15 Dingen waar kleine kinderen vreselijk slecht in zijn

Kinderen zijn in heel veel dingen ontzettend goed. Knuffels geven bijvoorbeeld, moderne kunst maken, en functioneren op een minimale hoeveelheid slaap. Hun vele talenten zijn ongeëvenaard. Maar er zijn ook dingen, daar bakken ze dan weer niks van. Zoals:

LEES OOK: 25 Manieren om wraak te nemen op je kinderen als ze groot zijn.

1. Rennen. Je weet gewoon dat ze binnen afzienbare tijd plat op hun bek gaan, als je ze ziet versnellen met die kleine kromme beentjes. En je zou denken dat ze daar na drie tanden eruit  wel van geleerd hebben, maar dat blijkt toch altijd een illusie.

2. Op je rug krabben. Iedereen die weleens een kind heeft gevraagd eventjes op z’n rug te krabben weet dat je nog beter de hele dag met gierende jeuk rond kunt lopen. Een kind maakt het namelijk alleen maar erger met die kleine handjes die over je rug kriebelen als ware er een legioen spinnetjes uit hun vingers ontsproten.

3. Een duidelijk verhaal vertellen. Natuurlijk ben je geïnteresseerd in wat je kind te vertellen heeft. Maar dan zou het wel handig zijn als hun verhalen ergens op sloegen. En niet drie uur duurden.

4. Geduld hebben. Gouden tip: vertel een kind nooit van tevoren dat er iets leuks gaat gebeuren. Behalve als je het niet erg vindt om iedere vijf minuten: “Nee, nu nog niet” te zeggen in ieder geval.

5. Geen onfatsoenlijke vragen stellen aan vreemden. Want hoezo mag je niet aan een vrouw op straat vragen waarom ze zo dik is? Wat is daar nou erg aan?

6. Dingen niet herhalen. Het liefst vertellen kinderen hetzelfde verhaal, of stellen ze dezelfde vraag minstens zes keer. Ook als je de eerste keer al hebt aangegeven dat je ze gehoord hebt.

7. Hun grenzen kennen. Dat jij al lang weet dat als ze nu zo druk blijven doen, er zo meteen iemand op de grond ligt te huilen. Dat je ze dat dan verteld, maar ze dat natuurlijk onzin vinden. En dan…KLAP! BONK! AUW! AAAAAARGHHHH! Tja…

8. Geen ruzie maken met hun broertjes en/of zusjes. Iedere dag weer worden ze wakker met de gedachte: ‘Weet je wat nou leuk zou zijn? Als ik even lekker op mijn broertjes hoofd ga zitten.’ En dan verontwaardigd zijn als die dat dus helemaal niet zo leuk blijkt te vinden.

9. Dingen onthouden. Stomverbaasd kijken ze je aan als je ze vertelt dat ze hun tanden moeten poetsen, of hun speelgoed moeten opruimen. Alsof je iets volstrekt nieuws vertelt. Hoezo moet dat? Dat heb je ze nog nooit eerder verteld? Nee hoor mama, echt niet!

10. Onnodige informatie delen. Bijvoorbeeld hoe groot hun drol was. Of hoe groen hun snottebel was. Op zich hoef je dat allemaal niet te weten. Maar ze zullen het je vertellen.

11. Jongleren. Echt niet. Geloof me maar. Geef ze niks waarmee gejongleerd kan worden.

12. Kledingcombinaties uitzoeken. En dat jij vervolgens over straat moet met iemand die lijkt op de miniatuurversie van Pipo de Clown interesseert ze niet.

13. Keuzes maken. Ze willen wel keuzes hebben, maar dan vervolgens ook iets kiezen is weer een brug te ver. Dus kies jij iets en dan heb je ruzie, want dat is uiteraard de verkeerde keuze.

14. Naar bed gaan zonder een fittie te schoppen. Je zou denken dat ze op een gegeven moment wel weten dat bedtijd een soort terugkerende gebeurtenis is waar je nou eenmaal niet onderuit kunt. En dat die fittie dus geen zin heeft. Maar nee heb je, ja kun je krijgen tenslotte. En niet geschoten is altijd mis.

15. Afstanden inschatten die ze kunnen springen. Echt heel slecht zijn ze daarin. Heel erg slecht.

LEES OOK: 25 Momenten waarop je stiekem een beetje een hekel hebt aan je kind.

Geschreven door
More from Vala van den Boomen

Australische anti-vaccinatie ouders krijgen lik-op-stuk: geen prik, geen geld

No jab, no pay (geen prik, geen geld), is het nieuwe vaccinatiecredo...
Lees verder