Ouders van vandaag: creëren zij de verwende nesten van morgen?

Tegenwoordig is er meer dan één opvoedmethode voor jonge ouders mogelijk. Maar de meeste methodieken gemeen hebben: de behoeften van het kind staan centraal. Alle behoeften dus. Het kind is koning. Alles voor een ‘veilige hechting’. Goed toch? Vala heeft er zo haar twijfels bij.

Onlangs las ik een interview met een moeder die spijt had van de manier waarop ze haar kind had opgevoed. Toen haar dochter geboren werd, besloot ze haar groot te brengen volgens de ‘Attachment Parenting’ methode, wat kort door bocht inhoudt dat de behoeften van je kind altijd centraal staan. Om een kind veilig te laten hechten is het volgens deze methode namelijk belangrijk dat je te allen tijde tegemoet komt aan de verlangens van je kind. Wil het niet in zijn eigen bedje slapen? Dan neem je het dus bij jou in bed. Wil het na een jaar nog steeds acht keer per nacht aan de borst, dan blijf je voeden. Zet de baby het op een brullen als je ‘m 10 seconden in de box zet? Dan koop je dus een draagdoek en zeul je er 24 uur per dag mee rond. Alles voor het kind en zijn gevoel gehoord te worden. Maar, zo vertelde de moeder in het artikel, vier jaar later had ze ‘een monster gecreëerd’.

Niets meer missen?
Meld je aan voor onze wekelijkse nieuwsbrief!

Het meisje was namelijk tot op het bot verwend geraakt, haar moeder ging zelfs zover om haar narcistisch te noemen. En wenste in retrospect dat ze het anders had gedaan. Terwijl ik het las kon ik kon niet anders dan denken: tja, eigen schuld. Ik geloof er namelijk niet in, dat hysterische hechtingsgedoe van tegenwoordig. En het feit dat al die kinderen maar zo nodig gehoord en gezien moeten worden. Ja, hechtingsstoornissen bestaan inderdaad. Maar er zijn maar heel weinig kinderen die ze hebben. En ze krijgen ze in ieder geval niet van af toe de deksel op hun neus krijgen als er geen gehoor wordt gegeven aan hun vele wensen, of emotionele uitbarstingen. Maar weet je wat je wél krijgt van al dat pamperen? Een generatie van onuitstaanbare verwende krengen. Van altijd maar op je wenken bediend worden, is namelijk nog nooit iemand een leuker of een beter mens geworden.

Attachment Parenting, Positief Opvoeden, Natuurlijk Ouderschap, eigenlijk doet het allemaal hetzelfde: van een kind een prinsje of prinsesje op de erwt maken. Ik zal wel weer tot ontaarde zure bitch bestempeld worden, maar sorry, ik zie het om me heen gewoon gebeuren. Kinderen die geen alsjeblieft en dankjewel meer hoeven zeggen, omdat dat ‘uit henzelf moet komen’, peuters die hun ouders een slaapdelirium bezorgen omdat papa en mama midden in de nacht met ze in discussie gaan over hun gevoelens, ipv ze te straffen omdat ze de hele hut wakker blèren, uitgeputte moeders die de hele dag met hun baby in een van oerossenwol geweven draagdoek door de kamer hopsen omdat ze zo verschrikkelijk aan ‘huidhonger’ lijden. En dan vinden we het gek dat we een generatie van zelfingenomen narcisten onder ons hebben zitten? Tja, ik vind het dus niet zo vreemd.

Overigens was ik zelf ooit één van die moeders die als de dood was dat haar kind een hechtingsstoornis, of op z’n minst een klein trauma, op zou lopen als ik mij niet volledig conformeerde aan zijn wensen. Met als gevolg dat ik dus een jaar lang op de grond naast zijn ledikant lag, hem bij ieder huiltje in de draagdoek (die ik overigens verschrikkelijk vond) propte, woest aan het Rapley-en sloeg toen hij toe was aan vast voedsel en bij iedere peuterdriftbui naarstig probeerde te achterhalen welke diepgewortelde zielepijn mijn 2-jarige dwars zat. Dodelijk vermoeiend. En weinig effectief bovendien, want het werd er thuis niet gezelliger op. Het kind werd doodnerveus en dus obstinaat van het gebrek aan grenzen en regels en de constante ‘keuzes’ die ik hem steeds maar heel pedagogisch verantwoord probeerde te geven en ik werd met de dag onzekerder omdat al die trucjes uit de modernistische opvoedbijbels geen zoden aan de dijk zetten. Zijn vader vond al veel langer dat van een beetje discipline nog nooit een kind was dood gegaan, maar ik wilde het niet horen. Tot ik zo moe en opgebrand was dat ik mijn dwarse peuter dus gewoon wél een keer op de trap kwakte na weer een woede-aanval. En hem drie nachten langer dan vijf minuten liet huilen als hij weer eens geen zin had om te slapen. Et voila: binnen afzienbare tijd was het gedonder over. Had ik (in ieder geval af en toe) mijn handen vrij en wist mijn kind waar hij aan toe was. Iedereen gelukkig. En ik was spontaan genezen van al die opvoed-onzin.

Inmiddels heb ik drie kinderen en ben ik fervent aanhanger van wat ik zelf ‘OO’ noem: Ouderwetsch Opvoeden. Lekker retro met straffen en belonen. Met “Omdat ik het zeg!’ en “Wat zeg je dan?”. Met regels die dus gewoon regels zijn. Mijn regels dus. En met ouders die af en toe flink uit hun slof schieten als die regels niet worden nageleefd. Mijn kinderen varen er wel bij en ik heb niet het idee dat ze getraumatiseerd aan het raken zijn. En al raakten ze dat wel, dan vind ik dat nog niet zo heel erg want ach, is niet iedereen tenslotte een product van z’n gemankeerde opvoeding en waar is therapie anders voor uitgevonden? Wie niet op enig moment een beetje jeugdtrauma te verwerken heeft, heeft mijns inziens ook niet echt geleefd.

Ik zie en hoor mijn kinderen echt wel, hoor. Ik kijk soms alleen de andere kant op. Of ik luister gewoon niet. Om drie uur ’s nachts bijvoorbeeld, als ik wil slapen. Omdat ík dat wil dus. En de laatste keer dat ik het checkte, was ik nog steeds de baas huis. Waarom? Nou gewoon, omdat ik het zeg. Such is life, kids. Deal with it.

LEES OOK: Waarom Nederlandse moeders van hun dochters verwende prinsesjes maken

Geschreven door
More from Vala van den Boomen

Heeft een kind altijd een moeder én een vader nodig?

Er is de laatste tijd veel aandacht geweest in de media voor...
Lees verder