De baby van Renée viel van de trap, de hele trap

moeder zit onderaan de trap met een baby
Je kind van de commode laten vallen. Oké, dat kan gebeuren. Maar van de trap? De hele trap? Het gebeurde vorige week met de baby van Renée.

Nooit meer iets missen?
Schrijf je dan hier in voor onze wekelijkse nieuwsbrief en blijf op de hoogte! 

Ik moest nog wat werk verzetten. Handig dat de werkkamer in ons nieuwe huis naast de speelkamer is. Dus manlief zou wat met de boys lego’en, terwijl ik een paar stukkies tikte. Het klonk reuze gezellig. Papa deed gek, kinderen lachten allebei. Mijn man was nog een beetje beledigd, toen ik alszijnde retorische vraag vroeg of hij wel goed op baby Bowie zou letten. Die was in een paar dagen opeens zo verrekte snel geworden en dat traphekje op zolder hing nog niet. Mijn man draaide met zijn ogen. Zo van: natuurlijk let ik op.

Ik zat midden in stukje twee toen ik opeens een gil hoorde. Mijn man die een gil slaakte. En toen boink, boink, boink. Nu ben ik meestal niet zo snel los te rukken van mijn werk, als ik eenmaal bezig ben. Mijn zoontje roept soms tegen me; ‘Mama, wakker worden!’ en staat dan met zijn armen voor mijn gezicht te maaien. En dan nog antwoord ik dat ik even iets af wil maken. Dit keer stond ik binnen een halve seconde aan de trap. Ik wist meteen wat er gebeurde. Al kon ik het me niet voorstellen. Bowie zou toch niet echt van de trap aan het vallen zijn? Die hoge, 18 treden tellende trap van zolder naar de eerste verdieping. Ik zag mijn man bovenaan de trap staan. Hij riep dingen als godverdomme en kut. Al die woorden die eigenlijk niet mogen. Ik riep het ook en rende mijn kind achterna.

De laatste drie treden zag ik hem gaan. Zo op zijn koppie. Tot hij onderaan de trap landde. Ik graaide ‘m van de grond en hield hem vast. Voorzichtig, doodsbang voor wat er allemaal kapot zou zijn. Hij huilde, meteen. Voor het eerst sinds zijn geboorte leek me dat een goed teken. Hij huilde twee minuten, misschien was het er maar één. En toen was hij weer rustig en lachte naar me. Ik kon even niet lachen. De tranen stonden in mijn ogen, terwijl ik bij mijn man pure paniek zag. Hij bleef maar praten. Over hoe snel het ging. Over dat hij hem zag gaan. Over dat het toch nooit zo snel had kunnen gaan. Ik dacht veel, maar ik zei het niet. Het was écht niet nodig om de man tegenover me duidelijk te maken dat hij stom was geweest. Dat hij godverdomme beter op had moeten letten.

Het enige wat ik vroeg was: ‘Zat je op je telefoon te kijken?’ Geen idee waarom ik dat nou vroeg. Misschien omdat dat wel een legitieme reden was geweest om boos te worden. Als mijn man op de socials had zitten kijken, in plaats van naar zijn kind. Maar nee, hij was gewoon aan het lego’en geweest. Misschien iets te veel bezig met het ontwerp, wat vaders altijd heel serieus nemen. En toen was hij weg. Toen lag hij beneden. We gingen toch naar de huisarts. Die stuurde ons toch naar de Eerste Hulp. Die stuurde ons toch maar even naar de kinderafdeling. Daar vonden ze dat we toch maar een nachtje moesten blijven ter observatie.

Lees ook: Wat ik dacht toen ik mijn baby liet vallen

Iedere twee uur kwam een verpleegkundige mijn baby wakker maken om met een lampje in zijn ogen te schijnen. Even kijken of hij alert was. Ik voelde: het is goed. Hij heeft er niets aan over gehouden. Ik denk dat iedereen het wist, maar we wilden het zekere voor het onzekere nemen. ‘s Ochtends om 11 uur mochten we weer naar huis. De kinderarts zwaaide ons uit en zei nog even snel dat we geluk hadden gehad. ‘Was het eigenlijk een open trap?’ vroeg ze. Ik antwoordde van ‘ja.’ Ze zei daarna niets meer, maar ik lag het van haar gezicht: dan had het nog erger kunnen zijn. Wat als hij tussen de treden door was gevallen, nog een verdieping naar beneden. Daar ligt geen vloerbedekking meer, maar plavuizen. Keiharde stenen, waar hij met zijn koppie op had kunnen landen. Mijn maag draaide ervan om. Dan was ik mijn baby kwijt geweest. Eenmaal thuis stonden er maar twee dingen op het to do-lijstje de rest van het weekend. Heel veel knuffelen met mijn baby, met allebei mijn kinderen. En traphekjes ophangen.

Lees ook: 12 gouden wetten uit het leven van een baby

Renée is de trotse moeder van een peuter en een baby. Ze is lekker nuchter en kan niks met de ik-weet-het-beter-moeder. Soms pakt het ze het zelf allemaal niet zo pedagogisch verantwoord aan en daar komt ze gewoon rond voor uit.

Lees ook
Geschreven door
More from Renée Lamboo

Vijf nadelen van een dikke baby

Renée heeft een dikke baby. Heerlijk, die bovenbeentjes om in te knijpen....
Lees verder