Als je opeens in een depressie belandt: “Alles was zwart. Pikzwart.”

Tilda keek zo uit naar de eerste weken met haar kindje. Maar toen kreeg ze een postnatale depressie. “Alles was zwart. Pikzwart. Urenlange janksessies, een mega lijst met onzekerheden, angst om haar pijn te doen, de opsomming was eindeloos.”

Hoe lang ik wel niet heb nagedacht over deze blog. Moet ik hem wel schrijven, of toch maar niet? Uiteindelijk heb ik besloten om hem toch te schrijven. Misschien help ik er een nieuwbakken moeder mee, die het net als ik, ook niet uit durft te spreken. Al help ik er maar eentje. Lord knows how much I needed that five months ago.

Ik had nooit gedacht dat het zover zou komen, dat ik er zo doorheen zou zitten. Dat ik mezelf zo kwijt zou raken, zoals is gebeurd. Toen mijn o zo geliefde oma overleed, was ik natuurlijk bang voor de gevolgen. Bang dat ik me über verdrietig zou voelen, ik heb zelfs de term postnatale depressie in mijn mond genomen toentertijd. Is het self fulfilling prophecy? Of is het gewoon domme pech? Of beiden? Ik weet het niet en zal het waarschijnlijk ook nooit weten. Maar het feit is, ik heb een postnatale depressie. Het hardop zeggen blijft moeilijk en nu ik deze woorden zwart op wit lees op mijn scherm, krijg ik meteen weer een brok in mijn keel.

Mijn Livia, mijn schattige, ons schattige meisje. Het aller ALLER mooiste wat me ooit is overkomen. Ze vervult me met liefde en een uitzinnig gevoel van geluk en vreugde als ze naar me kijkt. Laat staan als ze naar me lacht, dan breekt de hemel open en hoor ik de engelen zingen.

Alles daarbuiten was zwart. Pikzwart. Urenlange janksessies, een mega lijst met onzekerheden, angst om haar pijn te doen, de opsomming was eindeloos. Ik heb het ontkend, weggestopt, weggelachen. De mensen die mij goed kennen, weten hoe goed ik laatstgenoemde kan. Hoe meer grappen, hoe meer je in mijn geval moet gaan uitkijken. En toen ineens viel het doek. De comédienne was uitgespeeld. Ik kon niet meer.

Dan begint het pas, want ik heb het toegegeven, het gaat eigenlijk helemaal niet zo goed met me. Ik voel me helemaal niet blij en zit al helemaal niet op een roze wolk. Maar zo hoort dat toch? Je hoort blij en dankbaar te zijn als je mama bent geworden. Je mag niet klagen of jammeren dat het zo zwaar is. Maar dat is het verdorie wel! Hartstikke zwaar! De hormonen die van mij een raging bitch maakten, het slaapgebrek en dan nog iedereen die van alles van je wil de hele dag. Soms trok ik de slaapkamerdeur dicht en zei:” Ik ben er even niet.” Telefoon in de hoek van de kamer geflikkerd, oordoppen in en slapen. Ik wilde niet voelen wat ik daadwerkelijk voelde. Want dat was nogal zwartgallig kan ik je vertellen.

Het gemis van mijn oma deed daar nog een enorme schep bovenop en uiteindelijk verzoop ik. Ik trappelde zo hard ik kon, maar ik verzoop langzaamaan. Mensen bereiden je hier niet op voor. Want geloof het of niet, ondanks de boeken die erover zijn geschreven (je weet wel, die boeken die ik allemaal niet wilde lezen), heerst er een enorm taboe op dit onderwerp. Terwijl, toen ik het eenmaal out in the open had gegooid, zoveel vrouwen hier last van blijken te hebben! Er zijn zelfs praatgroepen voor nieuwbakken mama’s met een depressie.

Dankbaar: ben ik. Enorm gezegend met zo’n lieve en makkelijke baby: ben ik. Gelukkig: als ik naar haar kijk. Nu de rest nog. Er zijn dagen geweest, dat ik het niet meer zag zitten en de handdoek in de ring wilde gooien. Niet verder kunnen kijken dan het uur daarna. Godzijdank zijn daar mijn lieve, liefste man en mijn lieve vriendinnen die me op de been houden. Die er alles aan deden en doen om me er boven op te helpen. Je komt op een kruispunt in je leven waarop duidelijk wordt wie je ware vrienden zijn en van welke je afscheid moet nemen. De mensen die het hardst riepen voor ik was bevallen: ”Ik kom je helpen hoor, ik kom oppassen, boodschappen doen, etc.”
Zij waren in geen velden of wegen te bekennen. Maar mijn inner circle, de mensen die het ook niet nodig hebben om het zo hard te roepen, die waren er onvoorwaardelijk. Die doen dat gewoon zonder poespas of bombarie. Die komen aan met bakjes nasi, komen oppassen als je naar therapie moet, doen boodschappen voor je en hangen uren met je aan de telefoon terwijl jij alleen maar kan janken. Makkelijk ben ik nu niet en soms ook niet zo aardig. Ik wil me niet achter mijn depressie verschuilen, maar het is wat het is.

Duizendmaal dank voor mijn schatten die me nu zo steunen. Jullie hebben geen idee hoe blij en dankbaar ik ben dat ik omringd wordt door zoveel liefde. Ik kom er wel, maar lang niet zo snel als ik zou willen. Nu ik weet dat ik niet alleen sta hierin en het durf te uiten, voel ik me bevrijd en niet langer eenzaam zittend op het eiland van ellende.
De toekomst lonkt, one babystep at the time.

 

 

Foto: iStock

 

Lees ook
Geschreven door
More from Tilda Timmers

Waarom je met een postnatale depressie dus niet naar een praatgroep moet gaan

Tilda moest van haar therapeute naar een praatgroep om met lotgenoten over...
Lees verder