Hoeveel tandjes krijgt zo’n baby in godsnaam?

Hoeveel tandjes krijgt zo’n baby in godsnaam?
Anne’s baby heeft nogal last van zijn nieuwe tanden. Daarom vraagt ze zich af: hoeveel van die dingen krijgt hij er eigenlijk nog?

Baby 1 heeft echt helemaal nooit een kik gegeven om welke tand dan ook. Haar tandjes verschenen stilletjes als opkomende sneeuwklokjes aan de horizon van haar tandvlees. Geen ènkel probleem dus. Dan baby 2. Bij elke nieuwe tand ondergaat hij een gedaantewisseling die wel een week aanhoudt. Wèg is de lieve snoepige baby. In plaats daarvan hebben we een brulmonster in huis. Dat gaat ongeveer zo:

1) Het begint met kwijlen. Heel, heel veel kwijlen.

2) Dan volgen de onrustige avonden. Waar hij normaal súper fanatiek met zijn babyspeelgoed in de weer gaat, kan hij nu zijn draai maar niet vinden. Spelen? Stom. Filmpjes kijken? Nèèèhhh. Knuffelen? Ben je gék geworden?! Een extra flesje melk dan? NEE MAMA IK WIL GEWOON HELEMAAL NIETS! ALLEEN MAAR MEKKEREN! LAAT ME NOU! (dit alles gecommuniceerd in non verbale babytaal zoals je begrijpt)

3) Naar bed brengen is meestal een kwestie van de baby oppakken, in bed leggen en weglopen. Fluitje van een cent! Niet tijdens opkomende tandjes. Al bij de deur van zijn slaapkamer neemt ‘ie een enorme hap lucht, spant zijn hele lijfje aan tot hij in een mooie achterwaartse babanenboog staat, en brult zijn IK WIL NIET NAAR BED!!!! brul. Dat zijn zus in diezelfde kamer ligt te slapen en hier misschien wel wakker van wordt, zal hem worst wezen.

4) Als hij dan eindelijk, na vier pogingen en úren later, in slaap is gevallen, wordt hij midden in de nacht alsnog weer wakker. Héél soms valt hij dan vanzelf weer in slaap, maar als er tanden in het spel zijn, kunnen we dat wel vergeten.

5) En dan begint het echte gedonder. Je weet niet hoe hard een baby kan huilen als je die van ons nog nooit hebt gehoord. Speciaal in die stille, nachtelijke uren als het overal om ons heen doodstil is. ‘Wauw, wat knap van ons lieverdje dat hij de hele buurt wakker schreeuwt!’ Zeggen we dan vertederd tegen elkaar. Nee hoor, grapje.

6) Knarsetandend doen we er álles aan om hem stil te krijgen. Maar het is onbegonnen werk. De buren vragen in zo’n periode wel eens voorzichtig aan ons ‘En, hoe gaat het met de baby? Alles, eehhh, goed? Zeker weten? Ook zeg maar, eehh, ’s nachts??’

7) Meerdere keren heb ik overwogen om de doktersdienst te bellen. Zo hard huilde hij. Maar anders dan een nieuw tandje lijkt er niets met hem aan de hand te zijn, dus wat zeg je midden in de nacht tegen de doktersdienst? ‘HELP ONS DAN TOCH, onze baby krijgt tandjes?’ Neeuuhh, denk het niet.

8) We hebben wel eens lopen hannesen met een paracetamol-zetpil. Maar daar schijnt hij er dan weer twéé van te moeten, eentje is niet genoeg (of zoiets, ik ben niet zo van het lezen van bijsluiters). Dan haak ik al volledig af, want straks huilt hij niet alleen om zijn tandjes, maar ook nog om het gat dat we met die puntige capsules in zijn darmen geprikt hebben. Nee dank je.

9) En zo gaat dat dus, minimaal vier nachten achter elkaar. Met die avonden en dat kwijlen erbij zijn we zo een week zoet. Per tand.

10) Hij heeft nu zeven tandjes, met de achtste in opkomst. Ik kan natuurlijk even Google’n hoeveel tanden een baby uiteindelijk krijgt (of mijn eigen tanden tellen, ook een optie). Maar heel eerlijk gezegd wil ik het niet weten. Gewoon echt even niet. Want vermenigvuldig het totale aantal tanden (en kiezen? Doen die ook zo’n pijn?) met de vier à vijf slechte nachten die we ervan ondervinden en dan kom je, ben ik bang, op héél, héél veel slechte nachten uit. En ’s nachts functioneert mijn moederinstinct helaas niet. Zucht.

Lees ook: 10 moedervoornemens voor 2019 (dit jaar gaan we écht tandenpoetsen)

 

Lees ook
Geschreven door
More from Anne Kleisen

Anne heeft sinds ze moeder is nog nooit iets nieuws voor haar kinderen gekocht. Zielig? Ach nee

Kinderen grootbrengen is schreeuwend duur. Tenzij je, net als Anne, werkelijk àlles...
Lees verder