15 Dingen die je best tegen je kraambezoek kunt zeggen

Ja hoor, je mag je bezoek best aan het werk zetten. En na anderhalf uur beschuitjes serveren, kun je ook best informeren of het gezelschap weer wil verdwijnen. En zo zijn er nog meer dingen die je echt gewoon tegen je kraamvisite kunt zeggen.

Het is natuurlijk enorm leuk dat zoveel mensen de baby waar jij zo trots op bent komen bekijken. Echt. Ik kon geen genoeg krijgen van de vertederde blikken voor het kind waar ik ook de hele tijd verliefd naar zat te staren. En dan al die cadeautjes! Maar kraambezoek kan ook voor lichte stress en de nodige irritatiepuntjes zorgen en daar zit je niet meteen op te wachten als je net een kind hebt. Zo waren er mensen die rustig een uur te laat binnen kwamen zetten (wég zorgvuldig rondom het bezoek gepland voedingsschema!) of die tot zo lang na etenstijd bleven hangen, dat wij uiteindelijk de barbecue maar opstookten (en ons voornamen om nooit, maar dan ook nooit zelf een uitnodiging om te blijven eten bij een kraamvisite te accepteren). Gelukkig kun je dit soort ergernissen makkelijk voorkomen. Gewoon één van deze gevleugelde zinnen uitspreken. Werkt gegarandeerd.

Lees ook: Dingen die ik deed die eerste maanden en die helemaal niet nodig zijn.

Dit artikel gaat door onder de afbeelding

1.”Natúúrlijk ben je welkom. Maar nu nog even niet.”
Je oud-collega die een dag na de bevalling al appt of ze die middag kan langskomen, of je achternicht die aankondigt ‘komend weekend wel tijd te hebben’ – serveer je dus gewoon schaamteloos af als jij hun grijnzende tronies nog niet op je stoep wilt hebben. Jij en jij alleen bepaalt wie er wanneer langskomt. De baby bestaat volgende week ook nog wel. En volgende maand. En over een halfjaar. En dan is ‘ie echt, heus, ook nog wel schattig.

2. “Heb je een afspraak?”
Er geldt een kraamgebod dat ten allen tijde gerespecteerd dient te worden: gij zult niet zonder afspraak op visite komen. Never nooit, geen uitzonderingen mogelijk. Voel je dus niet bezwaard om je achterburen weg te sturen als ze zomaar zwaaiend en met een tros hysterische heliumballonnen voor het raam opduiken, ook als je altijd een kopje suiker bij ze mag leven en trekken ze een bolderkar vol cadeaus achter zich aan.

3. “Als je tóch langs de supermarkt rijdt…”
Met een superstrak babyschema dat zo’n beetje je hele dag in beslag neemt, voelt een tripje naar de supermarkt als een ruimtereis die je maanden van tevoren minutieus moet voorbereiden. Dus als je kraambezoek toch langs de AH op de hoek rijdt, kunnen ze bést even vijf zakken koffiebonen, een pallet luiers en een stapel kant-en-klaar maaltijden voor twee weken meenemen (geneer je niet, meteen groots inzetten).

4. “Kun je jezelf even vermaken?”
Hier is de iPad, er staat Netflix op. Ik kan je ‘Mad Men’ aanraden. Ik ga namelijk even voeden. Boven. En ja, dat kan wel even duren.

5. “Zullen we het niet over de bevalling hebben?”
“En hoe was je bevalling?” informeert de collega die altijd al de neiging had neus in impertinente zaken te steken. “Gaat je niks aan” is wellicht wat bot, maar je kunt volstaan met “goed” als je geen zin hebt het hele verhaal uit de doeken te doen is volstrekt gelegitimeerd. Voel je niet verplicht de veelzeggende stilte daarna op te vullen met uitscheur en placenta-anekdotes. En het is trouwens ook heel done om gewoon naar de keuken te lopen als de woorden “Nou, bij míjn bevalling…” vallen.

6. “Zullen we het alleen maar over de bevalling hebben?”
Als je er toevallig nog helemaal vol van bent en het verhaal niet vaak genoeg kunt vertellen, geldt uiteraard de ongeschreven regel dat je kraambezoek verplicht is te luisteren. En alle ranzige details gewoon over zich heen te laten komen.

7. “Ik laat hem liever even liggen.”
Als je je baby net na 61 rondjes door je woonkamer, 24 slaapliedjes en 78 keer aanleggen, in slaap hebt gekregen, moet tante Ans-die-je-nooit-ziet maar leren leven met de enorme teleurstelling dat jij ‘m dus NIET uit z’n bedje gaat vissen omdat zij ‘m toevallig wil vasthouden. Ja, 2,5 uur in de auto is lang. En ja, je weet van haar reuma.

8. “Kom je zonder je kinderen?”
Jouw wereld draait nu – en voor de rest van je leven trouwens, maar vooral nu – maar om één kind: het exemplaar dat je onlangs hebt gebaard. En daar heb je het al druk genoeg mee, dus op de drieling van je neef (categorie ‘je had ze misschien ook een beetje kunnen opvoeden’), of het ettertje van je vroegere buurvrouw zit je niet persé te wachten. Vooral niet omdat je geen zin hebt om de ogen van je baby elke twee seconde tegen prikkende vingertjes te beschermen, of achteraf de wasco van je muur te poetsen. Bof jij even, je kunt gewoon vragen of het nageslacht voor deze ene keer kan thuisblijven.

9. “De stofzuiger staat in de gangkast. Just saying…”
Kijk, kraambezoek gewoon is geen normaal bezoek. Bij normaal bezoek maak jij het huis nog even aan kant en sloof je je uit, zodat het bezoek a, denkt dat jij een heel goede huisvrouw bent en b, het bezoek niet z’n eigen drankjes hoeft te pakken enzo. Bij kraambezoek geldt het omgekeerde: jij doet zo min mogelijk, zij zovéél mogelijk. Dus mochten ze niet uit zichzelf aanbieden een drie gangen diner op jouw tafel te zetten, kun je ze met wat niet zo subtiele hints best richting stofzuiger bewegen.

10. “Wil je je handen wassen?”
Was je vroeger niet zo van de strikte hygiëne, sinds je verantwoordelijk bent voor de gezondheid van een bizar kwetsbare baby, verslijt je de ene grootverpakking desinfecterende zeep na de andere. Jammer genoeg komt niet iedereen binnen met een heupflacon alcohol-gel en moet je lijdzaam toezien hoe al die bacteriën bezit nemen van je baby. Niks mis mee om je bezoek eerst langs de kraan te sturen, als jij je daar beter bij voelt.

11. “Ik volg gewoon mijn eigen gevoel”
“O, maar bij krampjes móét je echt dit olietje-dat-niemand-kent proberen.” “Gewoon laten huilen, anders verwen je hem alleen maar.” “Stuwing, ha, heb je al koolbladeren…” Ongevraagd advies is sowieso nogal irritant, maar helemaal als je zelf al geplaagd wordt door meer twijfels dan je ooit had kunnen vermoeden. Want natuurlijk heb je geen idee of je het allemaal wel goed doet (of eigenlijk: ben je ervan overtuigd dat je gewoon álles fout doet) en weet je niet waarom je kind zo veel / weinig huilt, spuugt, poept en drinkt. Natuurlijk niet, je moet alles nog leren. Maar je weet wél wat je moederhart je ingeeft en als dat toevallig is dat je de hele dag met je baby in een draagdoek rondjes moet lopen, klopt dat dus. Kraambezoek dat het beter weet, kun je zonder scrupules de mond snoeren.

12. “Ga je nu weer weg?”
Zou je normaal gesproken nog liever je pink afhakken dan ongastvrij over te komen, bij kraambezoek kun je al die gezelligheid soms wel de kamer uitkijken. Daarom is het prima om gewoon te vragen of iemand van plan is alweer te vertrekken. Na tien minuten is misschien wat snel, maar onthoud dat iedereen die het toegestane halfuur overschrijdt, erom vraagt om weggestuurd te worden. Je kunt ook gewoon naar boven verdwijnen en niet meer terugkomen.

13. “Heb je een zakdoek?”
Emoties all over the place, die eerste weken. Schaam je niet als je bij je kraambezoek ineens in tranen uitbarst, terwijl je zelf ook niet weet waarom. Klein advies: plan de eerste twee weken alleen kraamvisite waarvan je weet dat ze niet schrikken van een beetje babyblues.

14. “Heb ik al”
Niemand heeft er iets aan als jij te beleefd bent om te zeggen dat het setje dat je net hebt uitgepakt al in zesvoud in de babykast hangt, in drie verschillende kleuren. Ga ervan uit dat wanneer iemand zegt “Ik heb de bon nog”, dat daadwerkelijk betekent dat iets geruild kan worden. Ga er ook van uit dat geen mens gaat checken of het betreffende setje het ook daadwerkelijk tot lievelingsoutfit schopt. Een keer een fotootje maken met je telefoon en door-appen en de gulle gever is tevreden.

15. “Zullen we een nieuwe afspraak maken?”
Proestend en snuffend komt je vriendin binnenzetten, onderwijl een schor “Zooo verkouden, de huisarts denkt zelfs aan bronchitis!” blaffend. En hop, daar stiefelt ze zo door naar de box, snotsproeiend en al. Vat haar in de kraag voordat ze die bacillen aan jouw nieuwste bezit kan overdragen en verzoek haar dringend pas terug te komen als ze drie woorden kan zeggen zonder in een astma-achtige hoestbui te belanden. Niet alleen wil je niet dat je kind verkouden wordt, jijzelf hebt het ook zonder semi-SARS al zwaar genoeg.

Lees ook: 14 Dingen die iedere  borstvoedende moeder denkt.

Geschreven door
More from Marieke Jongsma

‘Elke maand hebben we ruzie over geld’

Merel (40, moeder van drie meisjes van 8, 7 en 1) heeft...
Lees verder