Fulltime werken en een gezin. Hoe dan? Nou, zo dus!

Fulltime werkende vaders, daar kijkt niemand van op. Maar als mama een volle week werkt, schieten de wenkbrauwen omhoog. Want, hoe dan? Dat is toch niet te doen? En wie voedt de kinderen dan op? Vala legt het even uit.

Onlangs schreef ik een artikel n.a.v. het onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) waaruit bleek dat veel vrouwen in Nederland niet financieel onafhankelijk zijn. Belangrijke reden daarvoor is dat Nederlandse vrouwen vaak parttime werken en dus het inkomen van hun partner nodig hebben om in hun eigen levensonderhoud en dat van hun kinderen te kunnen voorzien. Ik sprak mij uit over hoe vreemd ik dat vind, omdat ik van mening ben dat iedereen, man én vrouw, ten allen tijde voor zichzelf zou moeten kunnen zorgen, de eigen broek op zou moeten kunnen houden. Die mening kon op weinig bijval rekenen. Want, was het verontwaardigde verweer: ‘fulltime werken kan nou eenmaal niet’. Althans niet met een gezin. Dat is de tendens in Nederland: kan niet. Hoewel ik me best kan voorstellen dat menigeen zich aangevallen voelde door mijn betoog, is het dus precies díe mentaliteit waar ik me groen en geel aan erger. Meer nog eigenlijk dan de hele fulltime-parttime discussie op zichzelf (want nogmaals, het gaat me niet zozeer om het aantal werkdagen, als wel om het in staat zijn financieel voor jezelf en je kinderen te kunnen zorgen). Maar sorry mensen, fulltime werken met een gezin, dat kan prima. Of ik misschien even uit kon leggen hóe dan, was het verzoek, want volgens menigeen lulde ik uit mijn nek. Ik wil het best even uitleggen, hoor. En, let me stop you right there: nee, ik zie mijn kinderen niet maar een uurtje per dag, en ja, ik voed ze zelf op.

Lees ook: Als je na de geboorte van je kinderen behoefte hebt aan een heel andere carrière.

Dat is wat de fulltime werkende moeder hier in Nederland van andere vrouwen altijd voor haar voeten geworpen krijgt: de vraag ‘waarom ze in godsnaam kinderen gekregen heeft als ze er niet eens zelf voor wil zorgen’. Wat natuurlijk faliekante onzin is. Maar dat terzijde en eerst even terug naar de praktische kant van de zaak: hoe dan? ‘Als we allebei werken stort het huishouden in’ kreeg ik van menigeen te horen, want het is niet alsof een parttime werkende vrouw de helft van de tijd thuis koffie zit te drinken. Maar dat hoor je mij ook niet zeggen. Ik weet uit eigen ervaring dat het hard werken is om thuis te zijn met je kinderen. Maar ondanks het feit dat ik het heftig vond om de hele dag te zorgen en het zwaar is om het grootste deel van de gezinsverantwoordelijkheid te dragen, verveelde ik me daarnaast ook regelmatig helemaal kapot. Wat ik me dan ook afvraag is: in wat voor huis woon je als de boel instort als je beiden voltijds werkt? Dat moet dan toch wel een villa met 20 kamers en een tuin van vijf hectare zijn? Mijn gezin bestaat uit vijf personen, we bewonen een heel gemiddelde gezinswoning in een heel gemiddelde wijk, zoals bijna iedereen dus, en ondanks dat mijn man en ik beiden ruim 40 uur maken is ons huishouden op orde. Natuurlijk, ook bij ons is de wasmand nooit leeg, liggen er onder de tafel altijd broodkruimels en stappen we regelmatig heel pijnlijk op een rondslingerend Legoblokje, maar het is allemaal best aan kant. Nee, we kunnen niet in de VT Wonen, maar iedereen heeft altijd schone kleren, de boodschappen worden gedaan, de badkamer gepoetst, de bedden verschoond en de kinderen van hot naar her gebracht. En dat doen we gewoon zelf, mijn man en ik, samen. Dus kan niet? Hoezo niet? Wat is precies het probleem?

De kinderen, ja, die zijn doordeweeks overdag bij iemand anders. Wij hebben een gastouder aan huis die de kinderen opvangt en om de week ben ik op donderdag thuis. Worden ze dus grotendeels opgevoed door de oppas? Nee hoor, opvoeden doen wij zelf. We zien ze namelijk echt wel meer dan ‘een uurtje per dag’, want het is niet alsof we ‘s avonds binnen komen rennen als ze al met één been in hun bed staan. Dat vreemde idee van het immer gestreste gezin omdat ouders beiden werken, waar komt dat toch vandaan? Sterker nog, er is in ons gezin bijzonder weinig stress, juist omdat alles zo goed geregeld is en iedereen daarop kan vertrouwen. Het huishouden doen we zelf, net als de boodschappen en het koken. Bovendien zijn er nog steeds de weekenden dat we zelf bij ze zijn, dus met dat nijpende tekort aan aandacht en quality time valt het nogal mee. Je kunt namelijk heel wat kabouters vouwen in een weekend. En ze noemen de oppas nog steeds geen mama, dus daar leid ik maar uit af dat ze nog prima weten wie ik ben.

Werken, huishouden, sportclubjes, kinderfeestjes, tijd voor jezelf en voor je relatie, het kan allemaal prima samengaan. Het is simpelweg een kwestie van goed regelen en denken in wat er wél, ipv wat er níet kan. En boven alles is vooral samenwerken de crux. Een team zijn met je partner en een echt evenredige verdeling maken. Mario en ik doen alles samen. We zorgen evenveel voor het huis en voor de kinderen. Ja, hij heeft een intensieve baan, maar dat betekent niet dat dat hem ontslaat van zijn zorgtaken. Net zoals ik mijn snor niet kan drukken omdat ik druk werk heb. Dat gezin, die kinderen, hebben we sámen. En dus draaien we daar ook samen voor op. Wat volgens mij precies is waar het in de Nederlandse samenleving nog steeds ernstig aan schort. Die ‘mental load’ waar we al eens eerder over schreven, die ligt nog altijd voornamelijk bij de vrouwen. Mama draait grotendeels voor het gezin op. En ja, ik zal de eerste zijn om toe te geven: dat is zwaar. Die verantwoordelijkheid in je eentje moeten dragen drukt heftig op je schouders, te heftig vaak. Maar weet je, we blijven daar dus wel zelf mee akkoord gaan. Door ons te schikken in die rolverdeling van weleer. Door vanaf het begin van ons professionele leven parttime te gaan werken, door als we heel erg jong zijn al de last van het gezin dat we dan nog niet eens hebben alvast naar ons toe te trekken. Omdat we onszelf op dat moment al in die zorgrol plaatsen, ipv daar nou eens iets aan te veranderen. Wij, de vrouwen zélf, maken ons daarmee afhankelijk van onze partner. Niet omdat het niet anders kán, maar omdat we niet anders dóen. Die keuzes, die offers die we zogenaamd zo barmhartig moeten maken voor ons gezin, zijn helemaal niet nodig. We zijn geen martelaren. En echt hoor ladies, you cán have it all.

Of je dat ook wilt, dat is een tweede en je kunt beargumenteren dat dat ieders vrije keus is. Maar laat ik je dan deze vraag stellen: ís het echt een keus om voor jezelf te kunnen zorgen? Of is dat eigenlijk een plicht die ieder mens zou moeten hebben? Helemaal, en misschien juíst wel als je kinderen hebt, omdat die nou eenmaal niet in staat zijn om voor zichzelf te zorgen. Dus is het dan niet aan jou, als moeder (en net zo goed als vader, als iedere ouder voor zich dus), om ervoor te zorgen dat jij dat, ten allen tijde, wél kunt? Is dát niet de allereerste prioriteit en hetgeen waarop je verder kunt gaan bouwen? Kun je niet pas als je díe basis hebt gewaarborgd, gaan denken aan dingen als meer tijd met je kinderen, tijd voor jezelf, kabouters vouwen en luizenmoeder zijn? Hoe waardevol en leuk en belangrijk je al die dingen ook vindt? Want het is dan weliswaar nu niet nodig om zelf meer geld te verdienen, maar er kan zomaar een tijd komen dat dat wel zo is. Ik wil geen andere vrouwen, andere moeders, afvallen. Echt niet. Maar die ‘kan niet’ mentaliteit stuit me erg tegen de borst. Dat heeft niks te maken met onderschatten hoe zwaar de last van gezinsmanager zijn is, want dat is niet niks, dat weet ik. Ik heb het zelf aan den lijve ondervonden. Maar dat gebruiken om je achter te verschuilen als je, naar mijn mening geheel terecht, geconfronteerd wordt met een aanzienlijk en niet te onderschatten maatschappelijk probleem, vind ik toch een zwaktebod. ‘Kan niet’ is namelijk heel wat anders dan ‘wil niet’ en laten we elkaar geen mietje noemen: dat is toch wat er meestal aan de hand is. Met die mentaliteit ondermijnen we de emancipatie eigenhandig, terwijl we daar nou juist nog zo’n enorme slag te slaan hebben. Ik begrijp niet waarom je daar niet aan zou willen meewerken. Al was het maar voor de toekomst van je kinderen en de wereld waarin zij leven en waar je het zo goed mee voor hebt. Maar zeg dat dan gewoon. Zeg dan gewoon: ik wil niet, of niet méér, werken. Want pas dan kunnen we echt een gesprek hebben. Niet dat ik het dan met je eens zal zijn, maar dat hoeft ook niet. Maar laten we wel eerlijk blijven. ‘Kan niet’ bestaat niet. Of, nou ja, alleen als je bijvoorbeeld ziek bent, kinderen of een partner hebt hebt waar iets mee is, of andere complicerende factoren in je leven. Of als je dus in een paleis woont met 20 kamers om te stofzuigen. Maar dan ben ik toch weer benieuwd hoe je de hypotheek bekostigt van anderhalf, of zelfs maar één salaris. Dus dan mag jij mij weer op jouw beurt uitleggen: hoe dan?

Lees ook: Had jij ook Gender Disappointment? En waarom dat echt niet erg is.

Geschreven door
More from Vala van den Boomen

Hoe ik door mijn miskramen het vertrouwen in mijn lichaam verloor

Maar liefst 20 procent van de vrouwen krijgt te maken met een...
Lees verder