Wat doen we met de kinderen, als wij er niet meer zijn?

Je wilt er niet aan denken, maar eigenlijk zou je dat wel moeten doen: wat gebeurt er met je kinderen, als er iets gebeurt met jou? Heb jij de voogdij geregeld? Vala niet en daar maakt ze zich soms zorgen over.

Toen ik zwanger was van mijn eerste kind nam ik me voor zo snel mogelijk een voogd voor hem te kiezen. Je weet tenslotte maar nooit. Het noodlot kan zomaar toeslaan. Wat als mijn man en ik samen onder een bus zouden lopen en ons kind als wees achterlieten? Dan wilde ik in ieder geval onder die wielen verdwijnen in de wetenschap dat er iemand voor hem zou zorgen. Iemand die ik vertrouwde en waarvan ik zeker wist dat mijn kind er goed terecht zou komen. Inmiddels, negen jaar en drie kinderen later, kijk ik iedere dag extra goed uit als ik de straat op ga, want ik heb nog steeds geen voogd aangewezen voor mijn kroost. Het is een vraagstuk wat zich nu al jaren bij tijd en wijle aan mij opdringt , maar ik weet er geen antwoord op. Het enige dat ik kan bedenken is: niet vroegtijdig doodgaan. Want je kroost aan iemand anders slijten, dat is zo makkelijk nog niet.

LEES OOK: Hoe jarenlang gebroken nachten mij een slaaptrauma bezorgde.

Risicospreiding

Ik ben niet de enige met dit dilemma: slechts 30 procent van de ouders heeft de voogdij geregeld. Nou is het in mijn geval iets eenvoudiger geworden doordat ik gescheiden ben. De kans dat zowel mijn ex-man als ikzelf tegelijkertijd door de bliksem worden getroffen is aanzienlijk afgenomen nu we niet meer zo vaak samen naar feesten, partijen of de supermarkt gaan. Mocht ik plotsklaps dood neervallen dan hebben mijn oudste twee in ieder geval hun vader nog en andersom. Nou wil ik scheiden niet direct aanprijzen, maar in het kader van de risicospreiding is het niet zo’n slecht idee. Alleen heb ik nog een kind met wiens vader ik vooralsnog wél samen ben en die moet ook ergens ondergebracht worden als Mario en ik door een bijlmoordenaar om het leven gebracht worden op die ene avond in het jaar dat we een keer samen uit eten gaan. Maar bij wie?

Voor wat hoort wat

Dat is niet zo eenvoudig. Zoveel gegadigden zijn er nou ook weer niet. Opa’s en oma’s zijn geen optie, want die zijn allemaal al aardig op leeftijd en willen we daarom op hun oude dag niet iets in hun maag splitsen waardoor hun risico op hartfalen nog erger toeneemt. Al onze vrienden hebben zelf meerdere kinderen en zitten ongetwijfeld niet te wachten op nóg een exemplaar, aangezien dat ze waarschijnlijk die grens waar iedere ouder iedere dag weer probeert niet overheen te gaan, die van de burn-out dus, vakkundig overheen duwt. En er zijn ook geen ooms en tantes, of neven en nichten bij wie we ons kind zouden kunnen stallen. Met de daklozenkrantverkoper van onze Albert Heijn hebben we een nauwere band, maar om die nou onze dochter te geven is ook weer zowat. Alhoewel, we kopen wel altijd trouw zijn blaadje, dus hij mag best weleens wat voor ons terugdoen. Wij z’n krant, hij ons kind. Voor wat, hoort wat tenslotte.

Op zolder bij de gekke buurvrouw

Ik maak me hier soms best wel zorgen om. We gaan er natuurlijk niet vanuit dat er iets met ons gebeurt en ik let altijd heel erg goed op met oversteken, maar de wegen van het leven zijn nou eenmaal ondoorgrondelijk. Dat leven kan zomaar ineens afgelopen zijn. Wat al erg genoeg is voor een kind, want hebben we toen we klein waren niet allemaal regelmatig niet die droom gehad dat onze ouders dood gingen, maar als je dan ook nog eens vogelvrij bent omdat diezelfde ouders het niet alleen waagden er tussenuit te knijpen, maar ook nog eens zonder iemand anders aan te wijzen die voortaan tegen je moet zeggen dat je je kamer op moet ruimen, dan ben je helemáál de Sjaak. Dan moet de rechter eraan te pas komen voor je het weet moet je dan je intrek nemen op de zolder van gekke buurvrouw Beppie, omdat die aan de Kinderbescherming heeft verteld dat ze als een tweede moeder voor je was, terwijl jij en je ouders juist altijd achter de bank doken als ze weer eens aanbelde voor het lenen van een kopje suiker. Dat wil ik mijn kind niet aandoen, ik zou me ervan omdraaien in mijn graf.

Dus is er iemand in de zaal die wel een leuk meisje zou willen hebben als Mario en ik per ongeluk de plomp in rijden? Ik zou er heel erg mee geholpen zijn. Hopelijk is het nooit nodig, maar ik zou toch een stuk rustiger slapen als ik weet dat het allemaal in kannen en kruiken is. Wees gerust, ik doe mijn best om onder de levenden te blijven, maar mocht het misgaan dan garandeer ik dat ik haar netjes opgevoed heb. Ze zegt nu al alsjeblieft en dankjewel, dus als je haar af en toe een beetje eten geeft, heb je er waarschijnlijk geen kind aan.

LEES OOK: Waarom ik rouw om het kind dat ik niet heb verloren.

Geschreven door
More from Vala van den Boomen

Mama is een alcoholist – maar waarom dat niet het echte probleem is

We horen steeds meer over de slechte gevolgen van alcohol. Dat ook...
Lees verder