Mireille was op wereldreis toen ze zwanger bleek (en ze keerde niet terug…)

bevallen op wereldreis
Mireille Steenkamer was met haar man en hun zoontje Teun van 2 op wereldreis toen ze erachter kwam dat ze zwanger was. Ze besloten gewoon door de gaan met hun reis. Onderweg regelde ze echo’s en testen, en na 41 weken beviel ze in Chili tijdens een aardbeving. Dit is het spannende verhaal van haar bevalling.

Lees ook: 20x Instant geluk in vertederende foto’s

De dag na de aardbeving. Ik kijk in de krant en lees dat het vandaag volle maan is. ‘Zal de kleine vandaag van zich laten horen?’ denk ik bij mezelf. Rosa Maria, mijn vroedvrouw, belt om te vragen hoe het gaat, ze leeft erg met ons mee.

We hebben een nacht zonder bevingen achter de rug, althans we hebben ze niet gevoeld. We proberen de draad op te pakken, maar we worden continu aan de doodsangst ervaring herinnerd, de naschokken, de winkels die dicht zijn, de scheuren in sommige gebouwen, kerktorens en de achttiende-eeuwse trappen van het Museum of Modern Art die naar beneden zijn gekomen en geruïneerd. We kijken televisie, waarop ze beelden laten zien van de schade die de tsunami’s hebben aangericht. De Chileense kustwacht had de tsunami waarschuwing ingetrokken terwijl die nog wel actueel was. Mensen waren al teruggegaan naar hun dorpen toen de tsunami toch kwam en zijn slachtoffers eiste. De stemming is somber en bedrukt. Mijn ouders kunnen ’s nachts niet meer slapen. We proberen de depressie te doorbreken en gaan met z’n allen naar Bella Vista voor een kop koffie. Normaal gesproken is het hier erg druk, maar ook hier is het uitgestorven.

‘s Avonds gaan we eten bij Happening, de winkels zijn niet bevoorraad en we hebben niks meer in huis. Zal dit dan echt de laatste keer zijn dat we met z’n vijven eten?

Maandag 1 maart, ik ben 41 weken en een paar dagen zwanger, het is tien uur ’s ochtends en ik voel weeën. Dit zijn de echte, nu gaat het niet lang meer duren, denk ik, vandaag komt hij. Licht gespannen gaan Marcel en ik met Teun naar de speeltuin, even naar buiten en kijken hoe de weeën zich ontwikkelen. Ze zijn heel onregelmatig. Mijn ouders maken een rondrit met de toeristenbus, ik heb hun nog niet verteld dat ik denk dat de weeën begonnen zijn. Ik moet er maar niet te veel aandacht op vestigen, heb ik bedacht. Ik laat Rosa Maria weten dat ik om de tien minuten weeën heb. De telefoonverbindingen zijn nog steeds slecht en soms zijn mensen niet bereikbaar, vandaar dat ik haar maar alvast op de hoogte stel. We spreken af dat we om vijf uur weer contact hebben.

Clinica Santa Maria
Na de speeltuin gaan we terug naar het appartement en ga ik met Teun slapen. Na twee uur sta ik op en voel enorme heftige weeën en, met de gedachte dat het nog wel een dag kan duren, ga ik weer liggen en probeer nog wat te slapen. Als ik lig zijn de weeën veel minder. Om vier uur worden Teun en ik wakker, ik sta op en meteen zijn de weeën enorm heftig, om de twee, soms drie minuten. Om half vijf zeg ik tegen Marcel dat het niet langer gaat en dat we Rosa Maria moeten bellen. De weeën komen wel heel snel en onregelmatig. Marcel belt Rosa Maria op en die zegt dat ze eraan komt. Op dat moment komen mijn ouders terug, precies op tijd want we besluiten, op aanraden van Rosa Maria die terugbelt, om toch maar direct naar het ziekenhuis te gaan. Ik strompel naar beneden, Teun gaat met oma en opa naar de speeltuin en vindt het wel prima.

In de taxi komen de weeën om de paar minuten. Bij clinica Santa Maria aangekomen kruip ik uit de auto. Marcel ziet Monica Gruillert lopen, de hoofd-matrona van het ziekenhuis. Ze groet ons, ziet mij de taxi uit “kruipen” en loopt direct naar binnen om een rolstoel te halen. Met haar gaan we naar de vijfde verdieping, zij checkt meteen mijn bloeddruk, die goed is, en ze wrijft een tijdje over mijn rug tegen de pijn en dat voelt fijn.

Rosa Maria arriveert en hup, ze onderzoekt me meteen, ik heb al acht centimeter ontsluiting, dus ik ga direct naar de verloskamer. Terwijl ik hangend over het bed in de verloskamer mijn weeën probeer weg te puffen, komt de anesthesist binnen met een formulier en vraagt tussen de weeën door of ik dat formulier wil tekenen. Daar staat in dat ik akkoord ga dat ik geen ruggenprik of pijnstiller wil. Ik ben verbijsterd en vertel via Rosa Maria, de anesthesist spreekt namelijk geen Engels, dat hij op moet zouten, dat ik daar nu echt geen tijd voor heb om dat nu te gaan beslissen. Ik moet hem toch betalen, dus waarom moet ik in godsnaam dat formulier tekenen? ‘Wegwezen jij.’ Zo, dat is eruit.

Vreemde toestand
Marcel is intussen naar de receptie gelopen op de begane grond om mij aan te melden voor opname. Rosa Maria zegt dat Marcel tien minuten weg mag blijven. Maar natuurlijk heeft hij een aantal mensen voor zich in de rij. Ze zijn tot acht uur open dus Marcel loopt weer naar mij toe. Daar krijgt hij een dokterspak aan en is het wachten begonnen. De gynaecoloog komt binnen en vraagt of het een meisje of jongen wordt en hoe hij of zij gaat heten? Wij zeggen dat we niet weten of het een meisje of jongen wordt en dat we de naam niet bekend maken. Zo gaat dat in Nederland, leggen we uit. Dat vinden ze hier maar vreemd.

Ik heb heel veel pijn en terwijl ik de ondraaglijke pijn van de weeën probeer op te vangen komt er een heftige naschok van de aardbeving van twee dagen geleden, met een kracht van 6.8 op de schaal van Richter. Ik schiet acuut in de stress. De scheuren zijn te zien in de muren van de verloskamer, stukken muur zijn weg getrild en nu hangen de schilderijen ook weer scheef.

Ik heb het zo gehad met die naschokken, het is zo’n angstaanjagend gevoel, ik word namelijk elke keer weer herinnerd aan die angstige nacht twee dagen geleden. Dan lig ik hier te bevallen en probeer al het positieve eruit te halen en me te focussen op het kind dat ik zo ga krijgen en besef meteen dat ik hem op een mooie, maar ook boze, gewelddadige wereld zet. Rosa Maria zegt dat ik me moet ontspannen, ‘het ziekenhuis kan de schokken wel hebben, het gebouw blijft wel staan.’ Ze kijkt in mijn ogen en ziet dat het niet goed met mij gaat, dat ik de pijn niet meer trek en dat ik veel te gespannen ben. De baby schijnt ook nog te hoog te liggen, ik moet echt ontspannen zodat de baby kan zakken, zegt ze. Rosa Maria stelt voor dat ik een ruggenprik krijg, zodat ik kan ontspannen en de baby kan zakken. Een heel goed besluit van haar.

Vijf keer persen
Na enkele minuten knap ik zienderogen op, kan ik ontspannen en voel ik geen pijn meer. De gynaecoloog wil even kijken hoe de baby ligt en voelt dat hij schuin ligt. We wachten een half uur en dan besluit hij om hem een kwartslag te draaien. Rond kwart over negen wordt de baby gedraaid. De verpleegkundigen snappen niet dat ik uit eigen vrije wil een natuurlijke bevalling wil, met alle mogelijke complicaties en pijn van dien. Rosa Maria neemt het meteen weer over, nadat de gynaecoloog de baby een kwart-slag gedraaid heeft. Naar mijn idee gaat het nog uren duren, maar niks is minder waar. Rosa Maria zegt dat ik moet persen en na vijf keer persen komt om kwart voor tien Bram ter wereld.

Een prachtig mooi ventje, helemaal gaaf, 4,19 kilo zwaar en tweeënvijftig centimeter lang. Bram krijgt meteen een polioprik, dat is standaard hier, en een vitamine K shot. In dit geval heb ik besloten: ‘doen wat de Chilenen doen.’

De mobiele telefoon gaat. ‘Hallo, met Pauline.’ Mijn jongste zus uit Costa Rica belt. ‘Hoe gaat het?’ Ik zeg: ‘Heel goed. Ik lig met een heerlijk warm klein lijfje op mijn buik en hij heet Bram.’

Champagne!
Bram en ik worden naar onze privékamer gebracht, Marcel gaat terug naar ons appartement, waar hij met mijn ouders de champagne opentrekt. Voor hem is het heel fijn dat mijn ouders er zijn om zijn geluk mee te delen. Bram en ik blijven achter, en terwijl ik enorm lig te genieten van mijn lieve kleine wondertje, schieten af en toe angstige gedachten door mijn hoofd: ‘Als er maar niet weer naschokken komen.’ Ik verrek van de pijn, de pijnstillers zijn uitgewerkt en mijn stuitje is gekneusd bij het draai-en van Bram tijdens de bevalling, dus ik kan moeilijk liggen.

Als er nog een aardbeving komt weet ik niet hoe ik mijn bed uit moet komen. Ik onderdruk de gedachte en kijk naar mijn kleine lieve ventje dat rustig ligt te slapen.

Dit is een hoofdstuk uit Zwanger in 13 landen waarin Mireille Steenkamer haar zwangerschap op reis beschrijft. Het leven zonder sociale druk, zonder agenda, zonder verplichtingen. Ze reisden door dertien landen, en maakten mee hoe andere culturen aankeken tegen Teun, tegen ouderschap en tegen een zwangere vrouw. Ze volgden de zon van Azië naar Australië en via Nieuw-Zeeland naar Zuid-Amerika. Adembenemende landen, prachtige ontmoetingen met de mensen die er wonen.  

Het boek is te bestellen via www.zwangerin13landen.nl.
Kosten: € 12,50 excl. verzendkosten.
ISBN nummer: 978-94-90537-41-8

Lees ook: We mogen weer spelen! (Die tijgermoedermethode blijkt voor geen méter te werken.)

 

Barbara van Erp (48) is moeder van twee zoons: Felix (11) en Morris (6). Ze richtte Me to We op, omdat ze vond dat het tijd was voor een realistischer geluid uit moederland. Inmiddels is ze uit de luiers, maar ze weet nog maar al te goed hoe het was om kleine kinderen te hebben.

Lees ook
Geschreven door
More from Barbara van Erp Lees verder

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.