Kijk, een bruin kindje!

Renée schaamde zich kapot toen haar zoontje een getint jongetje laatst ‘anders’ noemde. Was haar kind een racist in de dop of was dit onschuldiger?

LEES OOK: Waarom opvoeden in de jaren zeventig veel makkelijker was

Met mijn gezin woonde ik 1,5 jaar lang op Curaçao. Daar zat mijn zoontje Cooper op een kinderdagverblijf. Er waren daar kinderen in alle kleuren en maten. Hij keek er nooit van op. Geen één keer heeft hij er iets over gezegd. Kinderen werden omschreven aan de hand van hun haar. “Dat meisje met de vlechtjes.” “Die baby met de krullen.” Soms zelfs aan de hand van hun schoenen. ‘Dat jongetje met de lichtjes in zijn gympen.’ Maar nooit op basis van huidskleur.

Dit artikel gaat door onder de afbeelding

Dat iedereen daar een ander kleurtje had, was voor hem vanzelfsprekend. Toen verhuisden we terug naar Nederland en belandden na wat omzwervingen in een klein dorpje. Een wit, klein dorpje. En zo verdween zijn multiculturele ervaring compleet. Nooit echt over nagedacht, eigenlijk. Tot mijn zoontje afgelopen week een jongetje op de babygroep van zijn broertje ‘anders’ noemde. Hij zei iets als: “Dat jongetje is anders, toch mama?” Ik schrok me rot. De juffen konden er gelukkig om lachen. Het ventje zelf was veel te klein om er ook maar iets van te begrijpen. Maar ik dacht wel: dat is niet leuk om te horen als kind. Straks als hij groter is. Dat hij anders zou zijn. En voor die ouders trouwens ook niet. Gelukkig waren ze niet in de buurt om te zien hoe ik dit opvoedkundig op ging lossen. Want ik stond als een gek te stuntelen. Wat moest ik nu zeggen om het hem uit te leggen, zonder dat ik zijn racistische neigingen juist aan zou wakkeren?

Mijn zoontje keek me vragend aan. Wat ging ik hierop zeggen? De stilte duurde hem iets te lang, denk ik. Dus trok hij zelf maar een conclusie: “Misschien heeft hij een beetje veel in de zon gezeten.” Ik liet het gaan. Hij speelde net zo lief met dat jongetje als met de andere ‘witte’ kindjes. Het was voor hem niets meer dan een observatie. Hij had ook kunnen zeggen dat zijn trui bruin was. Of zijn schoenen vies. Alleen waren die opmerkingen een stuk minder beladen. Thuis besloot ik het er toch met mijn man over te hebben. Was dit onschuldig of het begin van vooroordelen? Hij stapte op mijn zoontje af en zei precies de juiste dingen. Dat mensen er zijn in allerlei kleuren. Dat het niet belangrijk is. Dat dat je niet anders maakt, omdat we van binnen allemaal hetzelfde zijn. God zij dank voor mijn man.

De volgende dag op het kinderdagverblijf liep mijn zoontje op het jongetje van de dag ervoor af, aaide zijn handje en concludeerde dat hij heel zacht was. Niets meer dan dat. Misschien waren het mijn mans woorden. Misschien was het gewoon gewenning. Weer voor de eerste keer een ‘bruin’ kindje zien was voor mijn zoontje bijzonder. De tweede keer al niet meer. Opgelost, zou ik zeggen. Al vrees ik dit jaar voor het eerst voor Sinterklaas en zijn Zwarte Pieten en wat mijn peuter daar dan over gaat zeggen op straat.

LEES OOK: 10 Dingen die je NIET moet zeggen tegen een jonge moeder

Renée is de trotse moeder van een peuter en een baby. Ze is lekker nuchter en kan niks met de ik-weet-het-beter-moeder. Soms pakt het ze het zelf allemaal niet zo pedagogisch verantwoord aan en daar komt ze gewoon rond voor uit.

Lees ook
Geschreven door
More from Renée Lamboo

Hoe de baby van Renée haar blij maakte met een dode mus en toch niet ging doorslapen

Renée is er nog boos om. Eén nacht sliep haar bijna 11...
Lees verder