Zullen we het eens hebben over de donkere kant van die eerste weken?

Barbara schreef weleens eerder over de schaduwzijde van de eerste weken van de zwangerschap. Over borstvoedingstress, slaapgebrek een eenzame nachten. Een lezer kaatste een keer terug: “Eenzame nachten? Hoezo? Je hebt je baby toch bij je?” Die rot-opmerking bleef maar door haar hoofd spoken.

Al bij deze openingszin heb ik het gevoel een mijnenveld te betreden. Ik ga een stukje schrijven over de donkere kant van het moederschap, ik ga heel open en eerlijk zeggen dat ik het natuurlijk fantastisch vond de eerste werken, vanaf minuut één, maar ik ga ook schrijven dat er tevens een heel moeilijke kant zit aan ie eerste weken, waar je zelden over hoort.

LEES OOK: Wat niemand je vertelt over de kraamtijd (echt niet!)

Want ja, ik zeg het maar zoals ik het heb ervaren: de eerste weken met een baby zijn de zwaarste uit je leven. Het begint al met de bevalling, waar je min of meer op voorbereid bent. Iedereen vertelt je wel dat het heftig zal zijn en pijn doet. Als je een beetje pech hebt, is het ook nog even spannend met het kind. Bij mij werd de oudste meteen bij me weggerukt omdat er iets was met poep in de longen. Ze legden hem in een plastic wiegje en de artsen renden met hem de ziekenhuisgang door, terwijl ik nog even een weeënopwekker kreeg omdat de placenta niet los wilde laten. Bij de tweede ging het de eerste uren goed, maar om 2 uur ’s nachts werd het kind opeens blauw en voor ik het wist lag het aan allemaal slangetjes en piepende apparaten.

Het was niks, beide keren, en zeer overweldigend. Maar prachtig? Mwa. Ik vond de bevalling alleen al enerverend genoeg voor 24 uur. Iedereen maakt rondom de bevalling iets heftigs mee, het kan ook zijn dat de borstvoeding niet lukt, dat je bent uitgescheurd, dat je een keizersnede krijgt. Toch zitten we elkaar wijs te maken dat het allemaal zo ‘prachtig’ is.

Wat je ook niet weet is dat je lichaam dat allemaal doormaakt, bij sommige is het zelfs een operatie, met hechtingen, maar dat je daarna NIET kan uitrusten. Je moet meteen aan de bak, met borstvoeding, luiers, kolven en nachten niet slapen. Je hebt het gevoel dat de hele wereld ligt te slapen, behalve jij. Ik schreef een keer over deze eenzame nachten met een baby, waarop een bezoeker op Facebook schreef: “Eenzame nachten? Hoezo? Je hebt je baby toch bij je?” Ja. En dat is fantastisch dat die baby er eindelijk is, dat is inderdaad waar je al die maanden naar hebt uitgekeken (in mijn geval zelfs jaren, want het duurde heel lang voor het lukte en o wat verlangde ik naar een baby), maar waarom is het zo erg om te zeggen dat het af toe gewoon ronduit klote is, zo’n pasgeboren kind dat nog niks kan?

Het huilt en je weet niet waarom, maar de stress giert door je lijf. Het kan die borst maar niet vinden, en iedereen vindt dat het aan de borst moet, want dat is het aller-aller-gezondst, en dus bijt je je erin vast, maar jouw kind misschien weer juist niet. Hoe denk je dat je je dan midden in nacht voelt, als je man ligt te slapen, want die moet morgen werken, en trouwens de rest van de stad ook – behalve jij, en jij hebt er zo veel behoefte aan. Als het eindelijk ochtend is, en iedereen naar is school, werk, weg, dan zit je daar. In je eentje in een stil huis. Je vrienden zijn aan het vergaderen, carrière aan het maken, op een verre reis, op een verse date, en jij? Nog maar een wandelingetje naar het Kruidvat? Een eerste lachje, daar kan niks tegenop, maar daar komt echt een hoop bij kijken hoor!

Die momenten dat alles lekker gaat, zijn natuurlijk geweldig. Dat je baby lekker gevoed in z’n wiegje ligt, dat je best een prima nacht hebt gehad (4 uur, want je standaarden veranderen zo snel als de gedaantes van Barbapappa) – het is allemaal onvergetelijk en prachtig. Maar een ander deel van die tijd bestaat uit dingen die helemaal niet leuk zijn, uit stress om drinken en krampjes, stress om te weinig nachtrust, stress over je lichaam. Komt het ooit nog goed, die blubberbuik? Hoe zie ik eruit van onderen? Zal ik ooit weer seks durven hebben? Me mooi voelen? Zullen mijn wallen verdwijnen? Zal ik ooit weer eens in mijn eentje de stad in kunnen? De combinatie werken en baby aankunnen? Gaan die krampjes ooit over? Zouden ze het op straat kunnen zien, dat mijn tieten net hebben gelekt? Kan ik hard genoeg naar huis lopen om de baby daar te laten slapen wan ik ben zo mooooooeeeeeeee.

Dat is niet leuk. Dat is allemaal stress. En daar wilde ik het nou een keer over hebben. Wij hebben allemaal ook genoten van onze baby, maar we hebben ook eenzame nachten gekend. Er zitten namelijk twee kanten aan dat verhaal. Aan het hele moederschap trouwens, want kleine baby’s worden ondernemende peuters en die veranderen weer in minipubers – allemaal fases die hun schaduwzijden kennen en die loodzwaar zijn. Hoe grappig en rijk die tijd ook weer is: er zijn dagen dat je denkt dat je het echt niet gaat halen, overleven tot acht uur en ze allemaal weer slapen. Voor al die andere moeders die daar geen last van hebben: gefeliciteerd. Misschien heb je heel relaxte kinderen – of geen behoefte aan het uiten van die andere kant van het moederschap. Dat is prima. Maar als wij wel de twee kanten van het verhaal willen uiten, respecteer dat dan, oké?

Lees ook: Ondergekotst? (check!), slaapgebrek? (check!): doe de baby bingo!

Barbara van Erp (48) is moeder van twee zoons: Felix (11) en Morris (6). Ze richtte Me to We op, omdat ze vond dat het tijd was voor een realistischer geluid uit moederland. Inmiddels is ze uit de luiers, maar ze weet nog maar al te goed hoe het was om kleine kinderen te hebben.

Lees ook
Geschreven door
More from Barbara van Erp

Zoek niet langer: deze speelgoedcamera gaat je kinderen van de bank krijgen!

Nu de zomervakantie nadert hangen Felix (11) en Morris (5) maar wat...
Lees verder