Waarom je vooral moet blijven twijfelen over de opvoeding

Opvoeden is moeilijk. En iedere ouder twijfelt regelmatig over z’n aanpak. Waarom is er nou niet gewoon één manier om het te doen? Eén methode die goed is en waar iedereen zich aan houdt? Dat zou zoveel makkelijker zijn. Makkelijker, inderdaad. Maar misschien toch niet zo heel goed.

Vroeger was alles misschien niet per se beter, maar in ieder geval wel eenvoudiger. We leefden nog niet in een posttraditionele samenleving, zoals nu. En dus waren er duidelijke regels. Regels waar iedereen zich aan hield. Je leefde je leven op een bepaalde manier en dat was dat. Dat gold voor alles en dus ook voor het opvoeden van kinderen. Dat deden alle ouders vrijwel op dezelfde manier, want dat was de manier waarop het hoorde. En iedereen was er dus van overtuigd dat dat de goede manier was. En als jouw kind zich desondanks ontpopte tot de dorpsgek, nou ja, dan was dat heel jammer, maar dan wist je in ieder geval zeker dat het niet aan jou had gelegen. Een beetje rigide en weinig genuanceerd? Absoluut. Maar: wel duidelijk. En vooral ook: geruststellend. Want twijfelen over of je het wel goed deed, dat was niet nodig. Terwijl heden ten dage menig ouder regelmatig wakker ligt van die vraag. Want door al die verschillende bomen in het land der opvoeding zien we heel vaak het bos niet meer.

Lees ook: Alle moeders psychisch in de kreukels (en waarom we daarover moeten praten).

Tegenwoordig hebben we namelijk niet zoveel regels en tradities meer. De samenleving is veel minder star en rigide geworden dan hij heel lang was en we hebben veel meer de vrijheid om ons leven in te vullen zoals we dat zelf willen. Wat natuurlijk voornamelijk heel fijn is, maar soms ook nadelen met zich mee brengt. Want omdat we het nu allemaal zelf uit mogen (en vaak gewoon ook moeten) zoeken hebben we veel minder houvast. En veel meer verantwoordelijkheid. Althans, zo voelt dat vaak. Tradities zijn weliswaar vaak willekeurig, maar ze dienen hetzelfde belang: ze zorgen voor cohesie. Vallen tradities weg, dan zit er niks anders op dan maar gewoon iets te doen en te hopen dat het werkt. De dood of de gladiolen, zogezegd. En dat is best eng. Want: wat als het niet dus níet werkt? Dan gaat het fout en is het jouw schuld. Jij hebt dan tenslotte de verkeerde keus gemaakt. Jij en jij alleen. En niemand wil de mislukking van z’n kroost op z’n geweten hebben natuurlijk. Want hoewel we tegenwoordig geen schandpalen meer hebben, is de veroordeling in ouderland misschien wel harder dan hij ooit geweest is.

Daarnaast is er het probleem van de keuzestress: dat speelt op alle vlakken van het leven tegenwoordig, want we kunnen, mogen en willen opeens bijna alles en hoe aanlokkelijk dat ook klinkt, kiezen is gewoon niet homo sapiens’ beste kant. En er valt nogal wat te kiezen op opvoedgebied. De opvoedmethodes en trends schieten de laatste jaren als paddenstoelen uit de grond en welke is dan het beste? Wie het weet, die mag het zeggen. Probleem is alleen: niemand weet het. Dus twijfelen we ons een slag in de rondte en vragen we ons constant af of we niet bezig zijn onze kinderen enorm te verpesten. Ontzettend vermoeiend. En stressvol. Heel veel ouders hebben heel vaak stress. In tegenstelling tot de ouders van nog niet eens zo lang geleden, die het weliswaar natuurlijk net zo druk hadden met hun kinderen als wij, maar in ieder geval daarnaast niet óók nog de hele tijd enorm aan zichzelf als opvoeder hoefden te twijfelen. En als al dat twijfelen, draaikonten en uitproberen voor ouders al zo stressvol is, hoe is dat dan voor de kinderen zelf? Dat kan toch eigenlijk nooit goed zijn?

Gelukkig valt dat nogal mee. Volgens filosofen Stine Jensen en Frank Meester is twijfelen juist goed en moeten we dat ook vooral blijven doen. Twijfelen zorgt er namelijk voor dat je kritisch bent naar jezelf, dat je altijd blijft reflecteren en daardoor in staat bent om jezelf te corrigeren, te verbeteren en te vergeven. Bovendien maakt het je menselijk en dat is voor kinderen heel goed om te zien; dat papa en mama ook maar gewoon mensen zijn. Die fouten maken, het ook niet altijd precies weten en soms onhandige dingen doen. En dat dat dus gewoon mag. Daarnaast zorgt twijfel over jezelf en hoe je dingen aanpakt ervoor dat je open staat voor anderen en de manier waarop zij met dingen omgaan, en dat je bereid bent om te leren. Geen onbelangrijke waarden om mee te geven aan een kind. Want geen enkel besluit is nou eenmaal perfect. En bijna niks is een wet van Meden en Perzen. Opvoeden is en blijft een kwestie van trial and error en heel vaak, inderdaad, toch wel de dood of de gladiolen. En eigenlijk weet je pas of je het goed hebt gedaan als zo’n kind volwassen en het huis uit is en je van de politie geen berichten krijgt dat het op straat zomaar wildvreemde mensen in het gezicht loopt te spugen of prullenbakken in de fik steekt.

Toen mijn kinderen nog echt klein waren had ik heel vaak het gevoel dat ik geen flauw benul had waar ik nou eigenlijk mee bezig was. En wilde ik soms stiekem graag dat ik een moeder in de jaren ‘50 was, toen alles nog lekker simpel en overzichtelijk was. Had ik enorme behoefte aan iets of iemand die me vertelde hoe het moest. Maar, nu ze eenmaal wat ouder zijn en ik zie wat er (tot nu toe in ieder geval) van ze terecht is gekomen, realiseer ik me dat mijn kinderen, ondanks al mijn onzekerheid en de fouten die ik ongetwijfeld met ze gemaakt heb, best goed gelukt zijn. En dat dat voor een groot deel komt door mij. Omdat ik weliswaar gewoon maar wat gedaan heb, maar dat eigenlijk best prima is. De meeste ouders weten namelijk best wel wat ze doen, ook al voelt dat het heel vaak niet zo. En ook al zegt het populairste opvoedboek van dat moment iets heel anders. Er zullen nog vele momenten komen in mijn leven als moeder dat ik niet precies weet wat te doen. En dan zal ik op dat moment een keuze maken die mij op dat moment het beste lijkt. Niet omdat ik het allemaal zo goed weet, maar omdat ik het beste met mijn kinderen voor heb en altijd handel vanuit die gedachte. Meestal zal dat goed uitpakken, maar een aantal keer waarschijnlijk ook niet. Zo gaat dat in het leven. Want er is nou eenmaal niemand, die de wijsheid echt in pacht heeft. En eigenlijk is dat ook maar goed.

(Bron: Filosofie Magazine)

Lees ook: Toen Vala naar het Consultatiebureau ging en opeens een verslaafd kind had  

Lees ook
Geschreven door
More from Vala van den Boomen

Ja, je gaat echt op je moeder lijken (en waarom ik dat best eng vind)

We nemen het ons allemaal voor: ik word niet zoals mijn moeder....
Lees verder