Als borstvoeding niet lukt… (Over de krankzinnige druk die je dan voelt)

Tuurlijk… Vala is totaal pro-borstvoeding. Net als wij allemaal. En tuurlijk, ze trok alle borstvoedingstrucs uit de kast toen haar kinderen geboren werden. Maar echt lukken deed het niet. Schuldgevoel ten top, omdat ze nu eenmaal ingeprent had gekregen dat borstvoeding MOET. Ze kan er jaren na dato nog kwaad om worden.

Toen een vriendin van mij hoogzwanger was, zat ik met haar in een Amsterdams lunchcafé. Zij rond, blozend en vol verwachting. Ik enigszins vertederd. Als doorgewinterde moeder kan ik me nog al te goed de prachtige naïeve verwachtingen herinneren, als je eerste kind nog veilig onder je huid zit. De grootse plannen, de overtuiging dat je perfect voorbereid bent. “Borst of fles?” vroeg ik onder het genot van een kopje verse muntthee. Stralend streek mijn vriendin over haar buik. “Borst natuurlijk,” zei ze, “dat is het beste”. Ik knikte. Glimlachend. Roerend in mijn kopje. Nadenkend. Zou ik het zeggen, of niet? “Bereid je erop voor dat het misschien lastig is in het begin,” zei ik toen voorzichtig. “Ach” was haar weerwoord, “dat zal wel meevallen. Ik heb er alles over gelezen.” Een glimlach gleed over mijn lippen. Want natuurlijk had je dat, mijn lieve vriendinnetje. Natuurlijk had je dat. Maar soms is boekenwijsheid niet genoeg.

Lees ook: Ik doe niet mee met het taboe. Met de moeder-oorlog

Dit artikel gaat door onder de afbeelding

Toen ik zwanger was van mijn eerste was er geen twijfel over mogelijk. Fles? Natuurlijk niet! Aan de borst met dat kind. Want: breast is best. Ja, ook in Amerika is de borstvoedingslobby groots. Uit Nederland had ik drie dikke bijbels van zwangerschaps-, en babygoeroe Beatrijs Smulders meegenomen en in mijn babygroups werd ook over moedermelk gesproken als ware het vloeibaar goud. Dat ik in die hele negen maanden nog niet eens een halve cupmaat groeide, vond ik zorgelijk (en teleurstellend!), vooral omdat al mijn zwangerschapsyoga-girlfriends al met 20 weken drie keer de lingeriewinkels hadden moeten plunderen en bovendien een familiepak Kleenex in hun inmiddels enorme beha’s moesten proppen tegen het lekken, maar ik liet me niet uit het veld slaan. Ik ging preventief langs een lactatiedeskundige, liet me verschillende vage kruidentheeën aansmeren en slikte Fenegriek-capsules voor het stimuleren van de melkklieren. Kortom: nooit een aanstaande moeder die beter beslagen ten ijs kwam.

En toen was het zover. Die eerste keer aanhappen. Nog plakkerig van de vernix en blauw van het zuurstofgebrek legde ik mijn jongetje aan de borst. En het arme kind wist voren niet dat ‘ie van achteren leefde. Het principe ontging hem compleet. Ik ging door de grond van de pijn. De helse steken in mijn borst kan ik vandaag de dag nog voelen. Binnen drie dagen stonden de blaren en bloedkorsten op mijn tepels. Maar dat was nog niet het ergste. Want veel alarmerender was het allesoverheersende gevoel van ellende op het moment dat er melk aan mijn lichaam onttrokken werd. Alsof iemand me met een hamer op mijn kop sloeg, iedere keer als die tepel dat mondje in ging. Totale lamlendigheid en hormonale chaos. Een waas voor mijn ogen, plotseling opkomende vermoeidheid, alsof ik overgenomen werd door mijn lichaam. Beangstigend.

Huilend heb ik drie maanden gevoed. En daarnaast gekolfd. Acht tot twaalf keer per dag. Omdat onze zoon op dat schamele beetje dat hij uit mijn borsten kreeg echt niet kon leven. Toen hij op een gegeven moment zoveel afgevallen was dat zelfs de meest extremistische lactatiedeskundige in Californië zorgelijk begon te kijken, werd manlief gesommeerd een professionele borstkolf te lenen van het ziekenhuis. Een enorm, onooglijk apparaat, dat een oorverdovend zuigend geluid maakte, iedere keer als ik het op mijn lichaam aansloot en dat werkelijk al het leven in mij met de melk mee naar buiten zoog. Een zombie was ik na een aantal weken. En op internet las ik over de geneugten van borstvoeding. De mama-rush, de oxytocine-high die iedere moeder blijkbaar moet krijgen zodra ze haar baby aankoppelt. Terwijl de hele wereld orgastisch zat te voeden, wilde ik het liefst dood. Ik heb me nog nooit zo schuldig gevoeld.

Na drie maanden was ik zo uitgemergeld en depressief dat manlief er noodgedwongen de stekker uit heeft getrokken. “En nu is het afgelopen,” zei hij, en bracht het kolfmonster terug naar het ziekenhuis. Na die eerste fles met kunstvoeding was onze zoon de gelukkigste baby van de wereld. Binnen twee weken was hij kogelrond en tevreden. Maar ik heb me nog tijden verteerd gevoeld door moederwroeging. De komst van  mijn tweede gaf me de kans het allemaal over te doen. Dit keer wél die gelukzalige borstvoedingsmoeder te zijn. Ja. Dus niet. Ik ben er niet voor gemaakt, dat lacteren. Ik ben een ontaarde moeder. Een moeder die haar eigen kind niet eens kan voeden. Het ultieme falen. Zo voelde het.

We hebben het altijd alleen maar over de roze melkwolken die ons moeders dienen te omringen als onze baby’s zich vastzuigen aan ons vlees. En kijken met een afkeurend oog naar onze collega-mama’s die in het park een doosje melkpoeder uit hun luiertas toveren. Nou, weet je wat: fuck de borstvoedingspropaganda. Ik vond er niks aan, dat borstvoeden. Ik vond het pijnlijk, slopend en ellendig. Ik heb mezelf twee keer maandenlang totaal voorbij gelopen, alleen maar omdat ik aan het ideaalbeeld wilde voldoen. Met verdriet, pijn en hongerige baby’s als gevolg. Was dat het waard? Dus niet.

Maanden van schuldgevoel, alleen maar door indoctrinatie. Ik ben pro-borstvoeding, absoluut. Als het gaat. Als het kan. Als je er gelukkig van wordt. Jij en je baby allebei. Ja, het is natuurlijk. Ja, het is goed voor je kind. Maar melkpoeder is ook voer. Mijn kinderen zijn er prachtig groot op geworden. Want aan mijn borsten hadden ze niks. En van de fles werden ze groot. En vooral: gelukkig. Dus toen mijn lieve vriendin me kort na de geboorte van haar zoon huilend appte dat ze verging van de pijn tijdens het borstvoeden en dat zij en haar baby steeds maar spruw en dus een paarse tong en paarse tepels van de gentiaanviolet hadden, dat ze het kolven een verschrikking vond en dat dit dus niet was wat ze ervan verwacht had, heb ik gezegd dat ze het zich niet aan moest trekken. Borst of fles, als je kind maar groeit en een blije baby is. Want een kind aan de tiet, zo vanzelfsprekend is dat echt gewoon niet.

Psst lees ook… Die bevalling ging nog wel, maar toen… Over de eerste 10 dagen erna.

Vala van den Boomen (37) is moeder van drie kinderen van 8, 6 en 2 jaar. Ze schreef jarenlang op Me to We over het reilen en zeilen in haar enigszins gemankeerde, maar wel erg leuke gezin. Met haar artikelen hoopte ze andere moeders een hart onder de riem te steken en wat nuchterheid (en het nodige sarcasme)  te brengen in de hysterie die het ouderschap van tegenwoordig vaak is.

Lees ook
Geschreven door
More from Vala van den Boomen

Autisme eerder te ontdekken door MRI: moeten we dat willen?

Geschat wordt dat bijna drie procent van de kinderen een Autisme Spectrum...
Lees verder