Als je laatste baby geen baby meer is

Vala is niet echt fan van de babytijd. Grote kinderen vindt ze veel leuker. Toch werd ze een beetje weemoedig toen haar derde kind 1 jaar werd. Want hoe lastig, vermoeiend en onzeker ook, die babytijd is toch speciaal.

Het gaat zo snel, de tijd vliegt, voor je het weet is het voorbij. Allemaal cliché’s waar je doorgaans niet zo erg bij stil staat. Maar, zoals dat gaat met cliché’s, stiekem zijn ze toch wel waar. Vorige week werd mijn baby 1 jaar. Nu is mijn baby dus geen baby meer. En ik weet even niet meer waar de tijd gebleven is. Want het lijkt wel gisteren dat ik haar voor het eerst in mijn armen had. Een klein, verfrommeld hoopje mens, dat niks kon, niks wist, niks deed. En opeens is ze nu een meisje. Alsof ik met mijn ogen heb geknipperd en de tijd plotseling vooruit is gespoeld zonder dat ik dat zelf door had. Als ik naar haar kijk, naar die 10 kilo kind, dat kind dat loopt, al een heel klein beetje praat, voorop de fiets zit, boterhammen met smeerkaas eet en soms zelfs al een klein peuterachtig driftbuitje heeft, dan kan ik bijna niet geloven dat ze al zo groot is. En betrap ik mezelf erop dat ik de tijd soms even stil zou willen zetten. Want opeens heb ik geen baby meer. En dat vind ik stiekem wel verdrietig.

Lees ook: Wat er echt geweldig is aan baby’s.

Heel gek is dat, want ik houd helemaal niet zo van baby’s. Ja, ze zijn heel schattig hoor, en leuk om naar te kijken als ze slapen, maar voor de rest vind ik het vooral heel erg veel gedoe. Gedoe met voedingen en luiers. Gedoe met slaapjes en slapeloze nachten. Gedoe met huilen en dat je dan nooit weet waarom. Nee, doe mij maar grotere kinderen. Kinderen die zelf kunnen lopen, kunnen vertellen wat ze willen en waar het pijn doet. Kinderen die je niet meer hoeft te voeren en kinderen voor wie je ‘s nachts niet tien keer in je onderbroek onder hun ledikant hoeft te kruipen om een speen te zoeken. Ik vind het moederschap met ieder jaar dat mijn kinderen ouder worden makkelijker, en vooral ook leuker worden. Mijn drie baby’s hebben mij geleerd dat ik gewoon geen baby-moeder ben. Maar zijn ze eenmaal een maatje groter, echt, dan ben ik je vrouw. Doe mij maar peuters en kleuters en ik kijk stiekem zelfs een beetje uit naar de puberteit. Dus ik kan niet wachten op alles wat er komen gaat nu mijn derde op het punt staat zich van het larfje dat ze was te ontpoppen tot een vlinder. Maar dit was mijn laatste baby. En afscheid nemen is altijd moeilijk.

Want je weet nou eenmaal niet wat je hebt totdat je kwijt bent. En dat is gewoon echt waar. Arwen is mijn laatste baby en eigenlijk was het al een extraatje dat ik door haar onverwachte komst al die babydingen nog een keer mocht meemaken. Maar nu is het dan echt voorbij. En realiseer ik me opeens dat ik nooit meer zo’n piepklein baby’tje zal hebben. Nooit meer rechtop hoef te slapen omdat zo’n wurmpje alleen maar bovenop me wil liggen. Nooit meer een eerste lachje zal krijgen. Een eerste hapje. Een eerste stapje. Dat is geweest en komt nooit meer terug. Een realisatie die ik toch wel even moet verwerken. Want die babytijd, hoe moeilijk en vermoeiend het vaak ook is, blijft toch wel iets heel speciaals. De geur en het gevoel van een pasgeboren baby, dat is niet te evenaren. Het miraculeuze van die eerste mijlpalen en zelfs die nachtelijke voedingssessies hebben iets dat met niks anders te vergelijken is. Ik kan me nog levendig voor de geest halen hoe moe en gefrustreerd ik regelmatig was, maar gek genoeg verlang ik daar nu af en toe opeens naar terug. Denk ik: kon ik nog maar één keer… Maar helaas, dat kan niet. Want mijn baby is geen baby meer.

Dag lieve baby, wat was je mooi, wat was je lief, wat was je knuffelig. Ik zal je heel erg missen en nog heel vaak aan je terugdenken. Aan hoe ontzettend klein je was, aan hoe je ‘s avonds urenlang alleen maar bovenop me lag, aan je schaterlachjes, je mollige spekbeentjes en je drie onderkinnen waar ik je altijd onder kietelde. Hallo lief kind, wat ben je mooi, wat ben je lief, wat ben je knuffelig. Ik verheug me heel erg op alles wat we samen nog gaan meemaken en op alle nieuwe dingen die je nu gaat doen en leren. Maar zou je af en toe dan ook nog heel even bij me willen liggen? Bovenop me misschien zelfs? Zodat ik je kan aaien door je zachte haartjes, kan ruiken aan je lieve hoofdje? Zodat ik, al is het maar heel even, kan doen alsof je nog een baby bent? Want ik ben dan wel geen baby-moeder, maar stiekem mis ik mijn baby nu al.

Lees ook: Waarom ik mijn kinderen elke dag vertel dat ik van ze houd.

Vala (36) is journalist en tekstschrijver en heeft drie kinderen: een zoon van 8, die autisme heeft, en twee dochters van 6 en 2 jaar. Vala heeft het Syndroom van Ehlers-Danlos, een zeldzame chronische ziekte, maar probeert zich daar niks van aan te trekken (wat soms jammerlijk mislukt). Ze is getrouwd met Mario en samen runnen ze een nogal gemankeerd, maar heel erg leuk gezin. Want saai is het in ieder geval nooit.

Lees ook
Geschreven door
More from Vala van den Boomen

Wat als je kind niet zindelijk wordt?

Kinderen worden steeds later zindelijk en dat is een probleem. Althans, als...
Lees verder