Hoe je de creativiteit van een kind kunt beïnvloeden

Kinderen die lekker vrij hun gang kunnen gaan, dát zijn de talenten van de toekomst. Laat ze maar gaan dus, dan vinden ze hun weg wel. 

Mijn oudste heeft eigenlijk nergens echt interesse in. Ja, hij leest, en hij houdt van Minecraft, Donald Duck en YouTube-filmpjes kijken. Hij zit in zo’n klas met een paar van die supergetalenteerde kinderen, die al sinds ze zes zijn drie keer per week viool- of pianoles hebben. Mijn zoon krijg ik daar echt niet op. Hij doet het ene seizoen judo, het volgende circusles, en dan opeens is het weer schaken. Nog voor hij echt iets kan leren, is hij alweer weg. Een ander deel van de klas lijkt wel te kunnen volhouden. Er zitten kinderen tussen die al drie jaar achtereen schaakles hebben. Die wél zijn geselecteerd om naar de dinsdagschool te gaan voor ultraslimme kindjes. En uitgerekend die kinderen krijgen ook nog eens tijdens de toneeluitvoering op school een hoofdrol. Dat vind ik best intimiderend, en mijn zoon ook.

LEES OOK: 8-jarige kinderen dansen Dirty Dancing bij America’s Got Talent

De vraag is natuurlijk waarom ik dat vind. Het zijn kinderen. Mijn zoon kan goed leren en zit (redelijk) lekker in zijn vel. Hij is creatief, haalt prima cijfers en heeft het zelden aan de stok met de juf. De wereld ligt aan zijn voeten. En toch voelt het soms alsof hij nu al een achterstand aan het opbouwen is, omdat die andere kinderen wél hun schaaklessen volhouden, op vioolles gaan en een hoofdrol krijgen in de musical op school. En mijn zoon niet.

Er is iets raars aan de hand met ons beeld van getalenteerde kinderen. Alle ouders willen er eentje. We willen dat ze goed kunnen voetballen, niet alleen dat ze het leuk vinden, maar ook dat de scout van de lokale grote club ze op de schouder tikt en zegt: “Deze wil ik voor de selectie.” Apetrots kunnen we dan een paar maanden later op een nieuw drassig veldje staan dat meer status heeft dan het vorige, en dat lijkt vooruitgang, maar is dat het wel? Ook hopen we dat ze tijdens de pianoles zo opvallen de lerares ze opgeeft voor een concours. Wie zien onszelf al zitten in de kleine zaal van het concertgebouw tussen andere trotse ouders, en dat is natuurlijk ook een heerlijk en bijzonder moment. Opa en oma erbij, en je zus. Nog leuker is het als de juf tijdens het 10 minuten gesprek zegt dat hij de mooiste tekening van de klas heeft gemaakt. Maar als je eerlijk bent en je afvraagt wat het kind eraan heeft, wat is dan het antwoord?

Het eerste dat je dan denkt is: het is leuk dat het ergens goed in is en de lessen goed volhoudt. En dat gun je ze natuurlijk. Maar is dat wel de hoofdboodschap die je een kind wilt meegeven? Waarschijnlijk voelen ze zich vooral onder druk gezet, op jonge leeftijd. Alles hangt af van dat ene talent, terwijl er onderhuids nog van alles aan het rijpen is, wordt er heel veel opgehangen aan één bijzondere kant van het kind. Een andere donkere kant van al die talenten is dat de kinderen zelfgenoegzaam worden. Ik zie kinderen die geen onzekerheid lijken te kennen. Ik ken ook wel volwassenen met die eigenschap: dat zijn niet de leukste mensen, om het maar voorzichtig te zeggen.

Dat alles realiseerde ik me toen ik een stuk voor ogen kreeg uit de New York Times, die de kop van  had: How to Raise a Creative Child? Step one: Back off. In de inleiding las ik de volgende woorden: ‘Uit onderzoek blijkt dat de meest creatieve kinderen de minste kans hebben om het echte lievelingetje van de juf te worden. Het gevolg daarvan is dat de kinderen hun eigen weg blijven volgen en hun originaliteit behouden.’

De strekking van het onderzoek komt kort gezegd op het volgende neer: 

1: Ouders vinden het geweldig als hun kinderen al jong iets kunnen, ze denken dat het leidt tot succes in het latere leven.

2: De misconceptie hier achter is dat kinderen zich al jong moeten specialiseren.

3: Voor de ouders is dat misschien leuk, maar voor het kind niet. Denk maar aan kindsterretjes als Michael Jackson, Wibi Soerjadi, Daniel Radcliffe (Harry Potter) en ga zo maar door: voor hen was het beter geweest als ze zelf een keuze hadden kunnen maken.

4: Van drillen (bijvoorbeeld op vioolles) krijg je geen getalenteerde vioolspelers, maar robots die goed violieren spelen. Daar zit niemand straks op te wachten, een enkele uitzondering daargelaten.

5: De meeste succesvolle volwassenen zijn via een alternatieve route in hun succes gegleden.

6: Vraag je af of het wel zo leuk is om goed te zijn in de dingen waar kinderen al goed in kunnen zijn: voetballen, ballet, muziek. Stel hè, stel dat het echte talenten worden, wat maar 1 procent van de kinderen lukt. Wat voor carrière krijgen die kinderen later? Is dat een leuk leven, je tienerjaren doorbrengen met een sportcoach, en op je 28e over je hoogtepunt als voetballer / ballerina heen zijn?

Conclusie van het verhaal is dan ook: laat kinderen lekker heel veel dingen ontdekken, in plaats van te focussen op één a twee dingen. Dat stimuleert creativiteit pas echt!

LEES OOK: Luisteren ze niet? Schrijf ze eens een brief!

Barbara van Erp (48) is moeder van twee zoons: Felix (11) en Morris (6). Ze richtte Me to We op, omdat ze vond dat het tijd was voor een realistischer geluid uit moederland. Inmiddels is ze uit de luiers, maar ze weet nog maar al te goed hoe het was om kleine kinderen te hebben.

Lees ook
Geschreven door
More from Barbara van Erp

Barbara: ‘We zijn ver gegaan in onze wens van een tweede kind, maar elke dag weet ik: het was het waard’

Toen Barbara door Canon werd gevraagd om een verhaal te schrijven over...
Lees verder