10 Fouten die je niet meer maakt als je een tweede kind krijgt

Het fijne van een tweede kind krijgen is dat je alles al een keer gedaan hebt. En dus vooral ook weet wat je allemaal NIET moet doen. Dat scheelt je een aantal vervelende vergissingen. Zoals deze bijvoorbeeld:

Lees ook: 11 Fouten die jonge ouders maken (en die je makkelijk kunt voorkomen).

  1. Bij de baby gaan kijken als die na een uur wiegen en zingen eindelijk slaapt. Want nee, hij ligt niet met z’n armpje klem door de spijltjes van het ledikant. En ja, hij ademt echt nog gewoon. Dat weet je inmiddels. Dus bedwing je die neiging om te gaan gluren en zet je een kop koffie voor jezelf. Omdat je ook weet: deze rust duurt maar heel kort.
  2. Je man toestaan naar boven te gaan als de baby slaapt. Mannen zijn namelijk niet in staat op een rustige manier de trap op te lopen, of zich überhaupt geruisloos voort te bewegen. Man naar boven, is baby wakker. Gegarandeerd. Jammer dus voor hem dat jullie maar één toilet hebben en dat dat in de badkamer is. Hij houdt het maar op en anders gaat ‘ie maar poepen bij de buren.
  3. De maximale hoeveelheid kraamzorguren aanvragen. Die eerste keer leek het je heerlijk, een hele week de hele dag zo’n dame in huis. Totdat je er eentje kreeg toegewezen waar het totaal niet mee klikte, je man haar ook wel kon schieten en je eigenlijk best snel gewoon weer overeind stond. En je er toen achter kwam dat het best wel lastig was om de hele tijd een onbekende in je huis te hebben. Deze keer teken je dus in voor drie uurtjes per dag. Meer dan genoeg om je onderkantje te bekijken en een dweil door de badkamer te halen tenslotte.
  4. Steeds te laat naar bed gaan. Ja, je weet het: pas ‘s avonds heb je (misschien) wat tijd voor jezelf. Met een clusterende baby tegen je aan, maar soit. En dus ging je bij je eerste steevast laat naar bed. Want eindelijk kon je nog even een serietje kijken, appen met je vriendinnen of gewoon even met je man praten. Maar vervolgens had je iedere ochtend het gevoel dat je was overreden door een vrachtwagen. En dan begon het hele babycircus weer opnieuw. Inmiddels weet je dus dat slaap goud waard is en kruip je tegelijk met je oudste kind onder wol. Vaak met baby aan je vastgeplakt, maar ach. Slaap is slaap.
  5. Een poepluier verschonen op de bank zonder matje. Want nu weet je: dan kun je dus een nieuwe bank kopen. Babypoep heeft namelijk de neiging zich op miraculeuze wijze te verspreiden buiten te luier. En die gele vlekken, die zijn hardnekkig.
  6. Je man de baby laten aankleden zonder van tevoren iets klaar te leggen. Gegarandeerd namelijk dat je kind er dan uit komt te zien als Pipo de Clown. En dat is zonde van al die leuke outfitjes die je in je verlof bij elkaar geshopt hebt.
  7. Boodschappen gaan doen zonder de luiertas mee te nemen. Ja, het is maar vijf minuutjes naar de supermarkt en ja, je hoeft alleen maar een pak melk te halen. Maar in precies díe vijf minuten krijgt je kind  gegarandeerd een spuitluier die zijn weerga niet kent. En sta je dus midden in de Appie met een baby die de poep langs z’n beentjes heeft sijpelen. Als ervaren moeder ga je nooit zonder noodvoorraad op pad. Nooit.
  8. Dure newbornkleertjes kopen. Bij je eerste heb je een rib uit je lijf uitgegeven aan leuke pakjes van hippe merkjes. Die uiteindelijk vooral superonhandig bleken te zijn (probeer maar eens een kleine baby in een skinny jeans te proppen) en die je kind bovendien niet eens allemaal aan heeft gehad omdat ‘ie er al uitgegroeid was toen je je herinnerde dat je die leuke pakjes ook nog had. Of ze waren na één keer dragen verpest omdat er zulke enorme poep, en zure melkvlekken op kwamen dat je ze eigenlijk meteen weg kon gooien. Doodzonde.
  9. Het volgens de boekjes proberen te doen. Waarom slaapt ‘ie maar zo kort? Waarom wil ‘ie meer drinken dan de richtlijn? De eerste keer kreeg je bijna een zenuwinzinking toen bleek dat jouw kind van alles helemaal anders deed dan het zou ‘moeten’. Want: was dat wel goed? Wel ‘normaal’? Inmiddels weet je: ieder kind is anders. En dat is prima. Je volgt dus je kind en die boekjes, die vind je ergens achterin de kast terug als je kinderen al lang uit huis zijn.
  10. Te weinig genieten. Nu weet je: een kind is maar heel kort klein. Voor je het weet willen ze niet meer bij je zitten en verlang je terug naar die avonden dat je urenlang met een piepkleine baby op je borst aan huis gekluisterd was. Ja, soms word je er gek van, maar deze tijd komt ook nooit meer terug. En dus geniet je ervan. Dit keer echt.

Lees ook: De misvattingen van het ouderschap: verwachting vs realiteit!

Vala (36) is journalist en tekstschrijver en heeft drie kinderen: een zoon van 7, die autisme heeft en twee dochters van 6 en 2 jaar. Vala heeft een chronische ziekte, maar probeert zich daar niks van aan te trekken (wat soms jammerlijk mislukt). Ze is getrouwd met Mario en samen runnen ze een nogal gemankeerd, maar heel erg leuk gezin. Want saai is het in ieder geval nooit.

Geschreven door
More from Vala van den Boomen

Waarom voedselallergieën bij kinderen niet altijd een hype-gevoelig fenomeen zijn

Die kinderen van tegenwoordig… Het lijkt het wel alsof ze nergens meer...
Lees verder