Zés weken vakantie? Kan dat niet wat korter?

De zomervakantie is voor veel ouders een logistieke ramp. Zes weken vrij nemen zit er voor de meeste mensen echt niet in. Maar we moeten toch wat met de kinderen. Of moet die vakantie gewoon korter? Sommige mensen denken van wel.

Ik weet niet hoe het met jou zit, maar ik kan niet anderhalve maand op vakantie. Dat schip met geld, dat komt namelijk steeds maar niet binnen, dus als ik langer dan drie weken de handdoek in de ring gooi vallen er weinig boterhammetjes met pindakaas meer te smeren. Dat geldt voor de meeste ouders: na een paar weken op camping La Vache Qui Rit in la douce France moeten we weer aan de bak. Maar de schoolpoorten zijn dan nog hermetisch gesloten en het is ook weer zowat om de kinderen ’s ochtends op het plein te droppen en ze daar dan de hele dag te laten staan. Dus moet er opvang geregeld worden. Opa en oma worden ingevlogen, er worden ploegendiensten gedraaid met andere ouders voor speel,- annex oppasafspraken, extra dagen op de BSO afgenomen, thuis worden gewerkt tegen wil en dank (gisteren zat ik nog in de speeltuin met een zeer gestreste vader die, al hangend in het klimrek, zijn peuterzoon van een gebroken nek probeerde te behoeden en tegelijkertijd door zijn telefoon tegen een collega gilde dat hij ‘al 25 e-mails had weggewerkt’). Het is ieder jaar weer een enorm geregel. Dan denk je aan het eind van het schooljaar dat je na al het cupcakes bakken, kabouters vouwen en overblijfmoederen eindelijk even op je lauweren kunt rusten, maar niks is minder waar. Die grote vakantie, dat is grote stress.

Hangerige, verveelde zeurpieten

Uit onderzoek blijkt dat veel ouders zich afvragen of het misschien ietsje minder kan. Er kan toch wel een weekje (of twee) van die zomervakantie af? Tenslotte, na drie weken ijsjes eten en buiten spelen is de lol er toch ook wel af? En wat krijg je dan? Van die hangerige, verveelde zeurpieten die de hele dag ondersteboven op de bank hangen en niks willen. Die zeuren om Netflix en de iPad en niet naar buiten willen omdat ze dat maar saai vinden. Ik weet nog dat ik het vroeger zelf na drie weken ook eigenlijk wel gehad had. Het was heus leuk hoor, op die camping in Frankrijk, maar na een tijdje kon ik geen croissant meer zien. Er was een zomer dat mijn ouders maar liefst vijf weken een huisje in Toscane hadden gehuurd en ik kan me nog herinneren dat ik het op een gegeven moment helemaal zat was. Ik wilde niets liever dan naar huis, naar mijn eigen kamer, met mijn eigen speelgoed, mijn eigen volkorenboterhammen met kaas, mijn eigen vriendinnetjes en, ja, dus ook lekker weer naar school. Zes weken is voor een kind dus echt een eeuwigheid.

Te lang niks doen is niet goed

Daarnaast is het nog maar de vraag of zo lang vrij wel goed is voor een kind. Dat zegt o.a. Lidwien Kok, basisschool-docent, die zich aan de kant van de ouders schaart en pleit voor een minder lange zomervakantie. Dat is niet alleen handiger voor papa en mama, maar vooral ook beter voor het kind, zegt ze. Kok hekelt namelijk ‘het grote gat’ dat er in het kinderleven valt tijdens de zomervakantie. Kinderen zijn gebaat bij structuur. Bij rust en regelmaat. En de zomervakantie is precies het tegenovergestelde. Ze worden compleet uit hun ritme gehaald en volgens Kok is dat ronduit slecht. Het is verwarrend en moeilijk voor ze om zich aan te passen en daarnaast is het voor hun leerprestaties ook niet goed. Zo lang niks doen zorgt ervoor dat alles wat ze geleerd hebben weer behoorlijk diep wegzakt en voor ze dan in het nieuwe schooljaar weer op stoom zijn, zijn ze wel even bezig. Zonde, volgens Kok. Zeker voor kinderen die moeilijk leren zou het beter zijn om ’s zomers niet meer dan drie, maximaal vier weken vrij te zijn. En dat is meer dan genoeg tijd om te gaan kamperen, naar de Efteling te gaan en drie keer oorontsteking op te lopen in het zwembad?

“Mag ik alweer naar school, mama?”

Wat mij betreft heeft ze best een punt. Ik zie ook aan mijn eigen kinderen dat zes weken lang is. Ze genieten van hun vrije tijd, de uitstapjes en het mooie weer. En dat gun ik ze ook, want dat is juist zo heerlijk aan het kind zijn, dat je nog zoveel vrijheid hebt. Maar na een tijdje zijn ze er klaar mee. Ik heb bij uitstek van die kinderen die gedijen bij structuur en voorspelbaarheid. Dat geeft ze houvast en rust, ook al moeten ze iedere ochtend vroeg hun bed uit. Daarnaast: hoewel ze natuurlijk klagen over school, vinden ze het stiekem heel leuk. Missen ze hun vriendjes en vriendinnetjes, hun clubjes en hun speelafspraakjes na een paar weken lanterfanten. En zei mijn zoon dus vorige zomer dat hij ‘nu wel genoeg leuke dingen had gedaan’.

Voor ik weer als zure zeikmoeder bestempeld wordt die zo snel mogelijk van haar kinderen af wil: ik gun ze alle vakantie van de wereld. Alle ijsjes en zwemmiddagen die ze zich maar wensen kunnen. Die opvang is voor ons geen probleem, die hebben we in kannen en kruiken, dus wat dat aangaat kunnen ze wat mij betreft ook wel drie máánden vrij zijn. Maar daar doe ik ze geen plezier mee. Ik weet namelijk zeker dat ze in september weer juichend hun rugzakjes om hangen en terug naar school gaan. Eigenlijk vind ik het vooral zelf jammer als het weer voorbij is, want ik ben dus gek op de Efteling. En zelf zou ik zonder moeite twee maanden op een Franse camping kunnen zitten. Misschien kunnen we het dus beter omdraaien: de kinderen naar school en dan de ouders de hele zomer vrij. Wij weten namelijk alles al en we kunnen heel goed op onszelf passen, dus al die logistieke,- en die leerproblemen, die heb je niet. Ik denk dat ik een voorstel stuur naar het Ministerie van Onderwijs. Vanaf volgend jaar zes weken oudervakantie. Dan heeft iedereen een mooie zomer.

LEES OOK: Hoe je weer tot leven komt tijdens een resortvakantie (Burgerlijk? Nou en!!).

Geschreven door
More from Vala van den Boomen

Supermakkelijke pompoen-pesto-pasta

Leef jij samen met notoire pasta-eters, maar komt de spaghetti Bolognese je...
Lees verder