Van ‘thuisblijfmoeder’ naar ‘buitenshuiswerkmoeder’

werken, moeder, carriere, feminisme
Vala was een paar jaar thuis bij haar oudste twee kinderen, omdat ze in Amerika niet mocht werken. Daar kreeg ze, als hoogopgeleide vrouw, best weleens kritiek op. Inmiddels werkt ze weer buitenshuis. Maar ook dat kan al helemaal niet op iedereens goedkeuring rekenen.

Het is nooit mijn intentie geweest om ‘thuisblijfmoeder’ te worden. Sterker nog, ik zou dat iedere vrouw afraden. Sowieso vind ik dat een vreselijk woord om mee geassocieerd te worden, alsof je als een soort bruid uit de jaren ‘20 met een gebloemd schort voor en krulspelden in je haar appeltaarten staat te bakken. Nou ben ik sowieso geen briljant patissier, maar al had ik aan het bakken wíllen slaan, dan had ik er als fulltime mama waarschijnlijk nog steeds geen tijd voor gehad. Zeker die eerste paar jaar niet. Ik ben niet vies van een beetje buffelen en ik had het niet zo gepland voordat ik aan het baren sloeg, maar soms loopt het leven anders en zit in je Amerika waar je geen werkvergunning blijkt te kunnen krijgen, krijg je een autistisch en een ziek kind. En dan word je op een dag wakker en ben je dus opeens ‘huisvrouw’ tegen wil en dank.

Lees: Liever parttime werken dan mijn kinderen alleen in het spitsuur zien.

Inmiddels werk ik alweer een tijdje fulltime buitenshuis. Mijn zoon heeft tenslotte zijn stempel en mijn dochters een abonnement op het ziekenhuis, dus ons vaarwater is wat rustiger geworden. En al mijn appeltaarten mislukten, dat ook nog eens. Een rondje solliciteren leverde zowaar een heuse baan op en nu zit ik dus opeens weer op kantoor. Met een espressomachine in een keukentje en echte collega’s enzo. In plaats van tot over mijn oren in de poepluiers, zit ik nu tot over mijn oren in het redactiewerk. Even aanpassen, na al dat billen afvegen, maar ik kan er wel aan wennen. Het bloed kruipt toch waar het niet gaan kan en hoewel ik het heus met liefde heb gedaan, ben ik toch niet gemaakt om 24/7 te moederen.

Als ‘thuisblijfmoeder’ kreeg ik soms kritiek. Dat ik het als hoogopgeleide vrouw eigenlijk niet kon maken om fulltime luiers te gaan verschonen. En dat is ook eigenlijk wel waar, dat vond ik zelf ook. Maar op dat moment kon het niet anders. Het gekke is: nu ik dan weer enorm feministisch probeer carrière te maken, zijn de opmerkingen helemáál niet van de lucht. Want nu moeten mijn kinderen namelijk naar de oppas. En hoezo vind ik dat ik dat kan maken? Zeker met drie van die behoeftigen als die van mij. Dat is toch zeker zielig? Er was zelfs iemand die het onlangs waagde te beweren dat ik, door te gaan werken, een ‘te verwaarlozen factor’ in het leven van mijn kinderen word. Ik wist eigenlijk niet wat meer op z’n plaats was na deze opmerking: huilen of lachen. Want nu ik buitenshuis bezig ben, ben ik blijkbaar een nog ontaarder moeder dan ik eerst was.

Uit recent wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat kinderen niks krijgen van de opvang. Geen schurft, ebola, of Hepatitis, maar ook geen hechtingsstoornissen of verlatingstrauma’s. Wat de anti-opvangactivisten er ook over te mekkeren hebben. Sterker nog: wetenschappers hebben aangetoond dat kinderen genoeg hebben aan één papa en mamadag (om er even een modernistische braakterm in te gooien) per week. Dat één dagje quality time met je kind genoeg is om hem/haar vrolijk huppelend door het leven te laten gaan. Dat dat eigenlijk zelfs beter is dan meerdere dagen per week thuis zijn, omdat is gebleken dat het dan makkelijker is om een betekenisvolle band met je kind op te bouwen, aangezien je als ouders daarnaast dan ook nog tijd voor jezelf en voor elkaar overhoudt. En dat voorkomt dan weer stress en irritaties. Want dáár hebben kinderen dus meer last van dan drie dagen per week naar de opvang.

Ik heb wekelijks drie dagen quality time met mijn kinderen. Op die dagen ben ik namelijk thuis en kan ik de hele dag met ze puzzelen, kralen rijgen en oh ja, appeltaarten bakken. Eigenlijk doe ik het dus hartstikke fout, want ik zit al twee dagen over het ideaal. Waar het dus op neer komt, heb ik moeten concluderen, is dat je het als ouder, en helaas vooral nog steeds als moeder, gewoon nooit goed kunt doen. En dat is jammer. Ik vind dat je als vrouw onafhankelijk moet zijn, voor jezelf moet kunnen zorgen als dat nodig zou blijken te zijn. Dus ja, ik vind dat je moet werken. Als je dat kunt. Maar ik vind ook niet dat je dus per se een hoogdravende carrière zou moeten hebben. Want dat zijn twee verschillende dingen. Kortom: ik weet het niet meer, hoor.

Laatst, op één van mijn ‘mama-dagen’ hoorde ik mijn zoon ‘s ochtends vroeg kletsen in zijn bedje. Zachtjes sloop ik over de gang en glipte zijn kamertje binnen. In het ochtendgloren kroop ik even bij mijn jongetje in bed, die stralend naar mij glimlachte. “Dag lieve mama”, fluisterde hij in mijn oor en klemde zijn warme armpjes om mijn nek. “Kom je even bij me liggen?”. Ik knikte en begroef mijn gezicht in zijn zachte blonde haartjes. “Mama” zei hij toen gelukzalig, “Jij bent de allerliefste mama en ik hou van jou”. Terwijl de zon boven mijn huis langzaam op kwam, moest ik even glimlachen. Want, als je zoon dat soort dingen tegen je zegt, blijkbaar doe je het dan toch zo slecht nog niet.

Lees ook: Uitspraken die werkende moeders nijdig maken.

Lees ook
Geschreven door
More from Vala van den Boomen

8 Redenen waarom ik zweer bij luierbroekjes

Luiers verschonen is niemands favoriete bezigheid. Niet van je kind en waarschijnlijk...
Lees verder