De vuilnisbak in met Oei, ik groei! Je kind bepaalt zelf wel hoe snel het ontwikkelt.

Vinca snapt de onzekerheid van jonge ouders die net hun eerste kind hebben gekregen. Ze herinnert zich het nog als de dag van gisteren. Daarom wil ze hen een hart onder de riem steken en hen ervan verzekeren: je kind doet het goed. En jij ook.

We staan te wachten bij de balie in het ziekenhuis, mijn zoon en ik. We zijn op de specialistische kinderpoli voor zijn driemaandelijkse controle. Mijn oudste werd geboren met een zeldzaam syndroom en zijn ontwikkeling wordt daarom nauwkeurig in de gaten gehouden. Achter ons staat een jonge vader. Zijn drie maanden oude kindje heeft hetzelfde syndroom en hij staart wat naar mijn kind. Dan komt er schuchter de vraag: “Hoe oud is hij?” Ik vertel dat hij negen is, mijn leuke zoon. De vader komt een beetje onzeker over en ik geef hem geen ongelijk. Hij heeft net zijn eerste kind gekregen en dat blijkt niet te gaan zoals hem in de boekjes is beloofd. “Hoe oud was hij toen hij ging praten?”, is zijn volgende vraag. “Och, weet je dat ik dat alweer vergeten ben!”, antwoord ik nonchalant. “En lopen, wanneer kon hij lopen?” is direct de volgende vraag.

LEES OOK: Toen Vala naar het Consultatiebureau ging en opeens een debiele baby had.

Ik snap het vragenvuur van de vader op de kinderpoli. Naast de grote nog verse vraag, waarom overkomt ons dit, stroomt hij vol met vragen over de ontwikkeling en toekomst van zijn kind. Je wilt doelen stellen, je ergens aan vast klampen. ‘Wordt mijn kind echt zo anders dan andere kinderen?’. Wij probeerden ons er negen jaar geleden in te verdiepen, na de diagnose, hoe dat gaat met ‘deze kinderen’. Maar bevredigende antwoorden vonden we niet. We besloten daarom heel snel na de geboorte van onze eerste, dat we naar hém als individu zouden gaan kijken. De ‘te verwachten’ ontwikkeling van deze kinderen los te laten en de normale opvoedboekjes al helemaal. Achteraf een geweldig inzicht, al zeg ik het zelf. Want als ik iets heb geleerd van mijn ‘zoon met syndroom’: kijk naar je kind! Kijk vooral niet naar anderen en al helemaal niet naar wat normáál of standaard is. Want kinderen en normaal en standaard…whoehahaha.

Inmiddels heb ik er drie, van die ontwikkelwonders. Via de mail ontvang ik voor nummer drie, die inmiddels 16 maanden is, regelmatig van die groei-updates. Blijmoedig rolt dan s’morgens in mijn mailbox: ‘Je kindje is nu 16 maanden. Hoera! het staat af en toe los en loopt voorzichtig mee aan het handje.’ Ik grinnik, je bedoelt zeker: ‘rent al vanaf 10 maanden de hele kamer door en vertikt het om ook nog maar een meter in de buggy te zitten?’ Wat een uitersten zijn ze, die nummer 1 en nummer 3 van mij. Nummer 1, met syndroom, liep door zijn spierachterstand met 2,5 voor het eerst. Nummer drie liep met tien maanden dus al los. Nummer twee leek ook zo’n vlotte, maar nadat die langs de bank leerde lopen met 11 maanden vond ze het mooi geweest en zette de grote stap naar het loslopen pas toen ze anderhalf was.

Echt, de vuilnisbak in met al die ontwikkelingsboeken! (sorry goedbedoelende auteurs) Geen één kind is hetzelfde! Natuurlijk is het goed dat we in Nederland instanties hebben zoals het consultatiebureau, die de essentiële ontwikkelingsmomenten van je kind een beetje monitoren. Pakt je kind een blokje op, vertoont het ‘geef en neem gedrag’ etc. Zo kunnen bepaalde ontwikkelingsstoornissen vast en zeker op tijd gevonden worden. Maar kinderen zijn nu eenmaal eigenwijze wezens vol genetische snufjes. Die bepalen zélf wel wanneer ze gaan lopen! Iemand vertelde me ooit het verhaal van zijn zoon. Die het tot zijn tweede had vertikt te lopen. Hij wilde alleen maar kruipen, tot grote zorg van zijn ouders. Het joch werd door de hele molen van artsen, orthopedagogen, en zelfs psychologen getrokken. Tot hij op zijn tweede verjaardag van oma’s schoot af sprong en wegrende. Ik heb gejankt van het lachen toen me dit verteld werd. Want zo is het! Elsa zei het al: ‘laat het los, laat ze gaan.’

LEES OOK: Allemaal een perfecte baby – huisartsen bieden DNA-test vóór de zwangerschap.

Lees ook
Geschreven door
More from Vinca van Kalsbeek

Brief aan alle moeders die een kind verloren

Vinca kent een behoorlijk aantal moeders die hun kind hebben verloren. Haar...
Lees verder