Als je baby megaverlatingsangst heeft, maar jij gewoon héél even alleen wilt zijn

verlatingsangst
Donder op, kleine stalker! Annemieke heeft echt even geen zin meer in haar hangerige jankbaby en voelt zich daar schuldig over.

Als een klemaapje zit ze aan me vastgeplakt, al acht dagen lang. Ze is niet ziek, heeft geen koorts en er zijn geen doorkomende tandjes te bekennen. Maar wel heel veel behoefte aan mama en hoogstwaarschijnlijk een grote dosis verlatingsangst. Geen knisperboekje, stapelblokken, knuffelkonijn of meetrektrein, ze wil alleen nog maar mij.

Allemaal eventjes teveel

Heel schattig, zo’n mommy-obsessed baby, maar soms wordt het me allemaal eventjes teveel. En dan is alleen zijn, alles wat ik wil. En niet je vasthouden en dat je me een kopstoot geeft (niks ‘Leg m’n hoofd lief op je schouder’ – mijn dochter is nog niet helemaal op de hoogte van hoe het liedje echt gaat) en keihard aan mijn haren trekt (dat is Zoë’s versie van ‘Streel me zachtjes door m’n haar’). Niet 24/7 in dienst staan van een kind dat al gaat schreeuwen als ik met haar in m’n armen richting de box loop met de gedachte haar eventjes te dumpen omdat ik misschien twee fokking minuten alleen wil plassen. Als ik met haar door het huis dans, is alles perfect, maar zodra ik ook maar aanstalten maak haar neer te zetten, verandert mijn baby in een furieuze, jankende gremlin.

Dit artikel gaat door onder de afbeelding

Kleine stalker

Wanneer ik onder de douche sta, komt K. binnen met een hysterisch krijsende Zoë: “Sorry, maar ze gaat alleen maar harder huilen bij mij en ze loopt nu wel erg rood aan.” Ik wil “Laat me verdomme met rust!” roepen, maar dat zou niet erg aardig zijn. Dus roep ik “Ja schatje, ik kom al!”, zet de shampoo terug en mompel binnensmonds “Donder op en laat me gvd een keer met rust, jij kleine stalker.”

Ik heb schoon genoeg van deze verlatingsangst en verheug me op het halve uurtje dat mijn baby slaapt zodat ik eindelijk even kan werken/echt douchen/een boek lezen/wijn drinken. En voel me meteen de allerslechtste moeder van de wereld. Want moet je niet hartstikke blij zijn met die twee mollige armpjes om je heen? Waarderen hoe bijzonder het is dat ze alleen door jou getroost wilt worden en dat jij als enigste persoon van alle 7,7 miljard mensen op deze wereld ervoor kan zorgen dat ze weer blij is? Dat ze het nu überhaupt nog wil, samen knuffelen.

Langzame dagen en snelle jaren

De dagen gaan soms zo langzaam, maar de jaren gaan zo snel, hoor ik van medemoeders. Dadelijk, als ze niet meer aan de borst wil drinken, niet meer op mijn buik in slaap valt en niet meer in mijn armen gedragen wil worden, ga ik al die dingen heel erg missen. Nu kan ik er niet van genieten. Maar ik moet ervan genieten. Want ze is maar eventjes zo klein en Zoë is al niet meer mini.

Achteraf ga ik 100% zeker balen dat ik niet meer van de babytijd genoten heb. Net zoals ik dat al bij de zwangerschap had, toen kon ik het ook niet. Gedwongen genieten werkt niet. Ik word gewoon niet erg gelukkig van de hele tijd mijn baby door de kamer dragen zodat ze eerst de lampion een mep kan geven en dan op het lichtknopje mag drukken en dan aan het haakje van de kapstok mag voelen en dan weer naar de lampion en dit rustig 44 keer achter elkaar want het is het hoogtepunt van haar dag. En het dieptepunt van dat van mij. Het stimuleert me niet.

Samen janken

Daarom werk ik ernaast. Thuiswerken met een baby gaat echt perfect, maar alleen als ze slaapt. Om 22 uur ben ik eindelijk erin geslaagd weg te sluipen zonder dat ze het merkt en de hele boel bij elkaar schreeuwt omdat mama haar verlaten heeft en kan ik aan mijn werk beginnen. Maar eigenlijk wil ik een vrije avond. Moet ik nou wijn inschenken en schijt hebben aan die deadline of toch koffie maken zodat ik dat artikel af kan typen? Met in de ene hand een wijnglas en in de andere een koffiemok begin ik te janken want ik weet het niet meer.

“Doe gewoon waar je zin in hebt,” zegt K. en daarvan ga ik nog harder janken. Waar heb ik eigenlijk zin in, behalve met rust gelaten worden? Wat wil ik eigenlijk, behalve tijd voor mezelf? Wie ben ik eigenlijk, behalve mama? Ik weet het eventjes niet meer. Dan wordt mijn dochter wakker, omdat de hond te hard ademt of de maan te hard schijnt of weetikveel wat voor een klotereden, en begint te krijsen want mama is weg. En vind ik het niet meer bijzonder dat ze van alle mensen op de hele wereld alleen maar door mij getroost wil worden, maar gewoon zwaar kut.

Annemieke kreeg de schrik van haar leven toen er zomaar twee streepjes op die test stonden. Met haar vriend K., baby Zoë en hond Dribbel (die naar alle kinderen onder de 10 gromt) woont ze in Spanje.

Geschreven door
More from Annemieke

Wanneer je baby leert kruipen (en je erachter komt dat je huis levensgevaarlijk is)

Annemieke ontdekt de perfecte babyproof wooninrichting voor als ze kunnen kruipen: een...
Lees verder