hebt om een einde te maken aan het hele onzinnige idee, laat maar zitten dat kind, je wil gewoon een rustig leven, zonder al te veel ellende, en dat er dan inderdaad rust komt dankzij die pijnbestrijding, maar dat je dan opeens de aandrang krijgt om te poepen, waar je gehoor aan geeft, ook al staan er drie vreemden in je doos te staren die ook nog eens luid gaan juichen (is dat voor jou?!?) en dan komt de ergste pijn die je ooit gevoeld hebt, maar die houdt ook weer op, want je hoort een baby huilen die ze op je leggen, en als je denkt dat het eindelijk voorbij is, voel je opeens wéér weeën en is er iemand via de navelstreng aan je placenta aan het rukken want die laat niet vanzelf los en lijkt het of al je ingewanden mee naar buiten willen, maar gelukkig is er dan het moment dat je baby aan de tiet gaat drinken en voel je alle ellende wegtrekken, totdat er iemand zegt dat ze er toch nog héél even bij moet om een paar kleine hechtinkjes te maken en je angstig om je heen kijkt of er niet iemand is die deze ellende kan stoppen.

…jullie na die bevalling niet mochten revalideren of uitrusten.
Nee, dat je in plaats daarvan in het ziekenhuis mocht douchen, je lekker in een rolstoel naar de auto wordt gereden, maar dat het dan voorbij is met die verwennerij, want jullie zijn vergeten te oefenen hoe je de maxicosi vastmaakt in de auto, en omdat jij dat nou eenmaal beter kan dan hij sta je alweer op en breek je bijna je nekwervels bij het vastzetten, waarna de baby begint te huilen en je echt niet weet wat je moet doen, en dat dit gevoel de komende weken, nou zeg maar gerust maanden, aanhoudt, dag en nacht, want slapen is inmiddels iets wat niet langer dan drie uur achtereen kan, de rest van de tijd bijt er een kind in je tepels (eerst links, dan rechts) of probeer je weer voor het eerst te poepen, wat je niet durft, en loopt er een man rond in huis die ongetwijfeld zijn best doet en graag wil helpen, maar die er toch niet in slaagt om jou te laten slapen, want als het erop aan komt, en de baby echt een keel opzet gaat hij toch op zoek naar jou.

…jullie gewoon elke dag om 9 uur op kantoor waren, ook op 3 uur slaap.
Want na die drie maanden verlof ben je er wel aan gewend, dat niet-slapen, denk je, maar dan ga je weer werken en malen en piekeren en veel te laat naar bed want er moet nog iets af en dan bouw je nog meer slaapgebrek op dan je al had, maar je ziekmelden heeft geen zin want morgen is toch weer hetzelfde verhaal en overmorgen ook, en ziek zijn is sowieso een lachwekkend begrip geworden, want hoe doe je dat in godsnaam met een baby en/of peuter in huis – en nu maar hopen dat je tieten niet gaan lekken als je net door de kantine loopt met je dienblad vol eten omdat de kolfkamer net nog bezet was.

…jullie dan een dagdeel achter de rug hadden waarbij vergeleken een werkdag een eitje is.
Omdat je al rond een uur of zes ‘s morgens met je handen in een poepluier stond te graaien, intens verlangend naar één kwartiertje slaap / een kopje koffie / tanden poetsen / douchen / een boterham, maar zelfs die basics staan voorlopig nog onderaan de prioriteitenlijst omdat je baby alleen maar huilt en je geen idee meer hebt wat er aan de hand kan zijn want je hebt alle opties al doorlopen en hij huilt nog steeds en er is niemand die je kan helpen want je man is om 6 uur al in de auto gaan zitten ‘om de files te vermijden’ en je hebt ook nog een peuter rondlopen die net als je iedereen hebt aangekleed met pap begint te smijten en jij het gewoon opgeeft om er vandaag representatief uit te zien (hoewel: lang leve de billendoekjes).

…die baby daarna een PEUTER werd.
En jij dus dacht dat je alles wel gezien had, maar dat er opeens een monster van anderhalf voor je neus staat die woedend is omdat je z’n boterham in zessen hebt gesneden, en dat dit natuurlijk nooit de bedoeling geweest kan zijn, want hij houdt helemaal niet van eenzesdes, sinds vandaag houdt hij namelijk van eenvierdes maar dan wel alleen van DIE boterham, want als je een nieuwe voor z’n neus zet die wél uit vier stukjes bestaat, smijt hij zijn bord keihard op de grond en zie je nog net uit je ooghoeken hoe je doodsbange kat zijn achterpoot optilt om op je hardloopschoenen te plassen.

…je zelfs op zo’n dag nog op tijd achter je bureau zat.
Al vertelde je er niet bij dat je op de fiets onderweg naar de crèche even heel hard in huilen bent uitgebarsten.

…je er daarna niet aan moest denken dat er nog een kind kwam.
Dat leek ook geen serieuze bedreiging, want aan seks moest je de laatste anderhalf – of nee: tel die zwangerschap maar gewoon mee heren, want die mythe van die geile zwangere vrouw kunnen wij niet onderschrijven – á tweeënhalf jaar überhaupt niet denken, maar toch ging het mis, en was het in één keer raak, en daarom zit je nu dus wel met een baby én een peuter en denk je dat je nooit meer controle over je leven krijgt, want je man is nog meer uren gaan werken omdat jij het toch wel een beetje zwaar vond, vier dagen werken zonder slaap, en iemand moet de hypotheek betalen van dat nieuwe huis waar jullie wel met z’n viertjes in pasten, met dat tuintje waar je peuter lekker kan rondfietsen op zijn driewieler, terwijl jij borstvoeding geeft, maar dat doet hij niet, in plaats daarvan zeurt hij de hele dag om de iPad, die je hem geeft want je moet toch wat.

…je toch heel gelukkig bent.
Want je weet dat de andere optie van geen kinderen krijgen voor jou eigenlijk geen optie was, maar je weet ook dat mensen zonder kinderen gelukkiger zijn, ook al weet je dat dit alleen geldt voor mensen die überhaupt geen kinderen wilden, dus ben je toch fucked if you do and fucked if you don’t, zoals ze dat zo mooi zeggen in het Engels. (Gewoon doen, hoor, het is hartstikke leuk!)

Liefs,
Barbara en Femke

Dit verhaal stond in september 2015 in Volkskrant magazine.

Lees ook