Annemieke wil schreeuwen: ‘Blijf met je bacillenvingers van mijn baby af’

Blijf met je snothanden en bacillenvingers van mijn baby af
Annemieke is niet gesteld op kinderen. En die virusverspreidende koters moeten al helemaal uit de buurt van haar dochter blijven met hun snothanden.

K.’s broer en familie komen drie dagen op visite. Dat is leuk. En handig. Want dan kan ik Zoë even afgeven als ze jammert zodat ik wat tijd voor mezelf heb. Vooral de kinderen willen dolgraag ‘oppassen’.

Ongewassen handen

Haha, denken ze nou echt dat ik een 4- en een 9-jarige ook maar een seconde alleen met mijn baby laat?! Naast niet bijster intelligent, zijn de kinderen ook nogal goor. Ze zitten met hun handen in tuinaarde, Danoontje, hun neus en de vieze was. En dan menen ze met dezelfde – nog steeds ongewassen – handen mijn baby aan te mogen raken. Ik stuur ze met een familieflacon vloeibare zeep naar de badkamer en verschuil mezelf met Zoë in de slaapkamer. Even vijf minuten rust. Ik word er namelijk gek van dat de kinderen mijn dochter als de nieuwste Action Man/Baby Born beschouwen. Gelukkig komt Dribbel me te hulp door te grommen zodra de kleine koters binnenshuis te hectisch bewegen.

Speekseldruppeltjes vol ziektekiemen

Zelfs als ik Zoë door haar oom of tante vast laat houden, maak ik me zorgen. Want wat als ze haar laten vallen? Ze hebben negen jaar ervaring, maar in het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Ook komen dan gelijk hun vervelende kinderen weer kijken (lees: grijpen). “Kijken doe je met je ogen,” bijt ik ze toe. Terwijl Zoë op bed ligt te chillen – en ik doodsangsten uitsta – staan de koters ernaast, hun snothanden volgens mijn strikte instructies op de rug gevouwen. Dan niest de oudste, recht in het gezicht van mijn baby. Ik zie de speekseldruppeltjes vol virussen en ziektekiemen door de lucht vliegen en op het mooie hoofdje van mijn dochter landen. Even overweeg ik de bacillenverspreider niet alleen een lesje ‘Hou verdomme je hand voor je mond als je niest, goorlap!’, maar ook een klap te geven. Net op tijd bedenk ik me dat dit niet aardig is.

Met de baby spelen

Tekenen is blijkbaar voor losers en zelfs TV is niet interessant meer; de kiddo’s willen alleen nog maar met de baby spelen. Helaas verschilt hun definitie van ‘met de baby spelen’ (een spelletje doen met de baby) nogal van de mijne (van een afstand van minimaal een meter met een mondkapje voor naar de baby kijken en geluidloos zwaaien). Nadat ik K. geïnstrueerd heb zijn neefje en nichtje met hun bronchitisgehoest en vieze bacteriënhanden ver uit de buurt van ons kind te houden, ga ik douchen. Bij terugkomst zit Zoë bij haar 9-jarige neefje op schoot, zijn ouders en zusje ernaast. K. maakt een foto. “Ik wil haar ook vasthouden,” jammert de kleine meid, haar vingers die nog onder de bruine (Nutella? Tuinaarde? Poep?) vlekken zitten naar mijn dochter uitstrekkend. “Jullie blijven allebei van haar af! Het is geen pop!” schreeuw ik ze toe, terwijl ik mijn dochter in veiligheid breng. “Niet huilen, de volgende keer dat we komen, mag je Zoë vasthouden,” troost haar moeder. Uh, wat? Misschien als ze dan 18 is en een diploma in pedagogie heeft, maar daarvoor toch zeker niet.

Speelgoed delen onder toezicht

Of ik iets relaxter wil zijn, vraagt K. die avond. Nee. “Maar de kinderen bedoelen het heel aardig.” Daar heeft ‘ie gelijk in; heel lief willen ze al hun speelgoed delen. Zoals het plastic zwaard, de kralenset met 60 verschillende onderdelen in babyverstikkende grootte en het giftig uitziende glitterslijm. In een poging iets relaxter te zijn, sta ik ze de volgende ochtend toe Zoë haar eigen speelgoed aan te geven, onder toeziend oog van allevier de volwassenen en met mijn baby veilig in de Maxi-Cosi vastgesnoerd. Knuffelkonijn, waar ze net hun snotneus aan afgeveegd hebben, wordt in Zoë’s handen gedrukt waarop de baby het pluche konijnenoor in haar mond stopt. Knuffelschaap valt bij het overhandigen op de grond. Voordat ik het besmette stofdier op 90°C kan desinfecteren, hoest het jochie nog even flink over het schaap heen en probeert het dan lachend bij het konijnenoor in mijn dochter’s mond te stoppen.

Babyverbod

Terwijl ik in mijn hoofd tot tien tel, maken de kinderen ruzie over welke knuffel Zoë het liefste vindt. Het meisje geeft haar grote broer over de Maxi-Cosi heen een klap. Hij duwt haar, waardoor het autostoeltje schommelt en mijn baby het uitkraait van plezier. That’s it. Ik krijg een zenuwinzinking en verklaar Zoë voor verboden terrein. Iedereen krijgt een babyverbod, met 4 meter omtrek en de baby verblijft vanaf dat moment in de draagdoek die ik permanent om me heen geknoopt houd. Als K.’s broer en familie een dag later eindelijk vertrekken, blijven wij achter met ruzie, nieuwe bedlakens vol Nutellavlekken en een snipverkoude baby met glazige koortsoogjes. Niet leuk. Ook niet handig.

Annemieke kreeg de schrik van haar leven toen er zomaar twee streepjes op die test stonden. Met haar vriend K., baby Zoë en hond Dribbel (die naar alle kinderen onder de 10 gromt) woont ze in Spanje.

Lees ook: Vieze dingen die alle moeders doen (zonder blikken of blozen)

Lees ook
Geschreven door
More from Annemieke

Als je na acht maanden nog steeds geen moment zonder je baby bent geweest

Een kinderloze avond? Annemieke moet er, bijna acht maanden na de geboorte...
Lees verder