Als je baby lijdt aan FOMO

Ken je dat, dat andere mensen altijd relaxte baby’s lijken te hebben, terwijl die van jou 24/7 all over the place is? Nooit eens rustig op een kleedje om zich heen ligt te kraaien, of midden in een restaurant in de wagen in slaap valt. Dat je je afvraagt of jouw kind soms ADHD heeft. Dan heb jij misschien een FOMO-baby.

FOMO dus. Fear Of Missing Out betekent dat en hoewel je zou denken dat er als baby weinig is dat je al van het leven kunt missen (ik bedoel, halló, je hebt nog 80 jaar te gaan weet je wel, chill) beginnen sommige kinderen al aan hun eigen persoonlijke ratrace als ze nog maar net uit de baarmoeder zijn komen rollen. De schaar staat nog niet in de navelstreng of píng, open gaan die oogjes om alles, maar dan ook álles in zich op te nemen. Niks even rustig bijkomen, wennen aan de wereld, een beetje melk drinken en een beetje kwijlen. Forget about it! Geleefd moet er worden, ja?! Groots, meeslepend en vooral: nimmer aflatend. Chillen in de box? Alsof je niks beters te doen hebt zeker. Rustig knuffelen met mama? Saaaaai. Slapen? Slaap is voor mietjes. Sleep when you’re dead! Want de FOMO-baby, die staat altijd áán.

Lees ook: 31 First world problems van een baby.

Dit artikel gaat door onder de afbeelding

Wat allemaal leuk en aardig is en waar zo’n kind dan later vast heel veel aan zal hebben (Einstein en Steve Jobs sliepen tenslotte ook maar drie uur per nacht, dus grootse toekomsten enzo, hartstikke fijn), maar je bent er als ouder maar mooi klaar mee. Want waar andere ouders hun kinderen gewoon een uur op een speelkleed ergens in een hoekje van de kamer parkeren en dan zelf de krant gaan lezen, of makkelijk een avondje uit eten kunnen met hun baby die tevreden pruttelend in de wagen naast hun tafeltje in slaap sukkelt, ben jij al blij als je per dag 10 minuten voor jezelf hebt om te douchen, te eten, drie woorden met je partner te wisselen en online de boodschappen bij elkaar te bestellen. De rest van de tijd ben je namelijk bezig je FOMO-baby in slaap te krijgen, in slaap te houden en te entertainen. Rust, reinheid en regelmaat? Fuck dat, wat betreft de FOMO-baby. Want, het leven is te kort om op je lauweren te rusten.

Ik had twee FOMO’tjes. Zowel mijn zoon als mijn dochter grepen het leven bij de ballen toen de vernix nog in hun nesthaartjes zat. Ze wilden alles zien en alles meemaken. Tijd om te slapen, te relaxen, of gewoon, om báby te zijn, hadden ze niet. Rustig op een rammelaar knagen en een beetje om zich heen kijken was er niet bij. Beiden waren met vijf maanden al mobiel en hun vader en ik deden de hele dag niks anders dan er achteraan rennen. ’s Nachts ging het feest onverminderd door en in retrospect snap ik eigenlijk niet zo goed hoe die twee het overleefd hebben op zo ontzettend weinig slaap. Ik heb het zélf in ieder geval maar nauwelijks gehaald. Want hoewel het leuk is, zo’n alerte en ondernemende baby (echt, puur genieten als je opeens je zes maanden oude dochter kwijt bent en tot de schrikbarende ontdekking moet komen dat ze plotseling bovenaan de trap zit, never a dull moment enzo), kan het ook dodelijk vermoeiend zijn. En lastig, omdat dat soort kinderen weliswaar van alles willen, maar daardoor ook vaak tegen zichzelf in bescherming genomen moeten worden. Laat je ze namelijk hun gang gaan, dan zit je op een gegeven moment gegarandeerd met een FOMO-baby met een burn-out. Want hun eigen grenzen, daar gaan FOMO-baby’s niet zelden overheen.

Mijn derde kind was een SLOMO-baby, Arwen stond standaard in standje relax. Ze vond het allemaal wel best, kon rustig een uur in de box naar haar handen liggen staren en nam het leven zoals het komt. Ik wist niet wat ik meemaakte. Opeens kon ik ’s ochtends opstaan en eerst drie cappuccino’s drinken voor de babyfoon eens een teken van leven begon te geven. Kon ik een half uur douchen terwijl mijn baby in de wipstoel op een knisperboekje zat te kauwen. Konden mijn man en ik een hele avond weg met vrienden terwijl Arwen in een hoek van de kroeg in de kinderwagen dwars door alles heen sliep. En dan opeens begrijp je die ouders die niet snapten dat jij je baby niet overal mee naartoe nam. Die het een beetje overdreven vonden dat jij zo van de ritmes en de regelmaat was. Want heb je een SLOMO-baby, dan is het ouderschap inderdaad best relaxed. Je zou je nog bijna gaan vervelen.

Heb jij een FOMO-baby en vraag je je af of je ooit nog langer dan tien minuten voor jezelf zult hebben, weet je dan gesteund door andere ouders van kinderen die sneller willen dan het licht. Je bent niet alleen. En het wordt beter. Worden die stuiterballen ooit superrelaxte kinderen die het leven gewoon over zich heen laten komen? Waarschijnlijk niet. Die twee van mij zijn inmiddels acht en zes jaar oud en hebben nog steeds haast. Willen nog steeds hárd leven en gaan daardoor dus ook regelmatig even hard op hun (nogal grote) bek. Maar: het is in ieder geval nooit saai met ze. Ze zijn vindingrijk, origineel, slim en in staat me iedere dag weer te verbazen. Niet zelden ben ik doodmoe na een dag met die twee, maar ook voldaan. Ik zie dat ze hun mannetje staan, zich niet zomaar omver laten blazen door het leven. Het zijn doorzetters en dat waren ze al vanaf hun geboorte. Ze houden van het leven, ze het omarmen het met volle teugen en dat is prachtig om te zien. Want eigenlijk hebben ze ook gewoon wel gelijk: life’s too short.

Lees ook: 21 Dingen die baby’s maar niet willen begrijpen.

Geschreven door
More from Vala van den Boomen

Hoe ik nooit een weekdier zou worden (en het nu natuurlijk toch ben)

Vala vond het altijd een beetje pathetisch: van die moeders die stonden...
Lees verder